"Iedereen kruipt en je kunt wel raden waarom"

17 juli 2010
Door Robert Fisk

Het is kruipseizoen.

Nog maar een week nadat Octavia Nasr van CNN en de Britse ambassadeur in Libanon, Frances Guy het lef hadden gehad te suggereren dat de Libanese ayatollah Sayyed Hassan Fadlallah een vriendelijke oude baas was en niet de super-terrorist die de Amerikanen altijd van hem maakten, begon men te kruipen. De eerste kruiper was mevrouw Nasr, al ontslagen door de kruipers van CNN voor haar onbeschaamdheid Fadlallah een "gigant" te noemen. In plaats van de wereld te vertellen voor welke lafhartige organisatie ze al die tijd gewerkt had, verklaarde ze dat haar commentaar "simplistisch was en het spijt me want ik wekte de indruk dat ik het levenswerk van Fadlallah ondersteunde. Dat is helemaal niet het geval".

Wat is dat voor bagger? Nasr heeft nooit de indruk gewekt dat ze "het levenswerk van Fadlallah ondersteunde". Ze zei slechts dat ze het jammer vond dat de ouwe jongen dood was, en voegde er - abusievelijk - aan toe dat hij lid was geweest van Hezbollah. Ik weet niet wat haar pompeuze (en natuurlijk even kruiperige) "senior vice president" tegen haar gezegd heeft toen ze de zak kreeg. Maar net als de slachtoffers van de Spaanse Inquisitie, kwam het er uiteindelijk op neer dat Nasr zich excuseerde voor misstappen waar ze nooit van beschuldigd was.

Binnen enkele uren begon de de Britse Ambassadeur Guy aan haar eigen zelfkastijding, door haar spijt te betuigen dat ze misschien iemand (we weten allemaal wie) gekwetst had met haar "persoonlijke poging enkele bespiegelingen te bieden over een persoon die, hoewel controversieel, ook zeer invloedrijk was geweest in de geschiedenis van Libanon en die spirituele leiding had gegeven aan veel moslims in moeilijkheden".

Ik vond vooral het stukje "controversieel" geweldig - de gebruikelijke "fuck you" voor iedereen die je wilt prijzen zonder je de woede van, enfin u weet wel wie, op de hals te halen. Het Britse ministerie van Buitenlandse Zaken haalde de blog van mevrouw Guy over Fadlallah offline en bewees daarmee - Arabische journalisten aarzelden deze week niet hier op te wijzen - dat hoewel Groot Brittannië hoog opgeeft over de zegeningen van democratie en persvrijheid tegenover de kruiperige kranteneigenaren en arglistige emirs van het Midden-Oosten, ze zelf niet weten waar ze moeten kruipen als iets wellicht kwetsend is geweest voor u weet wel wie.

Want dat was het collectieve misdrijf van de dames Nasr en Guy. Wat ze zeiden zou de fans van Israël wel eens boos kunnen maken. En dat kan natuurlijk niet. CNN had de Israël-lobby natuurlijk gewoon moeten zeggen dat ze op moesten hoepelen, en het ministerie van Buitenlandse Zaken - die inderdaad door het Israëlische ministerie van Buitenlandse Zaken op het matje waren geroepen - had de Israëlische regering natuurlijk moeten vragen wanneer ze eindelijk eens gaan stoppen met het roven van land van de Arabieren. Maar het is zoals mijn oude vriend Rami Khoury het zei in de Jordaanse media: "Wij in het Midden-Oosten zijn gewend aan dit soort racistisch, intellectueel terrorisme. Amerikaanse en Britse burgers die zo nu en dan een juiste beschrijving geven van het Midden-Oosten en de mensen die er wonen moeten nog leren wat de prijs van de waarheid is zodra er Israëlische belangen op tafel liggen."

En dat brengt ons natuurlijk bij de Kruiper van de Week, het zalvende, slappe, verschrompelende typetje Barack "Change" Obama terwijl hij over het gazon van het Witte Huis schreed met Netanyahu zelf. Want hier hadden we de onderdanigheid in eigen persoon, de "begripvolle" president die het Midden-Oosten even zou oplossen - en het "moeilijker vond dan hij had gedacht", volgens zijn woordvoerder - die bewees dat tussentijdse verkiezingen belangrijker zijn dan alle onrecht in het Midden-Oosten. Het is nu meer dan een jaar geleden dat Netanyahu tijdens een kabinetsbijeenkomst reageerde op de eerste kritiek van Obama met de opmerking "Die gast begrijpt het echt niet, heh?". (De quote komt van een zeer goede Israëlische tipgever). Sindsdien doet Netanyahu elke week een 'McChrystal", en blaast Obama koud en dan weer warm. De ene keer wil hij niet met Netanyahu op de foto, maar dan - als de verkiezingen dichterbij komen - draait hij als een blad aan de boom, en prijst hij de heldhaftige Netanyahu, wiens regering juist weer enkele Arabische huizen met de grond gelijk heeft gemaakt, voor de "risico's die hij neemt voor de vrede".

Het behoeft geen betoog dat de enige goedzakken in dit verhaal de dappere Joodse Amerikanen zijn die weerstand bieden aan de dieven in Netanyahu's regering en aan het racisme van zijn minister van Buitenlandse Zaken, de sterk op Ahmadinejad lijkende Avigdor Lieberman. En welke westerse krant was brutaal genoeg om er op te wijzen dat de afbraak van de Arabische huizen in Jeruzalem "effectief een einde maakte aan de onofficiële stop op dergelijke sloop"? De New York Times? De Washington Post? Nee, de Israëlische krant Haaretz, natuurlijk. En wie denkt dat Haaretz alleen staat in het veroordelen van de illegale activiteiten van de Israëliërs moet het zeer goede Joodse tijdschrift Tikun in de VS eens lezen. Zij hebben het gemunt op de lobbyisten van Likoed - want ja, ze zijn van Likoed . Hun laatste doelwit was Neal Sher, de man van Likoed die ooit voor het Amerikaanse ministerie van Justitie werkte en die nu probeert La Clintone ervan te overtuigen rechter Goldstone de toegang tot de VS (waar hij een leerstoel aan een universiteit bezet) te ontzeggen omdat gewaagd heeft Israël te beschuldigen van oorlogsmisdaden in Gaza. En wiens regering heeft het Goldstone-rapport ook alweer veroordeeld? Die van Obama natuurlijk!

Terugkijkend startte het kruipen van Obama in die beroemde ik-reik-de-moslim-wereld-een-hand-toespraak in Caïro, toen hij verwees naar de Palestijnse "verplaatsing" van 1948 (alsof de Palestijns Arabieren op een ochtend wakker werden en besloten dat ze allemaal op vakantie wilden naar Libanon). Maar het moment dat de wereld de schellen van de ogen hadden moeten vallen was het moment dat Obama de Nobel-prijs voor de vrede accepteerde. Een man met meer waardigheid had de eer van een dergelijke prijs erkend, maar meteen verklaard dat hij zich niet waardig achtte de prijs te accepteren. Maar hij accepteerde de prijs wel. Hij wilde die Nobel-prijs! Het was belangrijker de prijs te accepteren hoewel hij die niet verdiende. En nu? Wel, ik heb de kleine kruiper deze week in de gaten gehouden. Vrede in het Midden-Oosten? Verdere kolonisatie van Palestijns land? Crisis in Zuid-Libanon? Het voortdurende beleg van Gaza? Vergeet het maar. Het zijn tussentijdse verkiezingen. Denk aan het lot van Nasr en Guy. En kruip.

| Meer

Lees de reacties op

Lees ook: