Leugens maken ons bang
9 januari 2012
Door Arjan Plantinga
Als u als nieuwsvolger zegt "ik wil weten wat er in
de wereld gebeurt" over welke wereld heeft u het dan?
Bedoelt u de wereld zoals hij ons door onze officiële
infokanalen (onderwijs, gevestigde media) wordt voorgehouden?
Of bedoelt u de wereld zoals hij werkelijk is: boosaardige
organisaties van harteloze psychopaten die middels massamoord,
afpersing en bedrog enorme rijkdom en macht hebben verzameld
en die steeds meer geweld en steeds groteskere leugens nodig
hebben om die rijkdom en macht niet kwijt te spelen en nog
verder uit te breiden?
Hoeveel mensen zien dat er steeds grote discrepanties ontstaan
tussen hetgeen onze politieke leiders in die eerste wereld
zeggen om niet te hoeven erkennen wat ze in die tweede wereld
doen?
Hoeveel mensen wensen koste wat kost vast te houden aan het
onwrikbaar lijkende vertrouwen dat die eerste wereld echt
is en die tweede alleen bestaat in de hoofden van dwaze randfiguren
die achter alles een complot vermoeden?
Ik zal het u zeggen: veel!
Zien die mensen dan niet dat er iets (veel) niet klopt? Zien
die mensen niet dat onze politieke leiders, onze media en
onze onderwijsinstellingen sprookjes vertellen en er iets
heel anders gaande is dan ze ons willen laten geloven? Zien
die mensen niet de flagrante hypocrisie, de platvloerse leugens?
Ze zien het wel.
Maar ze verdrukken het, willen het niet luidop erkennen,
willen niet worden geconfronteerd met de consequenties van
een dergelijke erkenning. Iemand betrappen op een leugen geeft
ons een ongemakkelijk gevoel. Meerdere mensen tegelijk betrappen
op een lange reeks enorme leugens verlamt ons. We zoeken naar
allerlei uitvluchten om het maar niet te moeten toegeven,
hebben de innerlijke kracht niet om ze ermee te confronteren.
Mensen hebben schrik voor de leugen.
Iedereen kent wel een fantast in zijn directe omgeving. Meestal
een man. Iedereen heeft al gezien hoe mensen ongemakkelijk
naar hun grote teen staren, met hun servet beginnen spelen,
zich onrustig achter hun oren krabben wanneer de fantast hen
een verzonnen verhaaltje opdist. Vraag: hoeveel mensen confronteren
de fantast met het feit dat ze hem niet geloven? Vrijwel niemand.
Men lacht een beetje en probeert snel van onderwerp te veranderen,
reageert met een vrijblijvend "echt waar?". Vrijwel
niemand zal zeggen: "Ik geloof je niet. Je liegt."
Als we dat in onze eigen vrienden- of familiekring al niet
doen hoe kunnen we dan verwachten dat een samenleving dat
wel doet wanneer we onze politieke leiders op een leugen betrappen?
We baseren onze reacties en daaruit volgende daden niet op
objectieve informatie, op feiten en controleerbare gegevens.
We durven geen uiting te geven aan onze twijfels en waaien
mee met de meerderheid. We willen niet uit de toon vallen.
Willen ons aansluiten bij de groep die het sterkst lijkt,
om die groep niet tegen ons in het harnas te jagen, ook al
weten we dat het onzin is wat ze zeggen.
Vrijwel iedereen weet dat het verhaal dat ons is op de mouw
gespeld over de aanslagen van 11 september, Londen, Madrid,
Bali en Bombay niet klopt. Slechts een minderheid zal dit
openlijk erkennen. Deze erkenning zou de deur van de veilige
cocon waarin we ons denken te bevinden te wijd open zetten.
Deze erkenning zou ons dwingen zeer grote veranderingen te
eisen. Maar we willen geen grote veranderingen. We willen
ons leventje leiden, zonder gezeur, zonder nog meer kopzorgen
bovenop de grote moeite die iedereen sowieso al heeft om de
moderne wereld het hoofd te bieden.
En dus zwijgen de meeste mensen, worden zij die een en ander
wel openlijk durven erkennen uitgelachen, weggehoond.
"We hebben het toch goed," zeggen de mensen. "Waarom
zou ik grote veranderingen over me afroepen door te erkennen
dat we worden bestuurd door misdadigers en leugenaars?"
