CNN had ongelijk over Ayatollah Fadlallah

16 juli 2010
Door Robert Fisk

Ik had het kunnen weten. CNN heeft een van zijn meest ervaren Midden-Oosten-correspondenten, Octavia Nasr, ontslagen voor een tweet waarin ze Groot Ayatollah van Lebanon Sayyed Mohammed Hussein Fadlallah prees, en hem "één van Hezbollah's giganten" noemde, voor wie ze "zeer veel respect" had.

Wel, hij was niet helemaal een man van Hezbollah, maar okay. Hij was absoluut een gigant. Een immens wijs man met veel gezag, een voorvechter van vrouwenrechten en iemand die een vreselijke hekel had aan 'eerwraak' en daarnast veel kritiek op het theocratische regime in Teheran, een... Misschien dat ik beter wat voorzichtig ben, anders krijg ik straks ook een telefoontje van Parisa Khosravi, die de titel 'senior vice president' met zich meedraagt – wat die bazige types doen of betaald krijgen voor hun laffe beslissingen, geen idee - en die vorige week zei dat ze "een gesprek" had gehad met Nasr (al meer dan 20 jaar werkzaam bij CNN) en dat "we hebben besloten dat ze het bedrijf verlaat".

Tsjongejonge. Het arme CNN lijkt bijna elk uur lafhartiger te worden. En daarom kan niemand het ook nog wat schelen. Dat kan niet gezegd worden van Fadlallah. De Amerikanen verspreidden ooit het gerucht dat hij de pleger van de zelfmoordaanslag op een marinebasis in Beiroet in 1983 had gezegend. Daarbij kwamen 241 mariniers om het leven. Fadlallah heeft dit tegenover mij altijd ontkend en ik geloof hem. Plegers van zelfmoordaanslagen, hoe krankzinnig we ze ook vinden, hoeven niet gezegend te worden; ze denken dat ze God's werk doen, ook zonder hulp van een marja zoals Fadlallah. Desondanks gebruikte Washington Saoedisch geld om Fadlallah in 1985 met een autobom te vermoorden. De aanslag miste Fadlallah, maar kostte wel het leven aan 80 onschuldige burgers. Ik vraag me af wat mevrouw Khosravi daar van gevonden zou hebben. Geen commentaar, denk ik.

En nu blijkt dat de Britse ambassadeur in Libanon, Frances Guy, op haar persoonlijke blog heeft geschreven dat Fadlallah een man was waar ze veel respect voor had en die ze altijd graag ontmoette in Libanon. Geen idee wat deze personen bezielt om overal hun blogs te hebben. Maar goed, mevrouw Guy heeft nu de woede opgewekt van het Israëlische ministerie van Buitenlandse Zaken, wiens woordvoerder zei dat het "interessant" zou zijn om te weten wat het Britse ministerie van Buitenlandse Zaken van haar opmerkingen vindt. Ik zou het persoonlijk "interessanter" vinden wat het Israëlische ministerie van Buitenlandse Zaken weet van de Britse paspoorten die hun regering vervalste om in Dubai enkele maanden geleden een man te vermoorden.

Maar zo blijkt dat Fadlallah – die ook een dichter was – zelfs als hij dood is nog mensen de gordijnen in jaagt. Toen mijn vriend Terry Anderson werd ontvoerd in Beiroet - met meer dan zeven jaar ondergronds is hij langst vastgehouden gijzelaar - ben ik Fadlallah gaan bezoeken, omdat hij recent door Anderson was geïnterviewd. "Hij was in mijn huis, en stond onder mijn bescherming," zei hij tegen me. "Ik beschouw hem als een vriend." Deze opmerking kon Terry wel eens het leven hebben gered; door een buitengewoon toeval was Terry juist deze week terug in Beiroet met een groep studenten. Ik heb me altijd afgevraagd of het zijn bezoek aan het zuiden van de stad was dat hem toen zijn vrijheid kostte.

In die dagen noemden wij journalisten Fadlallah Hezbollah's "spirituele mentor", hoewel dat niet klopte. Hij steunde het verzet in Libanon tijdens de Israëlische invasie van Libanon in 1982 en hij was een fanatiek tegenstander van het Amerikaanse beleid in de regio - net als bijna iedereen in de wereld, inclusief de VS, zo lijkt het - en hij eiste dat er een einde werd gemaakt aan de bloedige shi'itische ceremonies tijdens Ashura (wanneer shi'iten rouwen om de moord op de kleinzoon van de Profeet).

Ik ben Fadlallah nog eens gaan opzoeken toen ontvoering mij serieus bezig hield. Ik was op weg naar Bagdad en wilde zijn advies over hoe ik een ontvoering kon vermijden. Hij luisterde geduldig naar me en stelde dat ik een shi'itische moslimvriend van hem in de Iraakse hoofdstad moest bezoeken. Dat deed ik, en ik werd vervolgens naar Najaf en Karbala geëscorteerd door een kennis van die vriend, die voor in de auto zat, in zijn religieus gewaad en die tijdens de hele rit in de Koran las. "Ik maakte me grote zorgen om u," zei Fadlallah's vriend me bij mijn terugkeer. En dat vertel je me nu pas, antwoordde ik.

Maar er was nog een reden voor de hulp van Fadlallah. Elk uur dat ik in de heilige Iraakse steden doorbracht moest in shi'itische geestelijke ontmoeten, allemaal voormalige studenten van Fadlallah. En allemaal gaven ze me een flinke stapel geschriften en documenten - hun verzamelde preken van de laatste 10 of 15 jaar. Ik beloofde elk van hen de geschriften aan Fadlallah te overhandigen. En zo kwam het dat een verdacht uitziende Fisk twee maanden later weer opdook in de zuidelijke voorsteden van Beiroet met twee uitpuilende koffers. Fadlallah begroette me breed lachend. Hij wist wat er in de koffers zat. Fisk was koerier geweest van meer gewicht dan hij had kunnen vermoeden. Fadlallah wist nu waar zijn collega's in Najaf en Karbala over spraken.

Eerlijk gezegd kan het me geen bal schelen wat senior vice president Khosravi van CNN van dit verhaal vindt - bespaar me ajb een van haar 'gesprekken' - het kan me ook niets schelen wat het Israëlische ministerie van Buitenlandse Zaken of de Britse ambassadeur denkt. Maar ik denk wel dat Fadlallah een serieus en belangrijk man was, wiens voortdurende preken over de nood aan spirituele herbezinning en goedheid meer deden dan wie dan ook in een land dat doorlopend wordt overspoeld door een overdaad aan loze woorden. Honderdduizenden waren aanwezig bij zijn begrafenis vorige week dinsdag. Het verbaast me niets.

| Meer

Lees de reacties op

Lees ook: