Over het verdringen van het vrouwelijke
en de rol van psychopaten
Een nieuwe Gouden Tijd
Door Laura Knight-Jadczyk
29 augustus2011
Alexander Zinoviev, was een logicus en socioloog, in 1982
winnaar van de Alexis Tocquevilleprijs voor sociologie, en
lid van tal van vooraanstaande academische genootschappen
en organisaties. Met andere woorden: hij was behoorlijk geaccepteerd,
maar hij was in het geheel niet blij met de manier waarop
om hem heen wetenschap werd bedreven. In het voorwoord van
een boek van wiskundige Anatoly Fomenko's, History: Fiction
or Science schreef hij:
"...Wat A.T. Fomenko en zijn collega's tijdens hun onderzoek
hadden geleerd was dat de hele menselijke geschiedenis tot
aan de 17e eeuw een vervalsing is van wereldformaat - een
vervalsing die even opzettelijk als universeel is... De
eerste wereldwijde vervalsing van de geschiedenis, zoals
die door Fomenko werd ontdekt en in zijn context werd geplaatst
was gebaseerd op een foutief chronologisch en ruimtelijk
coördinatensysteem van historische gebeurtenissen."
(A.T. Fomenko, History:
Fiction or Science, Vol. 1, Delamere Resources, 2003-2006.)
Het is jammer dat noch Zinoviev noch Fomenko historische
of sociale onderbrekingen door cataclysmische verstoringen
in hun uiteenzetting hebben verwerkt - verstoringen die het
voor meedogenloze en kwaadwillende individuen zo gemakkelijk
kunnen maken om de macht te grijpen en de geschiedenis te
herschrijven aan de hand van de noden van het heden.
Het vervalsen van de geschiedenis, zoals Fomenko die vaststelde,
gebeurde aan het eind van de drie eeuwen rampspoed die begonnen
met het halveren van de bevolking van Europa door de Pest
in de zevende en achtste eeuw. En dat past weer uitstekend
in het model van Zinoviev dat stelt dat op een gegeven moment
de oude, vervormde weergave van de geschiedenis niet langer
voldoet, en dat een nieuwe rechtvaardiging van de macht nodig
is om de vrede te herstellen en de volksmassa onder controle
te houden. Wat Fomenko opmerkt is dat de parameters van tijd
en ruimte van veel latere tijden over de veel oudere verhalen
werden gelegd. Dat betekent niet direct dat die veel oudere
verhalen ineens waardeloos zijn. Het betekent wel dat een
en ander opnieuw vastgesteld werd en dat datgene wat de 'geoefende
specialisten' bekend voorkwam gebruikt werd om het beeld van
het verleden er 'realistischer' uit te laten zien.
In het volgende citaat spreekt Zinoviev over de nog steeds
durende vervalsing van de geschiedenis zoals die vandaag de
dag in de praktijk wordt gebracht, hier en nu - zie hoe hij
de evolutietheorie als breekpunt in dat proces aanhaalt, om
daarna gebruikt te worden als standaardmodel en kader:
"Mijn sociologische onderzoek naar het grote, evolutionaire
breekpunt toonde aan dat een flagrante, mondiale en vooraf
bedachte falsificatie al volop aan de gang was. Voordat
ik het werk van Fomenko leerde kennen wist ik al dat het
vervalsen van de historische gebeurtenissen een algemeen
voorkomend fenomeen was, inherent aan het menselijk bestaan.
Echter was ik me niet bewust van de omvang van de fraude
en de oorzaken. Ik was ervan uitgegaan dat de overduidelijke
vervalsing van de geschiedenis over heel de planeet die
ik ontdekte... een onvrijwillige, routinematige vervalsing
van onbelangrijke details was, die het gevolg was van de
mechanismes van de gnosis... of van de entropie inherent
aan het kader van het historische besef van de mensheid.
Het belangrijkste onderwerp is moderne geschiedenis... [en]
het is de uitzonderlijke, vooropgezette en complexe falsificatie
die duidelijke sociale oorzaken heeft... [Fomenko's ontdekkingen]
verschillen [hiervan] voor zover ze ontsprongen aan een
ander tijdperk."
Net als Zinoviev, kwam ik er ook achter dat de historische
feiten werden verdraaid en ook ik meende dat het kwam door
een opeenvolging van onschuldige vergissingen.
"Zelfs als we ervan uitgaan dat een ieder die een bijdrage
levert aan het vastleggen van historische gebeurtenissen
op een waarheidminnende missie is, zijn hun collectieve
inspanningen vaak toch niet meer dan een weergave van hun
eigen subjectieve blik op de geschiedenis en niet wat er
werkelijk gebeurd is. Naarmate de eeuwen voorbij gaan wordt
de stroom misinformatie gevoed door verschillende bronnen
en schatplichtigen, die door hun grote aantallen een onpartijdige
vervalsing van de historische gebeurtenissen tot gevolg
hebben. Deze stroom wordt echter ook gevoed door modderige
beekjes van ontelbare leugenaars en zwendelaars. Het vervalste
model doet voor een bepaalde tijd prima dienst. Echter,
uiteindelijk breekt er voor de mensheid een tijd aan waarin
de vervormde weergave niet meer voldoet. Dat is het moment
waarop mensen geacht worden op zoek te gaan naar verklaringen
en trachten de 'waarheid' weer te achterhalen..."
Het komt er in het kort hier op neer dar Zinoviev spreekt
over precies datgene wat in onze eigen recente geschiedenis
ook gebeurd is:
""Het boek 'UFOs
and the National Security State' van Richard Dolan is
de eerste alomvattende studie in de afgelopen vijftig jaar
naar de reactie van de Amerikaanse regering op het ineens
opduikende UFO-fenomeen. Het verzamelde bewijs - inclusief
overheidsdocumenten - wijst in de richting van een groep
specialisten die in het grootste geheim een van de allergrootste
doofpotoperaties ooit hebben opgezet en uitgevoerd, en dat
de Human Potentialbeweging en de daarop volgende New Age-beweging
belangrijke onderdelen waren van deze doofpotoperatie. Met
andere woorden: ze hebben niet alleen de 'progressieve gemeenschappen'
van alternatieve ideeën als argeloze verspreiders van
misinformatie gebruikt; het is zelfs waarschijnlijk dat
de basis van die gemeenschappen werd gelegd door de Amerikaanse
geheime diensten (cointelpro).
Volgens analisten was cointelpro het antwoord van de FBI
op de opbloeiende volksbewegingen in de VS in de jaren '60.
Hoewel het een afkorting is van 'Counterintelligence Program',
(contraspionageprogramma) waren de doelwitten geen buitenlandse
spionnen. De FBI wilde 'radicale' politieke oppositie binnen
de VS elimineren. Wat veel mensen zich niet realiseren is
dat het hier ging om een zeer belangrijke en vanuit de hoogste
echelons gestuurde operatie die specifiek werd opgezet om
ideologische trends en denkbeelden te kunnen kanaliseren...
Het programma concentreerde zich ook op het opzetten van
nep-organisaties. Deze nep-groeperingen konden voor verschillende
doeleinden worden ingezet, zoals acties tegen bona fide
groeperingen of voor afleidingsmanoeuvres met slimme propaganda
om leden weg te lokken en ze te gebruiken voor nutteloze
acties, opgezet om ervoor te zorgen dat ze niets nuttigs
kunnen doen.
Laten we nou eens even logisch redeneren. Het UFO-fenomeen
stak de kop op in het bewustzijn in 1947, of ergens in die
buurt. Kort daarna begonnen mensen een heleboel vragen te
stellen. De regering gaf echter geen antwoorden, en dus
begonnen de mensen zich te verenigen om zelf de antwoorden
te vinden. Ze vormden groepen. En dan gebeuren er vreemde
dingen. Het UFO-gegeven vormde de grootste bedreiging voor
de standaard monotheïstische godsdiensten. Religie
lijkt een noodzakelijke component van politieke controle.
De grip op het sociale weefsel werd bedreigd. Volledige
openheid zou de godsdiensten wel eens de laatste slag hebben
kunnen toedienen, en dus is het onlogisch te denken dat
de belangrijkste reden voor de doofpotoperatie de bescherming
van de religieuze status quo was.
Die religieuze status quo was op dat moment in het gunstigste
geval onzeker. Na een eeuw van scholastisch onderzoek van
een veelvoud aan religieuze teksten en het opwerpen van
tal van vragen over 'religie zoals het vroeger was' keerden
veel mensen in de maatschappij hun geloof de rug toe. Dan
is het niet zo moeilijk de volgende logische stap te zetten
en in te zien dat de combinatie van vragen over de godsdienst
en de vragen van hen die het fijne wilde weten over mogelijke
buitenaardse wezens op Aarde werd gezien als een gevaarlijk
en explosief mengsel.
Er moest iets gebeuren.
De acties van cointelpro in een poging de politieke oppositie
te neutraliseren zijn inmiddels vrijwel geheel aan het licht
gebracht. Maar we achten het ook mogelijk dat cointelpro
zich vooral richtte op die groepen die zochten naar de waarheid
achter de interactie tussen de Amerikaanse regering en wezens
van een andere planeet. Het zal iedere onderzoeker duidelijk
zijn geworden dat de VS-regering daarover geen duidelijk
wil verschaffen.
De cointelpro-dossiers bewijzen dat dat Amerikaanse regering
verschillende religieuze groeperingen, vakbonden en belangenverenigingen
in het vizier had die zich tegen de plannen van de regering
verzetten, en het is dan ook alleen maar logisch dat een
soortgelijke operatie werd opgezet om wat er dan ook over
contacten met buitenaardse wezens te weten was onder de
pet te houden.
Dit alles lijkt te suggereren dat de poppenspelers cointelpro
naar een heel nieuw niveau van sociaal vormen hebben getild
(cultureel hersenspoelen), en het doelwit van hun activiteiten
kan iedereen zijn die probeert de waarheid achter de veranderende
realiteit in onze wereld te achterhalen. Wat we nu weten
van de cointelpro-operaties is waarschijnlijk slechts het
topje van de ijsberg, aangezien al die operaties pas aan
het licht komen lang nadat de schade is aangericht. Alles
wijst erop dat binnenlandse geheime organisaties een permanent
onderdeel van de Amerikaanse politiek en hun sociale beïnvloeding
zijn geworden, en het is niet erg waarschijnlijk dat de
genoemde voorbeelden de enige zijn.
De implicaties van dit gegeven zijn alarmerend. Zij die
er ondanks alle tegenwerking in slagen in de buurt van de
waarheid te komen zien zich dan nog eens geconfronteerd
met clandestiene campagnes om hun reputatie en hun onderzoek
in diskrediet te brengen. Het moge duidelijk zijn dat cointelpro
en andere geheime operaties ook gebruikt worden om wetenschappelijke
en populaire ideeën over de problemen van onze wereld
te vervormen. Ze hebben al enorme schade aangericht aan
de zoektocht naar de waarheid" (Laura Knight-Jadczyk,
The Secret History of the World, Red Pill Press, 2006.)
Laten we eens kijken naar wat Zinoviev schreef met het bovenstaande
model in gedachten:
"Je wordt je bewust van de noodzaak ons beeld van het verleden
in overeenstemming te brengen met wat het heden voorschrijft.