Ze realiseren zich niet hoeveel beter ze het zouden hebben
als ze het wel zouden doen. Ze realiseren zich niet hoeveel
leuker de wereld zou zijn als we niet de helft van onze inkomsten
moeten afgeven aan overheden die er wapens van kopen en nog
grotere misdadigers en leugenaars toestaan veel te veel voor
zichzelf te houden. Ze realiseren zich niet hoeveel leuker
de wereld voor iedereen zou zijn wanneer onze grootste intellecten
hun kennis en creativiteit niet zouden verkwisten aan het
bedenken van wapensystemen en computermodellen waarmee ze
de internationale handel kunnen manipuleren, aan het onderdrukken
van de werkende mens.
In vergelijking met de totale opbrengst van onze economische
activiteit kost gratis openbaar vervoer en gratis gezondheidszorg
en onderwijs voor iedereen een schijntje. Waarom hebben we
geen gratis openbaar vervoer en gratis gezondheidszorg en
onderwijs? Omdat slechts een minimaal klein deel van de totale
opbrengst van onze economische activiteit ten goede komt aan
de werkende mens.
Het grootste deel wordt opgeslokt door de eigenaren van onze
industriële productiemiddelen, door de aandeelhouders
van de wapenindustrie, van de banken, van de mijnen en fabrieken,
van de multinationals. De werkende mens, dat deel van de bevolking
dat al het werk doet op deze planeet, wordt afgescheept met
een aalmoes in vergelijking met wat ze toekomt. En we vinden
het goed. We mopperen niet, omdat het ons menselijke karakter
zit opgesloten conflicten uit de weg te gaan en de heersende
klasse dus niet met hun leugens en misdaden te confronteren.
We gaan zelfs zo ver om dat kleine deel van de mensen die
dat wel doet te veroordelen, bang als we zijn dat er hommeles
van komt.
Het is door die angst voor de confrontatie dat we ons nu
weeral met open ogen om de tuin laten leiden door onze politieke
leiders en door onze media, die ons willen wijsmaken dat Iran
een bedreiging vormt voor de wereldvrede.
Alle objectieve informatie die ons ter beschikking staat
wijst in de richting van het tegendeel, en toch lijkt een
meerderheid de leugens van de VS en Israël te willen
geloven, en zonder substantieel protest de volgende massamoord
toe te staan - de massamedia voorop.
Kritische geluiden zijn op radio en tv nauwelijks te horen.
Dat kan ook niet, omdat bij elke analyse van de zogenaamde
experts die de gevestigde media aan het woord laten ervan
uitgegaan wordt dat de alles-definiërende terroristische
aanslagen van het eerste decennium van de 21e eeuw zijn gepleegd
door moslimfundamentalisten. Het politieke en maatschappelijke
debat is opgebouwd rond die enorme leugen. Wie vanmorgen filosoof
Ignaas Devisch hoorde raaskallen bij het Radio1-programma
Joos kreeg daarvan een mooi voorbeeld. Hij riep weliswaar
op tot een discensus, tot het durven een afwijkende mening
te hebben, noemde het uiteraard allemaal zeer complex (wat
het niet is), maar ook hij illustreerde zijn standpunt met
moslimfundamentalisten & 11 september.
Mensen willen geen oorlog. Mensen willen andere mensen respecteren
en hun het recht op een vreedzaam bestaan niet ontnemen. Mensen
hebben in wezen een afkeer van geweld tegen andere mensen
en dieren.
Maar mensen zijn ook volgzaam, willen graag iemand volgen
die de schijn wekt te weten hoe het moet, die de moeilijke
beslissingen voor ons neemt en de verantwoordelijkheid voor
alles op zijn schouders wenst te nemen.
Die volgzaamheid, die weerzin om mensen met een leugen te
confronteren gecombineerd een samenleving die is gebouwd op
een inconsistente verzameling uitgangspunten duwt ons nu langzaam
over de rand van de afgrond.
Er worden ons nog wel keuzes geboden, maar de keuzemogelijkheden
zijn beperkt tot variaties van hetzelfde. Willen we een aanval
op Iran of willen we het land verlammen met eenzijdige economische
sancties? Iran gewoon met rust laten omdat het land op geen
enkele manier een bedreiging vormt voor ons of voor zijn buurlanden
is al lang geen optie meer. Zelfs met de Iraanse regering
een gesprek aangaan wordt niet overwogen. Er wordt door geen
enkele politicus of analist over gesproken. De Republikeinse
presidentskandidaat Ron Paul is de enige uitzondering en zie
hoe hij door alle Westerse media in het beste geval genegeerd,
maar in de meeste gevallen verketterd wordt.
