Socialisten en vakbonden laten
arbeiders in de kou staan
IMF en EU ruïneren Roemenië
11 augustus 2010
Door Andrei
Tudora & Willem Huntelaar
Roemenië wordt de komende maanden geconfronteerd met
nog meer extreme besparingsmaatregelen waarbij nog eens 74.000
overheidsbanen verloren zullen gaan. Aldus de conclusie van
een evaluatieteam van het IMF en de EU. Het nieuwe pakket
maatregelen zou Roemenië recht geven op een nieuwe lening
van het IMF en de EU. Het verzet onder de bevolking groeit,
maar vanwege het verraad van hun volksvertegenwoordigers en
de vakbonden (ook daar) staan ze er helemaal alleen voor.
 |
Tijdens een persconferentie prees Jeffrey Franks, hoofd van
het IMF-team, de Roemeense regering van premier Emil Boc (Democratische
Liberale Partij, PD-L) voor zijn inspanningen om 30.000 ambtenaren
te ontslaan. Franks voegde eraan toe dat hij verwacht dat
het Roemeense onderwijssysteem als volgende aan de beurt is.
Franks had uiteraard ook veel waardering voor de snelle reactie
van de regering Boc op de uitspraak
van het Roemeens Hooggerechtshof, die de regering verbood
de pensioenen te verlagen. Als alternatief werd daarom de
BTW met een leuke 5% verhoogd naar 24%.
De IMF-vertegenwoordiger vermeed het exacte aantal ontslagen
te vernoemen, en sprak in plaats daarvan over een "voortdurende
herstructurering tot het einde van het jaar", en suggereerde
dat "de regering rekening houdt met duizenden ontslagen
tot misschien wel 70.000". Dat aantal zou precies het
aantal ontslagen zijn dat wordt vermeld in de eerste overeenkomst,
die als doelstelling had een "soepeler ambtenarenapparaat"
te creëren, en "meer ruimte" voor "geleidelijke
loonsverhogingen".
Op de Roemeense radio zei premier Boc een loonsverhoging
van 10% voor ogen te hebben voor het overgebleven clubje overheidsmedewerkers
- dit nadat die eerder een loonsverlaging van 25% en het afschaffen
van de 'dertiende maand' hadden moeten accepteren. In een
brief van de regering aan het IMF staat dat nog eens 74.000
overheidsbanen zullen verdwijnen, bovenop de 30.000 ontslagen
die eerder dit jaar al werden doorgevoerd. Daarnaast schrijft
de regering in de brief dat het ontslag van nog eens 15.000
overheidsmedewerkers ruimte zou laten voor een "bescheiden
loonsverhoging in de publieke sector". De vertegenwoordiger
van het IMF zei echter dat hij "geen voorstander"
was van zo'n salarisverhoging.
Het aanpakken van het onderwijs in Roemenië is niet
de eerste aanval op onderwijzers, die al overhoop liggen met
deze regering sinds die begin 2009 aan de macht kwam. Boc,
toen aan het hoofd van een coalitie van Sociaal Democraten
(PDS) en zijn eigen PDL, weigerde toen de onderwijzers een
loonsverhoging te geven, ondanks het feit dat een dergelijke
maatregel was goedgekeurd door het parlement en bevestigd
door een gerechtelijke uitspraak. Het onderwijzend personeel
heeft ook veel bezwaar tegen de nieuwe salariswet, die de
lonen verlaagt en verschillende bonussen afschaft, en tegen
de onderwijshervormingen. Vorig jaar leek er een compromis,
maar een nieuwe regeringswissel, waarbij de Sociaal Democraten
naar huis werden gestuurd, zorgde ervoor dat de Liberalen
alsnog probeerden het eerder verworpen maatregelenpakket van
het IMF erdoor te drukken. Zoals de Liberalen overal ter wereld
de boel om zeep helpen ter meerdere eer en glorie van hun
rijke vrienden, wil men ook hier minder regularisatie voor
- en meer concurrentie tussen de overheidsscholen en de privéscholen.
Hierdoor zouden privéscholen recht krijgen op overheidssubsidie.
In mei bereikte het conflict tussen de onderwijzers en onderwijsminister
Daniel Funeriu een hoogtepunt, toen de leraren weigerden deel
te nemen aan een baccalaureaats-examen. De regering, geconfronteerd
met een golf van stakingen en protest over de door het IMF
geëiste besparingsmaatregelen, besloot zijn poot stijf
te houden en de examens toch door te laten gaan, ondanks de
boycot van de onderwijzers. Aanpassingen aan de manier waarop
de examens werden afgenomen, evenals de chaos die het resultaat
was van de pogingen van de regering om de stakingen te breken,
zorgden ervoor dat een verbijsterende 40% van de middelbare
school-leerlingen zakte voor het examen. Uiteraard werd dat
cijfer door de regering onmiddellijk aangegrepen om te bewijzen
dat de leraren incompetent en de hervormingen noodzakelijk
waren.
