Kapitalisten en andere psychopaten
15 mei 2012
Door William Deresiewicz
De 'rijken' zijn een voortdurend onderwerp van gesprek. Wie
zijn ze? Wat is hun sociale nut? Zijn ze goed of slecht? Welnu,
kijk eens naar het volgende: een recente studie wees uit dat
10% van de mensen op Wall Street 'klinisch psychopaat' is,
een gebrek aan interesse in of empathie voor anderen, en een
"ongezien talent voor leugens, verzinsels en manipulaties"
aan de dag legt. (Over het geheel van de bevolking gaat het
om 1%). Uit een andere studie kwam naar voor dat mensen die
rijk zijn meer liegen, vals spelen en de wet overtreden.
Wat me verbaast aan deze conclusies is dat dat als verrassend
wordt ervaren. Wall Street is kapitalisme in zijn puurste
vorm, en kapitalisme is synoniem met slecht gedrag. Maar dat
is geen nieuws. De Engelse schrijver Bernard Mandeville stelde
zoiets bijna drie eeuwen geleden al vast in een satirisch
gedicht annex filosofisch essay met de titel 'The Fable
of the Bees'.
'Particuliere slechtheid, collectieve winst' was de subtitel
van het boek. Als een Machiavelli van de economische wereld
- een man die ons afbeeldde zoals we zijn, niet zoals we graag
denken dat we zijn - stelde Mandeville dat de handel welvaart
creëert door het sturen van onze drie natuurlijke impulsen:
fraude, luxe en trots. Met 'trots' bedoelde Mandeville 'ijdelheid';
met 'luxe' bedoelde hij de neiging om 'toe te geven aan elke
impuls'. Deze creëren vraag, zoals elke reclameman weet.
Aan de aanbodzijde vinden we de fraude. "All Trades
and Places knew some Cheat, / No Calling was without Deceit."
("Een oplichter in elke branche, op elke hoek/misleid
worden we bij elk bezoek")
Met andere woorden: Enron, BP, Goldman, Philip Morris, G.E.,
Merck, etc., etc. Valsheid in geschrifte, belastingontduiking,
dumpen van giftig afval, overtredingen van de warenwet, doorgestoken
kaart bij aanbestedingen, te hoge rekeningen, meineed. Dexia,
Vestia, News Corp. - het straalt je op elke willekeurige dag
tegemoet in het zakenkatern. Je werknemers afknijpen, je klanten
belazeren, het milieu naar z'n mallemoer helpen. En de burger
kan dokken. Het zijn geen incidenten; zo werkt het systeem:
pakken wat je pakken kunt en er tussenuit muizen als je gesnapt
wordt.
Het idee van een business school heb ik altijd amusant gevonden.
Welke vakken bieden ze daar aan? Weduwen en wezen beroven?
De armen een poot uittrekken? Van twee walletjes eten? Binnenlopen
op kosten van de belastingbetaler? Enkele jaren geleden zag
ik een documentaire 'The Corporation' die het uitgangspunt
aanvaarde dat bedrijven personen zijn, om zich vervolgens
af te vragen wat voor soort mensen dat dan zijn. Het antwoord
was - inderdaad - psychopaten: onverschillig tegenover anderen,
zonder enig schuldgevoel, helemaal toegewijd aan hun eigen
belang.
Er zijn ethisch verantwoorde bedrijven, ja, en ethisch verantwoorde
zakenmensen, maar ethiek is in het kapitalisme verre van verplicht,
geheel extrinsiek. Wie moraal verwacht van de markt maakt
een grote fout. Kapitalistische waarden staan lijnrecht tegenover
die van onze Christelijke cultuur (dat de schreeuwerigste
Christenen in het openbare leven ook de meest strijdlustige
voorstanders van een ongebreidelde vrije markt kunnen zijn
ligt aan hun eigen geweten). Kapitalistische waarden staan
ook lijnrecht tegenover democratische waarden. De principes
van een regeringsvorm op democratische waarden vereist van
ons dat we rekening houden met de belangen van anderen. Kapitalisme,
gebaseerd op het eenzijdig najagen van winst, wil ons doen
geloven dat het ieder voor zich is.
De laatste tijd hoor je vaak de term 'banenscheppers', een
term waar ze vooral langs rechts nogal verzot op zijn, en
die is geïnspireerd op Ayn
Rand. De rijken verdienen onze dankbaarheid en alles wat
ze bezitten. Al het andere is jaloezie.
Ten eerste: als ondernemers 'banenscheppers' zijn, dan zijn
arbeiders dus 'welvaartscheppers'. Ondernemers gebruiken welvaart
om banen te scheppen voor arbeiders. Arbeiders gebruiken arbeid
om welvaart te scheppen voor ondernemers - het surplus noemen
we bedrijfswinst. Geen van beide partijen wenst de ander een
dienst te bewijzen, en toch gebeurt dat.
Daarbij is er een verschil tussen rijken en ondernemers,
en overlappen beide elkaar maar voor een klein deel. De meeste
rijken zijn geen ondernemers; ze zijn topmanagers van grote
bedrijven, rijke chirurgen en advocaten, de succesvolste artiesten
en sportmensen, mensen die hun geld simpelweg geërfd
hebben en - jawel - mensen die op Wall Street werken.
En het belangrijkste: noch ondernemers, noch de rijken hebben
een monopolie op intelligentie, hard werken en risico. Er
zijn wetenschappers en artiesten die net zo slim zijn als
willekeurig welke ondernemer, maar die geïnteresseerd
zijn in een heel andere beloning. Een alleenstaande moeder
met een voltijdse baan die avondschool volgt werkt even hard
als de manager van een hedge fund. Iemand die een hypotheek
neemt of een gezin sticht op basis van een job waarvan ze
weet dat ze die elk moment kan kwijtraken (met dank wellicht
aan een van die 'banenscheppers') neemt evenveel risico als
iemand die een bedrijf start.
Op basis van deze aannames worden belangrijke politieke beslissingen
genomen: waar wordt belasting op geheven en hoeveel; hoeveel
geld wordt er uitgegeven en aan wie. En hoewel 'banenscheppers'
een nieuwe term is, de bewieroking die ervan uit straalt -
en de minachting waarmee hij zo duidelijk gepaard gaat - is
dat niet. "Arme Amerikanen worden gestimuleerd zichzelf
te haten," schreef Kurt Vonnegut in Slaughterhouse-Five.
En dus: "Maken ze zichzelf belachelijk en vereren ze
hun meerderen."
"Onze meest destructieve leugen," zo voegde hij
eraan toe, "is dat het voor elke Amerikaan eenvoudig
is om geld te verdienen." Die leugen wordt instandgehouden.
De armen zijn lui, dom en slecht. De rijken zijn geniaal,
dapper en goed. Hun goedheid straalt af op de rest.
Mandeville geloofde dat individueel eigenbelang kon bijdragen
aan het algemeen belang, maar in tegenstelling tot Adam Smith,
meende hij niet dat eigenbelang dat op eigen houtje kon. De
hand van Smith was "onzichtbaar" - de automatische
werking van de markt. Mandeville zag de noodzaak van de "strakke
hand van een bekwaam politicus" - in moderne taal: wetten,
regulering en belastingen. Of zoals hij het zelf zei: "Vice
is beneficial found, / When it's by Justice lopt, and bound."
- "Zonde wordt algemeen goed bevonden/indien door rechtvaardigheid
gestuurd en gebonden".
Origineel: 'Capitalists
and Other Psychopaths'
Vertaling©: Arjan Plantinga
|
© Arjan Plantinga
Alle rechten voorbehouden
|
|
|
|
|
|
|