Deepwater Horizon is geen anomalie
BP olieramp slechts de eerste in een lange rij
28 juni 2010
Door Michael
T Klare
Op 15 juni verklaarden de bestuurders van de grootste Amerikaanse
oliemaatschappijen in hun getuigenissen voor de Energy
and Commerce Committee van het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden,
dat de ramp met het BP-boorplatform Deepwater Horizon
niet meer was dan een ernstige dwaling - iets dat nooit zou
hebben kunnen gebeuren als er fatsoenlijk toezicht was geweest,
en dat in de toekomst niet meer zal kunnen gebeuren eens er
fatsoenlijke veiligheidsmaatregelen zijn getroffen.
Die informatie is fout, als het al geen platte leugen is.
De explosie op de Deepwater Horizon was het onvermijdbare
resultaat van de niet aflatende pogingen om olie te winnen
op steeds gevaarlijker locaties. Sterker: zolang de olieindustrie
doorgaat met het winnen van 'extreme energy'- het winnen
van olie, aardgas, kolen en uranium uit gebieden die geologisch,
milieutechnisch en politiek gevaarlijk zijn - zijn we gedoemd
in de toekomst meer van dit soort calamiteiten te beleven.
Aan het begin van het moderne, industriële tijdperk
waren de standaard fossiele brandstoffen eenvoudig te winnen
uit grote, makkelijk toegankelijke bronnen op relatief veilige
plaatsen. Onze huidige welvaart is grotendeels het gevolg
van die makkelijke verkrijgbaarheid van brandstof.
Maar die eenvoudig toegankelijke bronnen zijn grotendeels
opgebruikt. Dat betekent dat het voortbestaan van onze energiecentrische
beschaving toenemend afhankelijk wordt van energievoorraden
die gewonnen worden op riskante locaties - diep onder de grond,
ver op zee, noordelijk van de poolcirkel, in gecompliceerde
geologische formaties of in politiek onstabiele regio's. En
juist daarin ligt de garantie van nog meer olierampen zoals
nu in de Golf van Mexico.
Chevron CEO David O'Reilly stelde het in 2005 zo onverbloemd
als überhaupt mogelijk was: "Een ding is duidelijk:
het tijdperk van de gemakkelijke olie is voorbij en de vraag
naar olie is hoger dan ooit."
O'Reilly beloofde toen dat zijn firma, net als de andere
oliereuzen, al het mogelijke zou doen om deze "moeilijke
energie" zeker te stellen en aan de stijgende mondiale
vraag te voldoen. Hij bleek een man van zijn woord: BP, Chevron,
Exxon, en de andere energiereuzen begonnen energiek aan het
boren naar olie op de gevaarlijkste locaties en schiepen zo
de voorwaarden voor de ramp met de Deepwater Horizon.
Zolang de oliemaatschappijen daarmee doorgaan zijn meer dergelijke
rampen onvermijdelijk, hoe geavanceerd de technologie en hoe
scrupuleus de controle ook zal zijn.
De enige vraag is dus: hoe zal de volgende Deepwater Horizon-catastrofe
eruit zien? Er zijn vele mogelijkheden, maar hier geven we
u vier mogelijke scenario's. Geen van deze scenario's is onvermijdelijk,
maar plausibel zijn ze alle vier.
Scenario 1: Newfoundland
- Hibernia Platform vernietigd door een ijsberg. Zo'n
300 km uit de kust van Newfoundland, in wat door de lokale
bevolking 'Iceberg Alley' genoemd wordt ligt het grootste
offshore olieplatform ter wereld, Hibernia. De molog, met
een bemanning van 185 mensen, produceert elke dag 135.000
vaten olie. Het platform wordt uitgebaat door ExxonMobil,
Chevron, Murphy Oil, Statoil en de Canadese regering.
Het platform rust op 16 gigantische stalen staken op een
betonnen structuur en een opslagvat dat 1,3 miljoen vaten
olie kan herbergen - ongeveer vijf keer zoveel als de Exxon
Valdez in 1989 op de kust van Alaska dumpte. De eigenaren
van de Hibernia stellen dat het boorplatform een aanvaring
met de grootste ijsbergen kan weerstaan, maar dat zeiden de
ingenieurs van de Titanic ook, en die ligt een paar honderd
kilometer verderop al bijna 100 jaar in stukken op de zeebodem.
In recente jaren neemt de omvang van de IJsbergen die van
de Groenlandse gletsjers breken toe, evenals de stormfrequentie
en -intensiviteit.
De eigenaren gebruiken sleepboten om de grootste ijsbergen
van koers te veranderen indien ze te dicht in de buurt van
het boorplatform komen, maar wanneer de hoogte van de golven
bij storm boven de 17 meter gaan, zijn die slepers gedwongen
een veilige haven op te zoeken. Bij een dergelijke zeegang
is evacuatie van het personeel niet mogelijk.
Een botsing van een grote ijsberg, voortgedreven door een
zware storm (de grootste ijsberg ooit waargenomen in de noordelijke
Atlantische Oceaan was 168 meter hoog en had een geschat gewicht
van bijna 1 miljoen ton) kan e Hibernia van zijn voetstuk
duwen. Daarmee komen er ineens meer dan 1 miljoen vaten in
de ruwe zee terecht. Het platform zelf zal in zee storten,
waarbij vrijwel alle 185 arbeiders om het leven zullen komen.
Elke verbinding met de onderzeese oliebronnen wordt verbroken
en olie kan vrij de zee in stromen - twee keer zoveel als
nu in de Golf van Mexico in zee stroomt. Het gebied is zeer
moeilijk toegankelijk, vanwege de afstand en het constante
slechte weer, dus het kan weken tot maanden duren voordat
er iets kan worden ondernomen - als er al iets kan worden
ondernomen. Het gevolg zal zijn dat de rijkste viswateren
ter wereld - Grand Banks voor de kust van Nova Scotia, New
Brunswick, Cape Cod - voor lange tijd onbruikbaar zullen zijn
en de visbestanden decennia nodig zullen hebben opm te herstellen.
Het ongeluk met de Ocean
Ranger op 15 februari 1982 bewijst dat het niet onmogelijk
is.
Scenario 2: Nigeria is na Canada, Mexico, Saoedi Arabië,
en Venezuela de vijfde olieleverancier van de VS. De meeste
olie komt uit de politiek instabiele deltaregio van de Niger.
De straatarme bewoners van het gebied hebben weinig baat bij
de oliewinning, maar dragen wel alle lasten. De Movement
for the Emancipation for the Niger Delta (MEND), een guerrillagroep
die het opneemt voor de rechten van de mensen die boven de
olie wonen proberen uit alle macht de operaties van de Westerse
oliemaatschappijen te saboteren. Door hun opmerkelijk succesvolle
operaties is de productie in het gebied de laatste jaren serieus
gedaald. Olieboortorens worden bezet en medewerkers van de
oliemaatschappijen worden ontvoerd voor losgeld.
 |
Stel je het volgende voor: 2013, het verzet van de lokale
bevolking neemt toe en wordt steeds succesvoller. De vraag
naar olie neemt toe, maar de productie neemt overal af. De
benzineprijzen stijgen exorbitant en de economie snelt een
nieuwe recessie tegemoet. Vervolgens grijpt een militaire
junta de macht in Nigeria en er breekt een burgeroorlog uit.
Pijplijnen worden opgeblazen, buitenlandse medewerkers van
de oliemaatschappijen worden massaal ontvoerd en vermoord.
Wanneer het Amerikaanse leger ingrijpt en 20.000 soldaten
naar het gebied stuurt escaleert de situatie. Het VS-leger
wordt geconfronteerd met een zee van olie die uit opgeblazen
leidingen en oliebronnen stroomt. Door een gebrek aan succes
van het Amerikaanse leger duurt het maanden of misschien zelfs
jaren voor de olielekken gedicht zijn.
Onwaarschijnlijk? Het Amerikaanse leger houdt terdege rekening
met dit scenario, gezien een simulatie van het US Army War
College in Carlisle, Pennsylvania in mei 2008.
Scenario 3: Een cycloon treft de 'pre-salt' boortorens
voor de kust van Brazilië. In november 2007 kondigde
de Braziliaanse oliemaatschappij Petroleo Brasileiro (Petrobras)
de opmerkelijke vondst van - alles bij elkaar - 50 miljard
vaten olie aan. Het olieveld bevindt zich 180 kilometer uit
de kust van Rio de Janeiro, op 1.500 meter diepte (net zo
diep als het lek in de Golf van Mexico), onder een dikke laag
zout (vandaar de naam pre-salt). Ter vergelijking: De totale
reserves van Saoedi Arabië worden geschat op 264 miljard
vaten, die van de VS op 30 miljard vaten.
Wanneer het veld in productie wordt genomen maakt dat van
Brazilië in een klap een van de grootste olieproducenten
ter wereld.
Voor de winning van de olie is echter zeer geavanceerde apparatuur
nodig. De olie bevindt zich onder 1.500 meter water en een
laag van zout en los zand van ongeveer vier kilometer. Tussen
de zou- en zandlagen vermoedt men lagen aardgas onder zeer
hoge druk. Toch wil de Braziliaanse regering de olie gaan
winnen. Men heeft beloofd de inkomsten van het olieveld te
gebruiken voor de armoede bestrijding en dus is succes doorslaggevend
voor de herverkiezing van president Lula en/of zijn beoogde
opvolger Dilma Rousseff.
Brazilië heeft in principe geen last van orkanen, maar
toch werd de Braziliaanse kust in 2004 zwaar gehavend door
een tropische cycloon. Sommige klimatologen vrezen dat dit
in de toekomst vaker zal gebeuren.
