Toenemende rivaliteit tussen China en de VS wordt steeds
dreigender
13 augustus 2010
Door Peter
Symonds
De regering van Barack Obama ligt weer op ramkoers met China
en heeft de situatie recent flink laten verslechteren. Na
een korte onderbreking in mei en juni - toen de VS de steun
van China voor nieuwe sancties tegen Iran nodig hadden - hebben
de VS de gespannen verhoudingen met China door een aantal
agressieve zetten in oost- en zuid-oost Azië met opzet
aangewakkerd.
In een toespraak voor het Veiligheidsforum van de zuid-oost
Aziatische landen (ASEAN) koos de Amerikaanse minister van
Buitenlandse Zaken Clinton zeer provocerend de kant van Vietnam
en enkele andere ASEAN-landen in hun grensconflicten met China
in de Zuid-Chinese Zee. Peking deelde daarna aan twee hooggeplaatste
Amerikaanse diplomaten mee dat China de Zuid-Chinese Zee als
een van zijn belangrijkste invloedssferen ziet. Clinton negeerde
de boodschap en verlangde "ongehinderde toegang"
tot de dor China opgeëiste wateren. De Chinese minister
van Buitenlandse Zaken Yang Jichi noemde die eis "in
feite een aanval op China".
Enkele dagen later begonnen de VS ondanks de Chinese protesten
aan een marine-oefening met Zuid-Korea in de Japanse Zee.
Aan die oefening, zogenaamd een antwoord op het tot zinken
brengen door Noord-Korea van een Zuid-Koreaans marineschip,
namen 20 Zuid-Koreaanse en Amerikaanse schepen deel, waaronder
het reusachtige vliegdekschip George Washington. Het Pentagon
heeft voor later dit jaar een nieuwe zee-oefening aangekondigd,
deze keer in de Gele Zee - nog dichter bij het Chinese vasteland.
Vorige week kwamen er details naar buiten over een nucleair
verdrag dat de Obama-regering met Vietnam overeengekomen is.
Het verdrag betekent dat Vietnam zal gaan profiteren van de
Amerikaanse nucleaire technologie. Na de rugdekking voor Vietnam
over de disputen in de Zuid-Chinese Zee was die overeenkomst
een nieuwe aanwijzing voor nauwere, tegen China gerichte samenwerking
tussen de VS en Vietnam. Zoals te verwachten was men in Peking
zeer geërgerd en verweet men de Amerikanen een "dubbele
moraal", die de "huidige internationale verhoudingen
ernstig onder druk zet".
Achter de opgelopen spanning gaan ingrijpende veranderingen
in het mondiale machtsevenwicht schuil. De snelle opkomst
van China in de laatste twee decennia - waardoor het land
nu de op één na grootste economie ter wereld
is geworden - gooit de verhoudingen in Azië en over heel
de wereld overhoop. De VS reageren op hun eigen economische
ondergang met de inzet van hun militaire macht, om zo de heerschappij
over de energievoorraden in centraal Azië en het Midden-Oosten
zeker te stellen. Tegelijkertijd wordt China in de tang genomen
doordat de VS zich laten gelden van Japan en Zuid-Korea tot
ver in zuid-oost Azië, India, Pakistan en Afghanistan.
De wereldwijde economische crisis waarin we sinds 2007 in
verkeren heeft de rivaliteit tussen de twee landen serieus
versterkt. Aan het begin van die crisis, toen het hele financiële
systeem ineen dreigde te storten, zocht Obama hulp bij China.
Als grootste schuldenaar in de wereld zijn de VS sterk van
de geldstroom uit China afhankelijk. Nu dat de financiële
storm een beetje is gaan liggen hebben de VS Peking enerzijds
met een aantal lastige vraagstukken opgezadeld (het opwaarderen
van de Chinese munt, handelsvraagstukken en initiatieven met
betrekking tot de CO2 uitstoot) en begon men tegelijkertijd
actief in te grijpen in de Aziatisch-Oceanische regio.
Afgelopen juli stelde Clinton onverbloemd dat "de VS
terug zijn in Azië" - een toespeling op de kritiek
op de Bush-regering dat men geen oog had voor het Verre Oosten.
Clinton kondigde een nieuw diplomatiek offensief aan en zei
tegen journalisten: "Ik weet dat veel buurlanden zich
zorgen maken over de opkomst van China. Daarom willen wij
de banden met veel landen in oost - en zuid-oost Azië
versterken."
John Mearsheimer, professor Politieke Wetenschappen aan de
universiteit van Chicago, sprak tijdens een voordracht met
als onderwerp "China's uitdaging van de Amerikaanse macht
in Azië" op de gevaarlijke gevolgen van een escalerend
Chinees-Amerikaans conflict. Uitgenodigd door de faculteit
Internationale Veiligheid van de universiteit van Sydney schetste
Mearsheimer, een scherpzinnige en alerte analist van het Amerikaanse
buitenlandse beleid, een somber beeld van de vooruitzichten
op vrede in Azië en dientengevolge voor de rest van de
wereld. Hij vertelde dat China als gevolg van zijn adembenemende
economische expansie zal proberen de belangrijkste macht in
de regio te worden, en potentiële rivalen op dezelfde
niets ontziende manier zal uitschakelen als de VS dat met
hun rivalen op het westelijk halfrond hebben gedaan.
"China's opkomst zou voor Australië een reden tot
zorg moeten zijn," stelde Mearsheimer, "want die
zal zeker leiden tot een intensieve wedloop tussen China en
de VS, met een grote kans op een oorlog. Daarbij zullen de
meeste buurlanden van China,inclusief India, Japan, Singapore,
Zuid-Korea, Rusland, Vietnam en ja, ook Australië de
kant van de VS kiezen, om China's macht in te dammen. Om het
luid en duidelijk te stellen: de opkomst van China kan niet
vreedzaam verlopen."
Mearsheimer ziet vreedzame uitgangspunten en goede bedoelingen
om een conflict te vermijden als kansloos. Het is onvermijdelijk
dat wat het ene land als een versterking van de landsverdediging
ziet door de ander als een gevaarlijk bewapening gezien wordt.
Vanuit het standpunt van de Chinese leiders, zo zei hij, is
het zeer verstandig om de strijdkrachten van het land te versterken
om hun mondiale belangen te kunnen behartigen. De recentste
ervaringen bewijzen, aldus Mearsheimer, dat de Chinezen de
conclusie zullen trekken dat zij (de VS) gevaarlijk en oorlogszuchtig
zijn. "Tenslotte verkeerden de VS in 14 van de 21 jaar
sinds het einde van de Koude Oorlog in oorlog. Dat betekent
dus in 2 van de 3 jaren. Men moet ook niet vergeten dat de
regering van Obama momenteel openlijk op een confrontatie
met Iran aanstuurt."
China's economische verrijzenis tot grootste lage lonen-land
van de wereld heeft een geweldige toename van de import van
grondstoffen van over de hele planeet noodzakelijk gemaakt.
Onmisbare olie en aardgas worden voor de helft geïmporteerd,
grotendeels uit het Nabije Oosten en Afrika. Daarom is China
vastbesloten om zijn zeewegen over de Indische Oceaan en de
Zuid-Chinese Zee zeker te stellen door de marine gevoelig
uit te breiden. De VS zijn echter net zo vastbesloten dit
te verhinderen en de eigen overheersing op zee te handhaven.
Mearsheimer verklaarde dat Australië - dat er tot nu
naar heeft gestreefd het evenwicht te behouden tussen de economische
belangen als exporteur van grondstoffen naar China en traditionele
militaire alliantie met de VS - onvermijdelijk in het conflict
betrokken zal worden. Om van de Indische Oceaan naar de Zuid-Chinese
Zee te varen heeft de Chinese handelsvloot maar drie mogelijkheden:
de Straat van Malakka, die praktisch door Singapore, een bondgenoot
van de VS, gecontroleerd wordt, en twee doorgangen tussen
de Sunda-eilanden door en dan noordwaarts door de Indonesische
archipel, die allebei dicht bij het Australische vasteland
liggen. "De stappen die China zal ondernemen om de bedreiging
die Australië voor zijn zeeroutes vormt te neutraliseren,
..., zullen Canberra met zekerheid ertoe aanzetten om meer
met Washington samen te werken en zo China in te tomen."
Mearsheimer gaf zonder meer toe dat zijn conclusies absoluut
deprimerend zijn. Daarbij zijn er, ook wanneer de opkomst
van China zich over de komende twee decennia uitstrekt, onmiddellijke
effecten. De VS hebben de afgelopen jaren duidelijk hun bereidheid
getoond om agressief militair op te treden - vooral in Irak
en Afghanistan - om hun belangen te verdedigen tegenover hun
rivalen. De hele tactiek van het Pentagon is er volgens Mearsheimer
op gericht de opkomst van andere machten - vriend of vijand
- die in staat zouden zijn de militaire overmacht van de VS
uit te dagen, te verhinderen. De laatste stappen van de VS
in Azië zijn onderdeel van een strategie die erop gericht
is de verdere opkomst van China te verhinderen, doordat men
verzet biedt aan de regionale invloed en de militaire uitbreiding
grote hindernissen in de weg legt.
Het Amerikaans-Chinese conflict heeft belangrijke historische
parallellen. Aan het begin van de 20e eeuw startte Duitsland
aan haar opkomst als dynamische, kapitalistische concurrent
van het Engelse imperium. Het leidde tot twee vernietigende
oorlogen. In de jaren '30 en '40 vormde de opkomst en de behoefte
aan nieuwe markten en grondstoffen van Japan een bedreiging
voor de Amerikaanse imperialistische belangen in Azië.
Het is dan ook van grote betekenis dat de uitbreiding van
de Tweede Wereldoorlog naar het Verre Oosten werd veroorzaakt
door een olie-embargo dat was uitgevaardigd om Japan op de
knieën te krijgen. Sinds het einde van Tweede Wereldoorlog,
en Peking zal zich daar terdege van bewust zijn, hebben de
VS veel moeite gedaan om de energievoorziening van huidige
en toekomstige rivalen steeds weer te kunnen saboteren.
Terwijl het wereldkapitalisme in de ergste economische crisis
ooit verkeert loeren overal de gevaren van strijd tussen grootmachten
om markten, grondstoffen en strategische posities - een strijd
die weer maar eens een catastrofale vuurstorm dreigt te veroorzaken.
Deze keer zijn er bovendien met kernbommen bewapende landen
bij betrokken. De enige kracht die een dergelijke oorlog kan
voorkomen is de wereldwijde arbeidersklasse. De arbeiders
moeten zich mondiaal verenigen, zich verheffen en het huidige
systeem van woekerwinsten voor een kleine elite en een leven
van keihard werken voor een karig loon (of minder) voor de
rest omver gooien. De democratie moet worden hersteld en het
financieel systeem moet volledig worden herzien. Onze huidige
corrupte leiders voeren ons namelijk willens en wetens linea
recta naar een nieuwe alles vernietigende nucleaire wereldoorlog.
|