Het idee van een klein, "soepel" ambtenarenapparaat,
dat slechts een minimum aan sociale dienstverlening biedt,
is al meer dan 20 jaar - sinds de val van de dictatuur van
Ceausescu - een regelmatig terugkerende ambitie van de heersende
(rijke) klasse in Roemenië. Nadat de vele goedlopende
fabrieken en staatsbedrijven in Roemenië door de nieuwe
heersers werden ontmanteld of voor een appel en een ei aan
bevriende ondernemers werden verkocht, hebben de opeenvolgende
regeringen met veel succes de gezondheidszorg en het onderwijs
in Roemenië aan de rand van de afgrond gebracht (het
is een terugkerend fenomeen overal in het voormalige Oostblok.)
De hoofdschuldige in dit verhaal is de Europese Unie. Een
van de voorwaarden voor de toetreding tot de EU (2007) was
namelijk dat de door de overheid geleide sectoren in Roemenië
enkele ingrijpende "hervormingen" ondergingen. Het
belangrijkste doel was het "liberaliseren" (ruïneren)
van het onderwijs en de gezondheidszorg om zo concurrentie
van privéondernemingen mogelijk te maken. Omdat er
een verbod op staatssteun werd opgelegd, zaten vele scholen
en ziekenhuizen al snel zonder geld en zonder apparatuur.
Zoals overal waar een sector wordt "geliberaliseerd"
betekende de maatregel minder kwaliteit tegen hogere prijzen.
De Roemeense regering kreeg echter steeds weer te maken met
verzet van de arbeiders. Tijdens de afgelopen twintig jaar
hebben de onderwijzers steeds fanatiek geprotesteerd tegen
de besparingen, met wekenlange stakingen in 2000 en 2005,
en slaagden ze erin enkele concessies op het gebied van salarissen
en arbeidsomstandigheden af te dwingen. Het akkoord met het
IMF van 2009, met als doel de buitenlandse schuldeisers gerust
te stellen en de barbaarse besparingsmaatregelen door te drukken,
betekende echter het einde van die concessies.
Net als in zoveel landen in Europa ziet de Roemeense arbeider
zich geconfronteerd met aanval na aanval op zijn broodwinning
van een uitgekiend samenwerkingsverband van investeerders,
industriëlen en politici. De besparingsmaatregelen gaan
vergezeld van een hetze in de media die onderwijzers, medisch
personeel en ambtenaren neerzet als corrupte, incompetente
parasieten. De vastberadenheid van de overheid wordt bereidwillig
ondersteund door de achterbakse vakbonden, die weigeren serieuze
acties tegen de maatregelen op touw te zetten en die hun leden
in de kou laten staan.
Desondanks staat de huidige regeringscoalitie onder grote
druk. De populariteit van de regerende PD-L is sterk gedaald.
Zowel bij de rijke elite, die de regering zwakte verwijt,
als uiteraard bij de arbeidersklasse.
De erbarmelijke toestand van de politieke elite en zijn minachting
voor de bevolking werd treffend geïllustreerd door president
Traian Basescu, een voorstander van de onbarmhartige economische
maatregelen, die een misselijke grap maakte over de rug van
de slachtoffers van de recente overstromingen. Toen hij gevraagd
werd naar de extreme rijkdom van veel politici antwoordde
hij: "Zelfs als het water ons aan de lippen staat doen
we nog aan politiek."
Zoals overal in Europa staan de arbeiders in Roemenië
helemaal alleen. De vakbonden hebben de kant van de werkgevers
gekozen, de media zijn volledig in handen van het establishment
en ook op de Sociaal Democraten of andere 'linkse' partijen
hoeft men niet te rekenen. Die doen in Roemenië hun uiterste
best de Liberalen te bekritiseren over hun falen de besparingsmaatregelen
erdoor te drukken. Met mooie beloftes zullen ze bij de tussentijdse
verkiezingen in september de massa weer paaien om vervolgens
hun kiezers schaamteloos te verraden en zelf een poging te
doen het IMF en de EU tevreden te stellen.
Maar hoewel de Westerse media hun uiterste best doen om de
toestand in Roemenië te verzwijgen, blijft de weerstand
en de bereidheid zich te verzetten groot onder de Roemeense
arbeiders. Nu ze in juli voor de eerste keer hun verlaagd
salaris hebben ontvangen en de inflatie is gestegen tot 7,8%
zal die bereidheid alleen maar groter geworden zijn. Voor
2011 heeft het IMF alweer nieuwe eisen gesteld en arbeiders
in heel Europa zouden er goed aan doen lering te trekken uit
de situatie in Roemenië. Straks zijn ze namelijk zelf
aan de beurt.
|