Stel je voor hoe zo'n cycloon en de mega-golven die dat met
zich meebrengt enkele van de olieplatformen beschadigen en
de olie onder grote druk de zee in spuit. De cycloon voert
een groot deel van de gelekte olie al meteen met zich mee
en besmeurt de hagelwitte Braziliaanse stranden met een zwarte
smurrie, en wanneer de pogingen om de olielekken te sluiten
net zo succesvol zijn als nu, zal er in de maanden die volgen
vele malen meer olie de oceaan in stromen als nu in de Golf
van Mexico het geval is.
Scenario 4: De Chinese Zee: een strijd over onderzeese
gasvoorraden. Ooit gingen oorlogen over betwiste grenzen en
stukken land. Vandaag de dag liggen de meeste grenzen vast
en worden er maar zelden oorlogen gevoerd over grenzen. Maar
een nieuw strijdtoneel is in opmars: de grenzen van de internationale
en territoriale wateren, en dan vooral van wateren boven onderzeese
olie- en gasvoorraden. Zulke disputen zagen we al in de Perzische
Golf, de Kaspische Zee en in de Chinese Zee. Steeds eisten
de omringende landen grote stukken water op die elkaar deels
overlapten. In een wereld die in toenemende mate met energietekorten
te maken krijgt kunnen die disputen gewelddadig worden.
Een van die disputen vinden we in de Chinese Zee, tussen
Japan en China. Volgens het Zeerechtverdrag
van de Verenigde Naties heeft elk land dat aan zee ligt
recht op de controle over een 'Exclusieve Economische Zone'
(EEZ) van 200 zeemijl (zo'n 370 kilometer) uit de kust. Maar
de Chinese Zee is op het breedste punt maar een goeie 500
kilometer breed. U snapt het probleem.
Daarbij geeft de VN staten op het vaste land nog eens het
recht beslag te leggen op een uitgebreide EEZ die reikt tot
aan de grens van de continentale plaat. In het geval van China
betekent dat meer dan de de helft van de Chinese Zee. Japan
houdt echter vast aan een grens precies in het midden. En
alsof de duivel ermee speelt ligt er precies tussen de betwiste
grenzen een rijkelijk gevuld aardgasveld. Beide landen beweren
dat het gasveld binnen hun EEZ ligt, en dat zij het alleenrecht
op de exploitatie hebben.
Beide landen zijn begonnen met het boren naar gas, en tappen
dus uit dezelfde bron. Beide landen beschuldigen de ander
van overtredingen van het Zeerecht en beide landen hebben
marineschepen naar de regio gebracht om de ander te tonen
dat er niet met ze te sollen valt.
Een scenario waarin in Japan een rechtse, ultra-nationalistische
regering aan de macht komt, die besluit de zaak op de spits
te drijven is zeer wel denkbaar. Vooral in Japan leiden de
sentimenten over het gasdispuut al tot een versterking van
nationalistische gevoelens tegenover China. Sinds 2005 hebben
beide landen marine squadrons rond de fictieve grenslijn gestationeerd
en het kwam al eens bijna tot een confrontatie, toen Japanse
verkenningsvliegtuigen zich zeer dichtbij de Chinese fregatten
waagden. Zwaar geschut werd in stelling gebracht, maar uiteindelijk
werden er geen schoten afgevuurd.
Een escalatie van de situatie zou tot een complete zeeslag
kunnen leiden, waarbij boortorens tot zinken worden gebracht
en er een nieuwe ecologische ramp dreigt, omdat ook de Chinese
olieboorplatformen - niet ver van het betwiste gasveld - mogelijke
doelwitten zullen zijn.
Waarschuwingssignaal
Dit zijn slechts enkele mogelijkheden die aantonen in welke
gevaarlijke zone de mens zich in zijn honger naar energie
momenteel begeeft. Hoewel geen van de hierboven beschreven
scenario's gegarandeerd zullen plaatsvinden, is het zeker
dat het tot soortgelijke calamiteiten zal komen in de komende
decennia, tenzij de mens nu snel de historische beslissing
neemt dat het genoeg is geweest, en één Deepwater
Horizon voldoende ellende heeft gebracht.
In een nieuwe wereld halen we onze energie uit hernieuwbare
bronnen als zon, wind, waterkracht en aardwarmte - een doorbraak
op het gebied van 'zero-point-energy' zou ideaal zijn, maar
lijkt ver weg. Ongelukken met die bronnen leveren alleen een
mogelijk tekort aan energie op, en geen catastrofale vervuiling,
die het einde van de menselijke beschaving en een groot deel
van het overige leven op deze planeet zou kunnen betekenen.
Tot het zover is kunnen we alleen bidden dat het goed gaat.
De ramp in de Golf van Mexico is namelijk geen anomalie. Het
is een waarschuwingssignaal voor toekomstige nachtmerries.
Michael
T Klare
|
|
Lees de reacties op 
|
|