We hebben veel te verliezen

21 februari 2012
Door Arjan Plantinga

Griekenland wordt geplunderd, kaalgevreten, vernietigd. De politieke en maatschappelijke elite van het land bouwde de laatste decennia een formidabele staatsschuld op. De rijke, gewetenloze bovenklasse en de banken die het geld verschaften profiteerden daar tietallen jaren ruimschoots van, leefden een luizenleven met geleend geld. Nu het feest voorbij is sluipen de profiteurs terug naar hun holen en kunnen de gewone werknemers in het land het gelag betalen.

De besparingsmaatregelen die het land door Brussel en het IMF door zijn strot geduwd krijgt zijn op geen enkele manier te rechtvaardigen en staan gelijk aan een daad van oorlog. Het land is voor generaties geruïneerd en aan de bedelstaf gebracht. Infrastructuur wordt verkocht. Staatsbedrijven worden genationaliseerd. De geleende miljarden zijn weggesluisd naar buitenlandse bankrekeningen. De gewone Griek heeft daar nooit iets van gezien.

Miljoenen werknemers zakken in een klap onder armoede grens, kunnen met hun schamele lonen niet meer fatsoenlijk in hun levensonderhoud voorzien. Van 1500 euro per maand naar 500 euro per maand is voor niemand draaglijk. Liever dwingt Brussel miljoenen mensen in de armoede dan dat ze de banken hun verliezen laten pakken.

Griekenland failliet laten gaan en de banken hun verliezen laten slikken zou de enige juiste oplossing zijn geweest. Daarvoor was het echter nodig Griekenland uit de EU te laten treden, en dat zou het einde van de Europe nachtmerrie hebben betekend. Dat willen Merkel, Sarkozy en Rutte niet tijdens hun wacht zien gebeuren.

Dat de politici en de banken de euvele moed hebben de kosten van het opzettelijk leegzuigen van Griekenland bij de burgers weg te leggen, kan ik me nog indenken. Machtspolitici als Merkel, Sarkozy en Rutte zijn nu eenmaal gewetenloze psychopaten, zonder enig gevoel van medemenselijkheid. Voor Angela Merkel telt alleen Angela Merkel. Voor Nicolas Sarkozy telt alleen Nicolas Sarkozy en voor Mark Rutte telt alleen Mark Rutte. Het zijn mensen die hun eigen moeder van de trap zouden gooien om in het zadel te blijven. Als kind van dit soort individuen zou ik me niet veilig voelen.

Van bankiers kun je nog minder verwachten. Op de eeuwige ranglijst van moraal en normbesef bevinden bankiers zich ergens tussen de hyena's en de rioolratten (excuses aan beide). Geen laaghartiger volk dan een bankier. Geen respectlozer beroep dan dat van bankier.

Woekeraars.

Uitzuigers.

Profiteurs.

Van deze monsters kun je dus verwachten dat ze meedogenloos miljoenen mensen in de goot doen belanden en dat ze ze met plezier nog een trap nageven.

Wat me echter zwaar teleurstelt is het enorme gebrek aan solidariteit bij de arbeidersklasse in de rest van Europa, en dan vooral in het noorden. De Nederlanders, de Vlamingen, de Duitsers, de Denen, de Oostenrijkers en zelfs de Fransen lachen om wat hun Griekse soortgenoten overkomt. "Ze hebben het er zelf naar gemaakt," zo luidt de rode draad door de reacties van de Noord-Europese arbeiders in hun doorzonwoningen en Opel Zafira's.

Geen van deze zombies kan mij uitleggen hoe de gemiddelde Griekse werknemer op enigerlei wijze heeft bijgedragen aan de misdadige staatsschuld die de Griekse elite heeft opgebouwd.

Heeft Jan met de Pet in Nederland of België enige zeggenschap over de financiële huishouding alhier? Kunnen we de Nederlandse of Vlaamse arbeider op enigerlei wijze verantwoordelijk maken voor de Nederlandse of Belgische staatsschuld?

Ik dacht het niet.

Maar in Griekenland is dat natuurlijk anders....

En dat terwijl we met een beetje meer solidariteit onder het grauw van deze Europese Unie de politieke en financiële bovenklasse zonder al te grote problemen op de knieën zouden krijgen.

"Wat kan ik eraan doen," is een veel gehoorde vraag wanneer je mensen wijst op de boosaardigheid van de banken en de medeplichtigheid van de politiek en de media.

Die vraag is snel gesteld maar ook snel te beantwoorden.

De werknemer heeft een aantal middelen om de bezittende klasse onder druk te zetten, maar die middelen zijn door de schaamteloze hetze van onze nieuwsmedia tegen de arbeider en zijn rechten besmet geraakt. Een arbeider die opkomt voor zijn rechten is "slecht voor het imago van een land", "slecht voor de economie", aldus de dames en heren hoernalisten, die al lang geleden hun ziel verkochten aan de hoogste bieder om het volk wijs te maken wat ze maar wijsgemaakt moest worden om ze kalm en onderdanig te houden.

De middelen van de werknemers zijn door de net zo corrupte vakbonden al lang geleden bij het grof vuil gezet. Kijk naar de houding en beweegredenen van de gemiddelde vakbondsafgevaardigde binnen een bedrijf. Negen op de tien vakbondsafgevaardigden geeft geen zier om arbeidsrechten en heeft de taak alleen maar op zich genomen om zijn eigen positie binnen het bedrijf te versterken, vanwege de zwaarwegende voordelen die er aan een dergelijke functie verbonden zijn. Werkzekerheid is er een van.

Maar ook de vakbondsleiders vertegenwoordigen niet hun leden. Ze hebben hun leden verraden, zijn de voetveeg van de werkgevers, spreken met gespleten tong en hebben de Vlaamse en Nederlandse arbeiders al lang geleden uitgeleverd.

Moeten we langer onderhandelen met de werkgevers die in niets anders geïnteresseerd zijn dan het optimaliseren van de toch al enorme winsten die de meeste bedrijven maken? Zodra er gestaakt wordt roepen de werkgevers dat er overlegd moet worden. Maar tijdens dat overleg geven ze geen haarbreed toe. Waarover moet er dan nog overlegd worden?

Voor politici geldt hetzelfde. Met een mooi woord worden ze ook wel 'volksvertegenwoordigers' genoemd, een woord dat de lading absoluut niet dekt, want ze vertegenwoordigen vooral zichzelf en hun financiers.

Heeft het voor de Europese werknemer nog zin om zich te laten uitzuigen door bankiers, politiek en werkgevers? Willen wij met zijn allen Griekenland achterna? Of is het tijd om eens serieus voor onze rechten op te komen? En met serieus bedoel ik serieus!

Ik bedoel niet op een zonnige vrijdagnamiddag met 80.000 in mooie kleurtjes, met gevatte spandoeken goedgemutst door de straten van Brussel wandelen. Ik bedoel niet voor de vorm eens een dagje staken en alleen maar bereiken dat we de ministers, de werkgevers en de media de kans geven om eens goed hard uit te halen naar deze "saboteurs" en "luieriken".

Met serieuze actie bedoel ik staken, allemaal tegelijk, het hele land, tot de politiek, de banken en de werkgevers zullen toegeven.

Geen trein die rijdt, geen tankstation dat open is, geen winkel die bevoorraad wordt, geen telefoonoperator die gesprekken doorgeeft, geen vuilnisman die de rommel ophaalt, geen bakker die brood bakt, geen visser die vist, geen boer die oogst, geen TV, geen internet, geen radio, geen stroom uit de muur, geen bier uit de tap. Helemaal niets.

De boel plat leggen tot de ministers ons op hun knieën komen smeken of we alstjeblieft weer aan het werk willen gaan.

Het werk neerleggen zodat de banken en de werkgevers weer eens zullen inzien dat er zonder de gewone arbeider, de loontrekkende, de werknemer helemaal niets gebeurt; zodat ze weer zullen inzien dat niet de banken de wereld laten draaien, niet hun geld, maar dat dat nog altijd de noeste arbeid is van de miljoenen die ze nu al weer veel te lang met een kluitje in het riet sturen.

En als ze ons komen smeken te stoppen met staken zullen we toegeven, maar dan wel onder voorwaarden: onze voorwaarden.

Is dat constructief?

Zeer constructief! De macht is namelijk aan de burger. De macht is aan hen die al het werk doen en de economie draaiende houden. We hebben die macht uit handen gegeven zodat we dat optimaal konden blijven doen, en lieten anderen het land besturen. Die 'anderen' hebben er een loopje mee genomen, hebben besloten de staatskas te plunderen en de rekening nu bij ons neer te leggen. En er valt niet over te praten.

"Those who make peaceful revolution impossible will make violent revolution inevitable*," zei de laatste echte president van de Verenigde Staten.

Welnu de banken, werkgevers, politici en vakbondsleiders hebben vreedzaam overleg onmogelijk gemaakt. De besparingen worden keihard neergelegd bij de werknemers. Extra lasten voor de bedrijven noemde minister Van Quickenborne zelfs "gevaarlijk". Het enige middel dat de werknemers overblijft is de heersende kliek laten voelen wie er het meest gemist wordt wanneer ze stoppen met hun dagelijkse bezigheden: de politicus of de poetsvrouw; de bankier of de bakker; de directeur of de vrachtwagenchauffeur?

Gaat dit gebeuren?

Niet als we naar de vakbonden blijven kijken. Toch niet met de huidige leiders die onder een hoedje spelen met de banken, politiek en werkgevers.

Staken heeft geen zin als we dat bedrijf per bedrijf, sector per sector doen, zoals de vakbonden dat plichtmatig voorschrijven - ook hier verdeel en heers. Een tankbataljon valt ook niet aan met één tank tegelijk. Daar kan de vijand zich gemakkelijk tegen verdedigen. Ziet die vijand echter een heel bataljon tanks op zich afkomen, dan piept hij toch net even anders.

Staken heeft dus alleen zin wanneer alle arbeiders tegelijk het werk neerleggen. Niet één dag, niet één week, maar tot er wordt toegegeven aan de eisen van de werknemers. En die zijn simpel: een eerlijke verdeling van de lusten en de lasten, recht op werk en recht op een fatsoenlijk loon waarmee men op een fatsoenlijke wijze in zijn levensonderhoud kan voorzien.

Oh ja: en dat er werk van gemaakt wordt de schuldigen van de huidige malaise achter de tralies te krijgen. Geen boetes, geen schikkingen; in de bak met het schoftentuig.

Er is solidariteit voor nodig. Solidariteit in eigen land, maar ook solidariteit met de arbeiders aan de andere kant van de Unie.

Onze grootvaders en grootmoeders, overgrootvaders en overgrootmoeders streden een eeuw geleden zonder vakbonden tegen de banken en de werkgevers en ze hebben gewonnen.

Ze streden zonder gsm, zonder internet, en ze hebben gewonnen.

Onze grootvaders en grootmoeders, overgrootvaders en overgrootmoeders waren mensen met karakter, met een gevoel van solidariteit die streden tegen het onrecht in de maatschappij, tegen de oneerlijke verdeling. Zij streden omdat er iets te winnen viel, veel te winnen viel - en ze hebben gewonnen.

Wij hebben anno 2012 niet zo gek veel meer te winnen. Maar we hebben wel enorm veel te verliezen. En de banken, de werkgevers, de politiek en de leiders van de vakbonden doen momenteel hun uiterste best om ervoor te zorgen dat we dat inderdaad straks allemaal kwijtraken.

Kijk maar naar Griekenland.

* "Zij die vreedzame revolutie onmogelijk maken, maken gewelddadige revolutie onvermijdelijk"


© Arjan Plantinga
Alle rechten voorbehouden

privacybeleid