De economische crisis wordt op een zelfde eenzijdige manier
benaderd: we moeten besparen, de schuldenberg is te groot.
Het enige discussiepunt is hoe de besparingen verdeeld moeten
worden. Niet besparen is niet bespreekbaar. De schulden kwijtschelden
en alle schuldeisers voor het falen van hun investeringen
laten opdraaien is onbespreekbaar.
Logisch, want alle media en alle academici staan op de loonlijst
van die schuldeisers, en het zijn diezelfde schuldeisers die
er belang bij hebben dat er een militair conflict met Iran
(of elders) ontstaat.
En geloof me: een meerderheid van de mensen om u heen ziet
dat echt wel. Maar een te groot deel van die mensen is niet
bereid openlijk voor die mening uit te komen.
Die struisvogeltactiek kon eens wel eens allemaal de kop
kosten. Is het nu niet, dan zullen de poppenspelers er in
een later stadium wel in slagen ergens op de wereld een nieuwe
oorlog te ontketenen.
Waar?
In Europa...?
De Amerikanen trekken zich terug uit Europa, zogenaamd om
te besparen en tegelijkertijd zien we enkele boemannen binnen
Europa aangeduid worden. De Hongaarse premier Orban heeft
de strijd aangebonden met de bankiers in zijn land, en zie
hoe snel de politieke trekpoppen ergens in een tv- of radiostudio
komen opdraven om Orban te verketteren. Zie ook de toespraak
van über-Zionist Daniel Cohn-Bendit (what's in a name?)
die Orban "een Europese Chavez" noemde. Hou dat
in de gaten, want een militair conflict met Hongarije kan
voor de Poppenspelers een prima alternatief zijn voor een
aanval op Iran. De sfeer die dat mogelijk moet maken wordt
nu langzaam gecreëerd.
Ook Griekenland is al in een hoek gedrukt, en bij zeer veel
mensen in het Westen is al een sfeer ontstaan die een voedingsbodem
biedt voor een gewapend ingrijpen tegen dat land.
Zijn er nog aanwijzingen? In Zweden lijkt een nieuwe Bende
van Nijvel actief te zijn, Anders Breyvik houdt wellicht verband
met die huidige golf van schietpartijen in Malmö, de
schietpartij in Luik eveneens. U gelooft die verhalen van
een gestoorde eenling? Ik niet. Europa wordt op subtiele wijze
gedestabiliseerd. Het vreedzame naoorlogse Europa is om zeep,
bewust om zeep geholpen. Er zijn spoken losgelaten in de samenleving,
ze waren rond, maken de mensen onrustig, tasten de rationaliteit
verder aan. Het gebrek aan weerstand tegen de besparingen
van Westerse regering, het gebrek aan weerstand tegen de afnemende
vrijheid en het gebrek aan weerstand tegen de medeplichtigheid
van onze maatschappelijke bovenlaag en de media zal voor de
Poppenspelers het signaal zijn dat de tijd rijp is om de uitvoering
van hun plannen in een hogere versnelling te schakelen. De
wil van de mensen lijkt gebroken of staat op het punt te breken.
De burgers van Europa lijken klaar om een nieuwe dictatuur
in de armen te sluiten, een dictatuur die ze de illusie geeft
dat alles weer wordt zoals het was.
Of moet ik positief blijven en blijven geloven dat de 99%
zijn schroom van zich af zal schudden en binnenkort wel de
mentale kracht zal hebben hun leiders het hoofd te bieden
en hun lot in eigen handen te nemen?
Ik vrees van niet. De Poppenspelers hebben nog twee of drie
jaar nodig om alle macht van de lidstaten over te hevelen
naar Brussel. Eens ze daar mee klaar zijn zal de economie
wonder boven wonder weer op peil komen en zullen de mensen
opgelucht adem halen. Het Europa van 2015 zal echter niet
het vrije Europa zijn waarvan we in 2008 afscheid hebben genomen.
De vraag is wellicht alleen nog of ze een oorlog zullen denken
te moeten gebruiken of dat ze die stok achter de deur voor
de volgende crisis zullen bewaren.
Mijn hoop?
Dat ik volledig ongelijk heb.
|
© Arjan Plantinga
Alle rechten voorbehouden
|
|
|
|
|
|
|