De globalisering van het protest
8 november 2011
Door Joseph Stiglitz
De protestbeweging die begon in Tunesië in januari,
vervolgens uitbreidde naar Egypte en dan naar Spanje, is nu
een mondiaal fenomeen, waarbij de protesten zich hebben verspreid
naar steden in Europa en vrijwel heel de VS. Globalisering
en moderne technologie maken het nu mogelijk dat sociale bewegingen
razendsnel grenzen overschrijden. En de sociale protesten
hebben overal een vruchtbare voedingsbodem gevonden: in het
gevoel dat het systeem heeft gefaald, en in de overtuiging
dat zelfs in een democratie het electorale proces er niet
voor zorgt dat het goed komt - in ieder geval niet zonder
serieuze druk van de burger, op straat.
In mei ging ik naar de plaats van de demonstraties in Tunesië,
in juli sprak ik met de indignados in Spanje; vandaar ging
ik verder voor ontmoetingen met jonge revolutionairen in Egypte
op het Tahrirplein in Cairo; en enkele weken geleden sprak
ik met demonstranten van Occupy Wall Street in New York. Er
is een centraal thema, door de OWS-beweging samengevat in
één simpel zinnetje: "Wij zijn de 99%."
In die slogan hoor je de titel van een artikel dat ik eerder
publiceerde terug: "Van de 1ù, voor de 1% en door
de 1%," waarin ik de enorme toename van de ongelijkheid
in de VS beschreef: 1% van de bevolking bezit meer dan 40%
van de rijkdom en ontvangt meer dan 20% van het inkomen. En
de mensen in die zeldzame positie worden vaak royaal beloond,
niet voor hun bijdrage aan de samenleving - bonussen en bailouts
hebben die rechtvaardiging voor de ongelijkheid weg gefileerd
- maar omdat ze, om het bot te stellen, succesvolle speculanten
zijn.
Daarmee wil ik niet ontkennen dat sommigen van de 1% veel
hebben bijgedragen. Het is waar dat de maatschappelijke pluspunten
van een groot deel van de echte innovaties (in tegenstelling
tot de nieuwerwetse financiële 'producten' die uiteindelijk
de wereldeconomie ruïneerden) meestal de opbrengsten
voor de innovator ver overstijgen.
Maar over heel de wereld zijn politieke invloed en praktijken
die de concurrentie verminderen (vaak weer in stand gehouden
met politieke middelen) doorslaggevend geweest voor het groter
worden van de kloof tussen arm en rijk. Belastingstelsels
waarin een miljardair als Warren Buffett minder belasting
betaalt (in procenten van zijn inkomen) dan zijn secretaressen
of waarin speculanten, die meehielpen de wereldeconomie te
laten instorten, belast worden aan een lager percentage dan
zij die werken voor hun geld, hebben die trend versterkt.
Onderzoek heeft de laatste jaren aangetoond hoe belangrijk
en diep geworteld het besef van eerlijkheid is. De demonstranten
in Spanje, en in andere landen, , hebben gelijk dat ze verontwaardigd
zijn: we hebben het hier over een systeem waarin de banken
uit de brand geholpen worden, terwijl zij die het slachtoffer
waren van die banken het maar op eigen houtje moeten zien
te redden. Sterker nog: de bankiers zitten weer achter hun
bureaus, en strijken bonussen op die groter zijn dan wat de
meeste arbeiders in een heel leven bij elkaar schrapen, terwijl
jonge mensen die flink hebben gestudeerd en zich aan de regels
hielden geen uitzicht hebben op een fatsoenlijke baan.
De toename van de ongelijkheid is het product van een negatieve
spiraal: de rijke beleggers gebruiken hun rijkdom om wetgeving
te beïnvloeden om zo hun rijkdom - en hun invloed - te
beschermen en uit te breiden. Maar waar de rijken hun rijkdom
gebruiken om hun standpunten kracht bij te zetten, verbood
de politie mij de demonstranten in New York toe te spreken
met een megafoon.
Maar de demonstranten improviseerden; een grote groep herhaalde
steeds wat ik zei, zodat iedereen me kon horen. Om te voorkomen
dat de 'dialoog' werd onderbroken door applaus, gebruikten
ze krachtige handgebaren om hun instemming uit te drukken.
Ze hebben gelijk. Er is iets mis met ons systeem. Over heel
de wereld blijven mogelijkheden onbenut - mensen die willen
werken, machinerie die niet gebruikt wordt, gebouwen die leeg
staan - en wordt in heel veel behoeften niet voorzien: armoedebestrijding,
ontwikkeling bevorderen, overschakelen naar duurzaamheid.
Na meer dan 7 miljoen gedwongen uitzettingen hebben we in
de VS leegstaande huizen aan de ene kant en daklozen aan de
andere kant.
De demonstranten krijgen kritiek dat ze geen eisenpakket
hebben. Maar dat gaat voorbij aan de gedachte achter protestbewegingen.
Die zijn een uiting van frustratie met het electorale proces.
Een alarm.
De aniti-globaliseringdemonstraties in Seattle in 1999, bij
wat eigenlijk een inhuldiging van een nieuwe ronde handelsoverleg
had moeten zijn, vestigden de aandacht op het falen van de
globalisering, van de internationale instellingen en van de
verdragen die het stuurden. Toen de pers de beschuldigingen
van de demonstraten nader bekeek vonden ze daar veel meer
dan een kern van waarheid in. De onderhandelingen die volgden
waren anders - in ieder geval qua principes werden ze geacht
bepaalde zaken te ontwikkelen, ter compensatie van de mankementen
die de demonstranten hadden aangekaart - en het Internationaal
Monetair Fonds voerde daarom enkele belangrijke hervormingen
door
Op een zelfde manier vestigden de burgerrechtenprotesten
in de jaren '60 de aandacht op het alomtegenwoordige, geïnstitutionaliseerde
racisme in de Amerikaanse samenleving. De gevolgen daarvan
is men nog niet helemaal te boven, maar de verkiezing van
president Obama tonen wel aan hoe de protesten Amerika hebben
veranderd.
Enerzijds vragen de demonstranten van vandaag niet zo veel:
een kans om hun talenten te gebruiken, het recht op fatsoenlijk
werk voor een fatsoenlijk loon, een eerlijkere economie en
samenleving. Hun hoop is evolutionair, niet revolutionair.
Maar anderzijds vragen ze eigenlijk heel veel: een democratie
waarin mensen, niet alleen geld, belangrijk zijn en een markteconomie
die doet wat hij geacht wordt te doen.
De twee zijn nauw verbonden: zoals we hebben gezien leiden
ongecontroleerde markten tot economische en politieke crises.
Markten werken alleen zoals ze moeten werken binnen een kader
van juiste overheidscontrole; en dat kader kan alleen worden
voorzien binnen een democratie die het algemeen belang dient
- niet alleen het belang van de 1%. De beste regering die
voor geld te koop is is niet langer goed genoeg.
|
© Arjan Plantinga
Alle rechten voorbehouden
|
|
|
|
|
|
|