Dit bewustzijn is een honger die alleen gestild kan worden
door een 'bona fide rectificatie' van de geschiedenis die
moet geschieden als een grandioze verschuiving van het paradigma
- sterker, het zal een grootschalig opgezette operatie
moeten zijn; een die zal uitmonden in een aan het betreffende
tijdperk gebonden falsificatie van de gehele geschiedenis
van de mensheid.
Waar we hier mee te maken hebben is zeker geen de falsificatie
van of individuele observaties van historische gebeurtenissen,
maar eerder de revisie van alle historische bronnen die
gebeurtenissen beschrijven die niet meer waargenomen kunnen
worden simpelweg vanwege het feit dat ze zich in het verleden
afspeelden...
Getrainde specialisten zijn hiervoor noodzakelijk - mensen
wiens activiteiten georganiseerd zullen moeten worden op
zo'n manier dat hun gezamenlijke werken zullen resulteren
in hhet creëren van een gecoördineerde historische
Gestalt. Wat ze in werkelijkheid moeten doen is
het creëren van precies dat verleden dat past bij wat
er in het heden nodig is, gebruikmakend van welk materiaal
dan ook dat zich aanbiedt.
De meer recente en nog steeds voortdurende ... wereldwijde
vervalsing van de geschiedenis is gebaseerd op een systeem
van abusievelijke pseudowetenschappelijke sociologische
concepten gebaseerd op ideologie en geholpen door de moderne
technologie om de informatie te manipuleren. Fomenko's
werken beschrijven de technologie waarmee een vals model
van de menselijke geschiedenis wordt gemaakt, en dat gebruik
maakt van de kunst van het manipuleren de tijd- en ruimtecoördinaten
van gebeurtenissen. Vele duizenden historici of specialisten
in vervalste historische modellen zijn al druk bezig aan
deze tweede falsificatie. - hun kracht is dat ze
in staat zijn historische gebeurtenissen foutief weer te
geven terwijl ze wel de juiste tijd- en ruimtecoördinaten
hanteren en individuële feiten waarheidsgetrouw en
met veel details weergeven. De werkelijke vervalsing wordt
bewerkstelligd middels het selecteren van feiten, de combinatie
van die feiten en de interpretatie, net als de context van
ideologische opvattingen, propagandistische teksten waarin
ze zijn ondergedompeld, etc." (Fomenko, op. cit.)
Dat is een serieuze aanklacht aan het adres van de wetenschap
en de academische wereld, niet? Is het waar? Acht jaar lang
heb ben ik op dit materiaal gedoken, aanwijzingen nagetrokken,
referenties opgevolgd tot aan de bron, archeologische verslagen
gelezen, boeken die steenbewerkingstechnieken bestuderen en
zo hopen iets over de steentijd te weten te komen, en meer.
Aan het eind van deze periode kan ik alleen maar zeggen dat
Zinoviev gelijk heeft. Daarmee dringt de vraag zich op: welk
soort mensen doet dit soort dingen? Welk soort mensen spant
samen om de mensheid op zo'n schandalige manier om de tuin
te leiden?
Enige tijd geleden las ik een verhandeling waarin de antropoloog
Nachman ben-Yehuda's de archeologie omtrent Masada ontmaskert:
Sacrificing Truth: Archaeology
and the Myth of Masada. Nachman is een eerlijke wetenschapper
wie het fenomeen ook was opgevallen en het gedetailleerd vastlegde.
Het is als een besmettelijke ziekte die alle lagen van de
samenleving aantast, en het lijkt voort te komen uit de pseudowetenschap
die de echte wetenschap heeft overvleugeld, en een volledig
andere betekenis geeft aan wat ooit duidelijke wetenschappelijke
voorwaarden waren. Alle onderzoeksterreinen zijn erdoor geïnfecteerd,
precies zoals Zinoviev schreef.
De wetenschappelijke wijze van kennis vergaren is een van
de beste werktuigen die we hebben voor het begrijpen van de
realiteit om ons heen, maar ik moet zeggen dat de manier waarop
het wordt gebruikt in de gangbare wetenschap men er een dubbelzinnige
mening aan heeft gegeven. Als we zien hoe in de media de term
'wetenschap' over tafel gaat kun je er meestal van uitgaan
dat de spreker in het geheel niet wetenschappelijk bezig is,
maar eerder een aanhanger is van wetenschap als religie.
Zinoviev heeft het specifiek over het 'evolutionaire breekpunt'.
Daarmee bedoelt hij het moment dat de evolutietheorie zijn
intrede doet en de ideologische basis werd voor de ontwikkeling
voan de pseudowetenschap. (Meer hierover in The
Bone Peddlers: Selling Evolution
: Selling Evolution van William R. Fix)
In de herfst van 1980 zei (toen nog) presidentskandidaat
Ronald Reagan dat er "nog veel vragen zijn over de evolutietheorie"
en ook dat "de wetenschap de theorie niet meer als zo
onfeilbaar beschouwt als men ooit deed." Uiteraard richtte
Reagan zich hiermee op de streng gelovige kiezers in de Amerikaanse
Bible Belt, maar hij kreeg antwoord vanuit wetenschappelijke
hoek.
Een woordvoerder van de American Association for the Advancement
of Science (AAAS) noemde Reagan's opmerkingen "zeer
ongelukkig". Een wetenschapper zei in een reactie dat
"honderden miljoenen fossielen die zijn geïdentificeerd
en gedateerd honderden miljoenen feiten zijn die de evolutietheorie
bewijzen." Wetenschapshistoricus William Fix heeft de
fossielen als bewijs ook bekeken en kwam tot de conclusie
de reactie van de wetenschapper niet juist was. Er is namelijk
zoveel bewijs van vervalsingen, fraude en irrationeel geloof
onder paleontologen dat het vreemd is dat er nog geen paleontologen
voor de rechter zijn gesleept voor fraude.
In maart 1981 hoorde een rechter in Californië de zaak
van Kelly Segraves vs de staat Californië. Segraves,
directeur van het Creation-Science Research Center
in San Diego, klaagde de staat aan voor een schending van
het recht op godsdienstvrijheid van de kinderen in scholen
in Californië, omdat ze op school niets te horen kregen
over de "Goddelijke oorsprong" tijdens de lessen
biologie. De rechter gaf hem gedeeltelijk gelijk. In het kort
oordeelde hij dat de evolutietheorie niet als vaststaand feit
mocht worden gedoceerd en dat de schoolboeken niet dogmatisch
mochten zijn over de afstamming van het menselijk ras.
De rechtszaak werd groot nieuws (op zich al interessant)
en Time-magazine kopte "Darwin wederom voor de rechter"(16
maart 1981). Volgens het artikel in Time was religieus fundamentalisme
in de VS in opkomst en druk uitgeoefend door belangengroepen
had ervoor gezorgd dat de tekst in de schoolboeken over de
oorsprong van het leven was gereduceerd van 2000 woorden in
1974 tot 332 woorden in 1977. Het frappante aan dit verhaal
is dat er tegelijkertijd nog andere dingen gebeurden die betrekking
hadden op het geloofsstelsel van mensen. Zoals ik schreef
in mijn boek Secret History:
"Wat voor mij een essentieel keerpunt was in deze cointelpro-operatie
was het openbaar maken van twee zaken die in bepaalde kringen
tot op de dag van vandaag een heet hangijzer zijn: ontvoeringen
door buitenaardse wezens (OBW) en Satanisch
Ritueel Misbruik (SRM). Het was Budd
Hopkins die in die dagen het scenario van de 'Gray aliens'
lekte. De boeken over OBW van Whitley Strieber (waaronder
de bestseller Communion)
volgden enkele jaren later. Voor de publicatie van deze
boeken had men er nog nooit gehoord van 'Gray Aliens'. Sterker,
een studie naar de geschiedenis van contact met buitenaardse
wezens toont grote verschillen in het uiterlijk en gedrag
van de buitenaardse wezens . Maar ineens was daar Hopkins,
gevolgd door Strieber met een stralende alien op de voorpagina,
en ineens waren de Grays overal.
Sta me toe met betrekking tot Whitley en zijn Grays een
citaat van de al eerder vermelde Richard Dolan (lees: UFOs
and the National Security State) aan te halen: "Begin
1969 voerden teams binnen de CIA een aantal bizarre experimenten
uit aangaande het beïnvloeden van gedachten onder de
naam 'Operation Often' (Operatie Vaak). Naast de gebruikelijke
verzameling scheikundigen, biologen en andere conventionele
wetenschappers werkten aan de operatie ook helderzienden
en demonologen mee" En dit brengt ons dan bij hetgeen
zich in die tijd eveneens op de voorgrond drong: Satanisch
Ritueel Misbruik (SRM). SRM is een naam die gegeven werd
aan het zogezegde systematische misbruik van kinderen door
Satanisten.
Het was in de tweede helft van de jaren '70 dat er in de
VS beschuldigingen van "een goed georganiseerde satanische
cultus wiens leden in heel de VS kinderen seksueel misbruiken,
martelen en vermoorden" boven water kwamen. Er ontstond
paniek die werd versterkt door het boek 'Michelle Remembers'.
Het boek werd gepresenteerd als feitelijk, maar is sindsdien
door drie verschillende onderzoeken als ontmaskerd als fictie.
Nooit is er enig bewijs gevonden van SRM in de VS, net als
er nooit enig hard bewijs is gevonden van ontvoeringen door
buitenaardse wezens. Desondanks kregen de beschuldigingen
uitgebreid aandacht in de Amerikaanse media.
Religieuze fundi's stimuleerden de hysterie en zelfverklaarde
'morele ondernemers' stookten het vuurtje van vervolgingen
op en verdienden daar een goede boterham aan. Het merendeel
van de eerste aanklachten was gericht op mensen uit de arbeidersklasse,
en - enkele uitzonderingen daargelaten - was de reactie
van de media en belangengroepen er een van extremen: of
men zweeg of men deed volop mee met het uiten van beschuldigingen.
De weinige professionals die zich verzetten tegen
de hysterie werden systematisch aangevallen en in diskrediet
gebracht door overheidsinstanties en particuliere organisaties.
Laten we een en ander nog even in de tijdslijn plaatsen.
'Michelle Remembers' verscheen in 1980, M.D. Budd
Hopkins legde de laatste hand aan 'Missing Time'
in december van 1980. Toeval?
Van groot belang in het bovenstaande stuk is dat "de
weinige professionals die zich verzetten tegen de hysterie
werden systematisch aangevallen en in diskrediet gebracht
door overheidsinstanties en particuliere organisaties."
Hou dat even in gedachten als we kijken naar wat
de media in die tijd publiceerden op het gebied van de wetenschap.
In het eerder genoemde artikel uit Time-magazine
citeerde de auteur Ronald Reagan, die had gezegd dat wanneer
openbare scholen lesgaven over de Evolutie-theorie, "het
Bijbelse scheppingsverhaal ook onderwezen diende te worden."
De onderwijzers die voor het artikel werden geïnterviewd
waren geschokt door de heropleving van Bijbels fundamentalisme
(waarom zijn ze geschokt wanneer dit gebeurde tegen een achtergrond
van SRA en OBW?) en het effect dat dat had op de maatschappij
en dan vooral op het onderwijs.
Het probleem hier is dit: waarom is het eigenlijk een probleem?
Zoals Fix vaststelt moet van alle stromannen die de wetenschap
gevraagd werd omver te gooien het geloof in de recente schepping
van de Aarde toch wel het gemakkelijkst onderuit te halen
zijn, zeker wanneer het bewijs voor de Evolutietheorie zo
overweldigend is als men beweert.
De AAAS en zijn meest vooraanstaande leden en woordvoerders
waren echter onderdeel van het probleem. Om redenen waar we
het raden naar hebben werden deze personen neergezet als woordvoerders
voor de oplossing voor - of antithese tegen - de diepgaande
spirituele crisis waarin de Westerse maatschappij zich op
dat moment bevond. Het Time-artikel citeerde paleontoloog
Stephen Jay Gould, die stelde dat "evolutie een vaststaand
feit is. Mensen evolueerden van aapachtige voorvaderen, ofschoon
we kunnen discussiëren over hoe het precies gebeurde.
Wetenschappers bespreken mechanismen, geen feiten." Wanneer
je je bedenkt dat de gemiddelde mens in die tijd doodsbenauwd
was door de verhalen over Satanisten en buitenaardse wezens
moeten de uitspraken van Gould het hebben laten lijken alsof
hij en zijn wetenschappelijke genoten persoonlijke dienaren
van de Duivel zelf waren.
De werkelijkheid is namelijk dat de evolutietheorie helemaal
niet zo onomstotelijk en algemeen aanvaard is in wetenschappelijke
kringen als de AAAS wil doen uitschijnen. De internationaal
gerespecteerde paleontoloog Bjorn Keurten, ook een aanhanger
van de Evolutietheorie, meent dat de wegen van mensen en apen
zich al 35 miljoen jaar geleden scheidden, en dat het waarschijnlijker
is dat apen afstammen van vroege mensenrassen.
Zonder al te diep in te gaan op de inhoud van de Evolutietheorie
willen we toch even stilstaan bij het overduidelijke propagandistische
karakter ervan. Gould is dogmatisch en negeert het feit dat
enkele zeer vooraanstaande wetenschappers niet achter het
partijprogramma van de AAAS staan. Gould maakt niet eens het
onderscheid tussen een mening en een onbetwistbare aanname
die misschien toch niet juist is. Er worden dus grenzen gesteld
en we hopen later in dit artikel te begrijpen waarom.
Maar er zijn meer aanwijzingen dat het bij het voorgaande
ging om een propaganda-programma. In de uitgave van april
1981 van het tijdschrift Science Digest stond een
artikel van wetenschappelijk journalist Boyce Rensberger ("Ancestors:
A Family Album"), waarin hij stelde dat "behalve zij die
geloven in wonderen van de schepping (gebeurtenissen die in
principe niet bewezen of weerlegd kunnen worden) twijfelt
niemand eraan dat onze afkomst bijna vier miljoen jaar geleden
terug kan worden getraceerd tot kleine wezentjes die als volwassenen
niet veel groter waren dan een kleuter." Rensberger's vaststelling
dat "niemand eraan twijfelt" is heel bijzonder.
(Mag ik erop wijzen dat ook de Big Bang ook een van die "wonderen
van de schepping" is die noch bewezen, noch weerlegd
kunnen worden?) Het is een feit dat er ook onder paleontologen
sterke twijfels zijn over de herkomst van het menselijk ras.
Het is zeker dat Rensberger, als wetenschappelijk journalist,
dat wist. Ook zeer veel goed geïnformeerde leken wisten
het. En het is daarom dat William Fix de vraag stelt: "Waarom
zulke taal gebruiken? Het lijkt wel alsof het bedoeld is om
het onderwerp in diskrediet te brengen."
Fix somt dan een verifieerbare stroom van publicaties uit
de jaren '70 en '80 op die meer lijken op een promotiecampagne
dan een uitgebalanceerde schatting van de paleontologie. Aan
het einde van 1980 - de tijd dat de media volstonden van SRA
en OBW - kwam dan het boek 'Cosmos'
van Carl Sagan uit. Veel van wat Sagan schreef is oppervlakkig
en glibberig, maar erger is dat hij de ideeën van Darwin
presenteerde alsof er sindsdien (1859) niets meer bedacht
of heroverwogen is, terwijl dat zeker wel zo is. Sagan schrijft:
"De geheimen van evolutie zijn 'dood' en 'tijd'. De dood
van enorme hoeveelheden vormen van leven die niet goed aangepast
waren aan de omgeving; en de tijd voor een lange opeenvolging
van kleine veranderingen die per ongeluk een juiste aanpassing
bleken, tijd voor een langzame opeenvolging van patronen
van gunstige mutaties"
Sagan legde de nadruk op 'per ongeluk' door het schuingedrukt
weer te geven. Hij wilde duidelijk maken dat 'toeval' de fundamentele
factor is in het ontstaan van levensvormen en dan vooral bij
het ontstaan van het leven zelf in de uitgestrektheid van
de kosmos. Fix daarover:
"Sagan roept ongelukken aan zoals anderen God aanroepen.
Zijn stellingname impliceert dat niet alleen de mens, maar
het gehele universum uiteindelijk slechts ht resultaat is
van miljarden kleine ongelukjes over miljarden jaren...
Wetenschappelijk valt deze stelling net zo min te bewijzen
of te weerleggen als het wonder van het scheppingsverhaal.
Daarnaast staat het lijnrecht tegenover de wetten van de
waarschijnlijkheid. Filosofisch gezien snapt zelfs een kind
dat er teveel orde en patronen in de natuur te vinden zijn
om dat geloofwaardig te laten zijn. In Sagan's toevallige
kosmos verwordt bewustzijn tot een bijproduct van materie...
Na jarenlang wetenschappelijke en quasiwetenschappelijke
literatuur te hebben gelezen werd het mij ineens duidelijk
waarom de samenleving het culturele stereotype van de 'maffe
wetenschapper' had ontwikkeld. Sagan wil per sé
de hogepriester van het Materialisme spelen, en doet dat
slecht. Wanneer deze these over 'ongelukken' wordt gezien
als de toonaangevende wetenschappelijke wijsheid, dan is
het niet verrassend dat veel mensen de wetenschap de rug
hebben toegekeerd... de wetenschappers jagen de mensen weg
... met inhoudsloze absurditeiten.
Wanneer Sagan zelfs de mogelijkheid uitsluit dat een spirituele
dimensie een plaats kan hebben in deze kosmos - zelfs op
het onbekende, mysterieuze moment dat het leven begon -
dan maakt hij toevallige evolutie tot de verklaring voor
alles.
Op die manier gepresenteerd lijkt evolutie inderdaad
op een omgekeerde religie, een conceptueel gouden kalf"
(William Fix, The
Bone Peddlers: Selling Evolution
, Macmillan, 1984.)
Wanneer je dit bekijkt in de context van het voorgaande:
de promotie in de media van SRA en OBW, lijkt het inderdaad
een hele vreemde zaak. Wanneer de mensen langs de ene kant
gek gemaakt worden over spirituele zaken, aan de andere kant
het wetenschappelijk establishment in het zadel wordt geholpen
als verspreiders van hel en verdoemenis en tegelijkertijd
de media zich gedragen als demonen met een drietand waarmee
ze dan eens de ene, dan eens de andere kant uit prikken, is
het dan zo verwonderlijk dat de gemiddelde mens in de VS (en
elders) terugvlucht naar het "geloof van onze ouders"?
De dialoog tussen Reagan en de AAAS was maar het topje van
een ijsberg van veel serieuzer problemen in de wetenschap,
alwaar een interne kracht bezig is hem in disckrediet te brengen
in plaats van hem te stimuleren. William Fix daarover:
"Wetenschappers overschatten vrijwel zonder uitzondering
hoe sterk de zaak van de evolutietheorie staat. Aan de andere
kant hebben creationisten evenveel toegang tot de kritische
literatuur als ieder ander. Maar wanneer het gaat om het
verdedigen van hun eigen theorie hebben creationisten ook
geen sterke zaak, wat betreft de Bijbelse scholastiek en
wat betreft de schepping van de jonge Aarde. En toch zijn
de creationisten in de jaren '80 sterker dan ze in decennia
zijn geweest, en hun invloed lijkt nog steeds toe te nemen."
In 1984, toen zijn boek "The
Bone Peddlers: Selling Evolution
" werd gepubliceerd, noteerde Fix dus het begin
van een ontwikkeling die in onze tijd een angstaanjagende
realiteit is geworden. Zie hoe George Bush de fundamentalisten
gebruikte om z'n 'oorlogen uit voorzorg' te rechtvaardigen,
om maar niet te spreken van het verscheuren van de grondwet
en het invoeren van een staat van beleg. Sarah Palin met haar
Dominionistische
achtergrond is een ander zorgwekkend aspect van deze ontwikkeling,
en het zou me niet verbazen wanneer ze de volgende president
wordt en uitgroeit tot een Hitler op hakken.
Fix gaat verder met het onderzoeken van deze ontwikkeling
en vindt ook nog de onderliggende oorzaak:
"Het wonderlijkste aspect van het debat is dat de creationisten
in stand worden gehouden door gebeurtenissen die helemaal
buiten het evolutievraagstuk staan. De Bijbel stopt uiteraard
niet na Genesis. Verdeeld over de verschillende boeken van
zowel het Oude als het Nieuwe Testament vinden we een aantal
profetieën die voorspellen dat de staat Israël
herboren zal worden met Jeruzalem als hoofdstad, en dat
er uiteindelijk een grote, finale en dramatische laatste
veldslag zal plaatsvinden tussen Israël en een alliantie
van verschillende landen, waaronder een 'uit de zijden van
het noorden' (Ezechiël 39:2), een referentie die sommigen
zien als Rusland.
Zoals iedereen wel zal weten is Israël inderdaad herboren
. In 1980 claimden de joden Jeruzalem als hun eeuwige, ondeelbare
hoofdstad. En week na week ziet men hoe de politieke realiteit
in het Midden-Oosten steeds meer in de plooi van de Bijbelse
voorspellingen begint te vallen.
Dit overduidelijke en enorme gegeven is slechts
hoogst zelden deel van de discussie, maar de huidige sitiatie
in het Midden-Oosten heeft waarschijnlijk meer te maken
met het opbloeiend fundamentalisme dan met wat dan ook."
We zullen het hier op deze plaats niet over evolutie zelf
hebben, maar laat me toch nog eens Fix citeren:
"Toen Kelly Segraves in een Californische rechtbank claimde
dat evolutie een seculiere religie was kleefde er meer aan
die aanklacht dan alleen rechtzaalretoriek. Hij zou daarmee
wel eens het centrale thema van het debat kunnen hebben
genoemd. Van uit een afstandelijker, breder perspectief
is het bijna onmogelijk niet te concluderen dat we getuige
zijn van een conflict tussen twee concurrerende geloofssystemen."
Dat is inderdaad de kern van de discussie: een volledig materialistische
kijk op de realiteit tegenover een visie die meent dat bewustzijn
ook zonder materie kan bestaan. De creationisten zijn met
opzet door de Joodse media geprovoceerd om te reageren op
dit geheel materialistische wereldbeeld, en hebben zich teruggetrokken
achter de 'God-heeft-het-gedaan-en-het-is-waar-want-hij-zegt-het-zelf'-uitleg.
Dit past heel erg goed in de plannen van de Zionisten.
Wat zorgwekkend is, is dat de materialistische evolutionisten
geprovoceerd zijn een onhoudbaar standpunt in te nemen met
dezelfde, zichtbare vastberadenheid om hun mannetje te staan
tegen elke erkenning van elk proces dat niet volledig willekeurig,
toevallig en materieel is.
Want ook de Big Bang-theorie is Creationisme. Materialisten
geloven dat materie ineens bestond zonder dat iets anders
eraan vooraf ging. Het oeratoom was er gewoon, en ze doen
geen pogingen het te verklaren. Dat is net zo zot als zeggen
'God was er gewoon' en besloot het heelal te maken.
Ook de Evolutionisten hebben ongefundeerde aannames nodig
om hun theorieën recht te houden (ze zijn niet de enige
wetenschappers), bijvoorbeeld wanneer ze stellen dat bewustzijn
een zeer lange evolutionaire geschiedenis heeft. Dat is een
veronderstelling. Ook stellen dat alle bewustzijn voortkomt
uit materie is een veronderstelling.
Het is natuurlijk absoluut niet zo dat evolutie niets verklaart.
Dat doet het zeker, met vaak zeer robuuste verklaringen. Maar
er zijn ook veel zaken bekend die het tegenspreken of er in
ieder geval niet mee in overeenstemming zijn.
Wie de materie echter van dichterbij bekijkt moet concluderen
dat een aantal vooraanstaande wetenschappers het klassieke
Darwinisme niet meer accepteert, maar ook dat ze hun vaststellingen
niet hebben gepubliceerd, of niet hebben mogen publiceren.
Je vindt hun bevindingen alleen in hun academische essays
in wetenschappelijke kring. Tegelijkertijd zijn gewone mensen
nauwelijks nog in staat het onderscheid te maken tussen wetenschappers
en praatjesmakers, en gaat men er heel naïef van uit
dat al die sensationele artikelen over het onderwerp gebaseerd
zijn op feiten. Meer dan een serieuze wetenschapper heeft
bezorgdheid geuit over het gegeven dat de werkelijke kennis
over Darwinisme en evolutie niet bekend worden.
Aanhangers van Darwinisme of Neodarwinisme benadrukken dat
er een duidelijk onderscheid is tussen wetenschap en religie.
En inderdaad, er zijn onmiskenbare verschillen tussen de stijl
en inhoud van een experiment in een laboratorium en zeggen
dat men de kennis heeft verkregen via een Goddelijke openbaring.
Maar wie verder kijkt dan zijn neus lang is en zich afvraagt
wat de overtuiging is van degene die het experiment uitvoert
zal erachter komen dat de onderzoeker een aanhanger is van
de versie van de Evolutietheorie die gebaseerd is op een volledig
materialistische of mechanische hypothese. Zo iemand zal zeggen
dat het verschil tussen wetenschap en religie is dat wetenschap
zich bezighoudt met kennis van het bewezen en het zichtbare,
terwijl religie zich bezighoudt met blind geloof in het onbewijsbare
en het onzichtbare.
En het lijdt geen twijfel dat een geoloog die een aardlaag
vol fossielen bestudeert zich op vastere grond bevindt dan
een theoloog die de Goddelijke drie-eenheid bespreekt. Maar
de kneep ziit hem hierin dat ook de Evolutionisten uitgaan
van een aantal aannames die net zo min zichtbaar te maken
zijn als men God kan zien.
Evolutionisten doen vaak een beetje lacherig over de Creationisten
en hun geloof in het wonder van de schepping, dat noch bewezen
noch weerlegd kan worden. Maar Evolutionisten zijn niet zo
anders wanneer ze een intelligente invloed op de evolutie
bij voorbaat uitsluiten. Karl Popper stelde in Conjectures
and Refutations (1963) dat "een theorie die
niet te weerleggen is met een aannemelijke gebeurtenis niet
wetenschappelijk is." Het belangrijkste verschil
tussen hen die geloven in wonderen en de schepping en hen
die geloven in toevallige variaties is dat de eerste groep
God aan de touwtjes laat trekken en de tweede groep alles
toewijst aan op elkaar botsende atomen als allesbepalende
realiteit. Zoek de verschillen...
Het lijkt daarom evident dat evolutie voor velen de rol van
een seculiere religie speelt. Wanneer ze het hebben over "niemand
twijfelt eraan dat..." lijken ze te zeggen dat hen iets
geopenbaard is dat alleen begrepen kan worden door hun hogepriesters
en ingewijden.
Alfred Russell Wallace, die mede de basis legde voor de Evolutietheorie,
dat natuurlijke selectie alleen geen verklaring kon geven
voor het ontstaan van de mens. Hij schreef: "De natuur
geeft een soort nooit meer capaciteiten dan nodig voor het
overleven." Dat betekent dat er een probleem is bij het
verklaren van een aantal aspecten van het menselijk ras -
toch in ieder geval voor een aantal individuen. Stephen Jay
Gould daarover:
"Het enige eerlijke alternatief is te erkennen dat er zeer
duidelijke paralellen zijn tussen mensen en chimpansees.
En wat verliest de mens daarbij? Misschien alleen een verouderde
voorstelling van de ziel..."
Hiermee raakt Gould aan de kern van het evolutionaire materialisme,
"het axioma dat materie de bron is van alles wat bestaat en
dat alle geestelijke en spirituele verschijnselen daar bijproducten
van zijn." Dat is de kern van het debat en daarbij is
het zo, zoals Zinoviev opmerkt, dat "deze reductie
van alle geestelijke en spirituele verschijnselen tot bijproducten
van materie niet langer beperkt blijft tot de biologie en
antropologie; het is doorgedrongen in het grootste deel van
de moderne filosofie, de psychologie, de medische wetenschap,
maatschappelijke modellen, de politiek enz.. Dit geloof in
evolutie doet er alles aan om onderzoek dusdanig te beperken
dat het standaard axioma bevestigd wordt."
Harvard-professor G.G. Simpson was een van de grondigste
en meest veelzijdige auteurs over evolutie. In zijn boek Tempo
and Mode in Evolution (1944) schreef hij:
"... het voortschrijden van kennis vereist zonder compromis
dat geen enkel niet-fysiek axioma ooit zal worden toegelaten
in verband met de studie naar fysieke fenomenen... de onderzoeker
die op zoek is naar verklaringen mag alleen fysieke verklaringen
nastreven..."
Wijlen Weston La Barre, professor antropologie aan Duke
University, werd volledig in beslag genomen door de ideologische
strijd tegen de 'vijand' en schreef dat buiten evolutie alle
andere religies slecht aangepast escapisme van de realiteit
zijn. La Barre vergeleek Plato en zijn filosofie waarin ideeën,
vormen, patronen, types en archetypes bestaansrecht hebben
en reëel zijn en dus duidelijk relevant zijn voor de
evolutie en het ontstaan van de soorten regelmatig met Adolf
Hitler. Hij liet daarbij steeds na te vermelden - zoals echte
gelovigen aan beide kanten van het debat doen - dat Hitler
een overtuigd - ja zelfs extreem - Darwinist was, die geloofde
dat de mens afstamde van de apen, een stelling die Plato absurd
zou hebben gevonden.
De publicaties van vele grote onderzoekers, waaronder
Carl Jung, fysici en wiskundigen, stellen dat Plato gelijk
had en dat er immateriële zaken als een ziel, archetypes,
bewustzijn buiten het fysieke brein, en dergelijke bestaan.
Het bewijs hiervoor is in feite uitgebreider dan de stukjes
en beetjes aan bewijs die zijn bijeen gelijmd in een poging
de macro-evolutie aannemelijk te maken. En dit betekent uiteraard
dat de voorvechters van het materialistische Darwinisme degenen
zijn die geleid worden door een van de grootste waanideeën
uit de geschiedenis.
De kwantumfysica beschrijft hoe niet alleen 'materie' op
zijn meest fundamentele niveau uiteen lijkt te vallen in gestructureerde
trillingen en hoe het lijkt alsof bewustzijn daarbij een sturende
rol speelt. Er is inmiddels vrij veel bewijs dat de
geest onafhankelijk van een fysiek brein kan bestaan en dat
fenomenen als telepathie niet alleen aantoonbaar zijn, maar
ook dat ze overeenstemmen met modellen van een heelal met
niet-plaatselijke oorzaken.
Met andere woorden de wereld is veranderd waar de materiële
evolutionisten bijstonden en onze realiteit behelst meer dan
hetgeen waar het Neodarwinisme op gebaseerd is. Het
feit dat de meeste hedendaagse evolutionisten nog steeds vasthouden
aan ouderwetse, grove en mechanische theorieën ondanks
gekende ontwikkelingen in andere wetenschappelijke disciplines
bewijst eveneens het religieuze karakter van hun ideeën.
En dat brengt ons tot de interessante gedachte dat het voor
zowel de aanhangers van een puur mechanische evolutie als
voor de creationisten maar moeilijk te aanvaarden is dat elke
kosmologie die voldoende verklaringen geeft voor de fenomenen
die we in ons heelal kunnen waarnemen een onderliggende dynamiek
en diepere implicaties heeft. Zowel de evolutionisten als
de creationisten lijken niet in staat tot het werkelijk abstracte
denken die nodig zijn om deze implicaties te ontleden. Het
is alsof beide geloofssystemen gevangen zitten in een aantal
cognitieve beperkingen die de drijvende kracht vormen achter
hun waarnemingen, ervaringen en prioriteiten. Wanneer we gegevens
verzamelen over deze mensen - en we vinnden ze onder alle
rangen en standen van de maatschappij - vinden we een gemene
deler die 'het autoritaire persoonlijkheidstype wordt genoemd.
Dit type wordt gekarakteriseerd door drie houdings- en gedragsclusters
die onderling verband houden:
1) Autoritair onderdanig - een hoge mate
van onderdanigheid aan de autoriteiten, die gezien worden
als gevestigd en legitiem in de samenleving waarin men woont,
of in de kringen waarin men actief is.
2) Autoritair agressief - algemene
agressie tegen andere mensen die onder invloed van de gevestigde
autoriteiten gezien worden als doelwit
3) Conventionalistisch - zeer gehecht aan
tradities en sociale waarden waarvan men denkt dat ze worden
bekrachtigd door de samenleving - of door de eigen kring -
en de gevestigde autoriteiten, en sterk gelovend dat anderen
in de samenleving ook aan deze waarden dienen te hechten.
Wanneer de tradities en de sociale waarden worden opgelegd
door de autoriteiten en hun regelneverigheid is alles van
hoog tot laag aangetast.
Volgens psycholoog Robert Altemeyer, "hebben 'autoritairen'
de neiging cognitieve fouten en symptomen van gebrekkig redeneren
te vertonen. Ze lopen een grotere kans om verkeerde conclusies
te trekken uit beschikbare aanwijzingen die het resultaat
zijn van het hokjesdenken. Ze lopen ook een grotere kans zonder
veel kritiek gebrekkig bewijs dat hun mening ondersteunt te
accepteren, en ze zullen niet snel hun eigen beperkingen erkennen."
(Robert Altemeyer, Right-Wing Authoritarianism, University
of Manitoba Press, 1981.)
Zoals we zien is deze beschrijving op beide kanten van het
debat van toepassing, en onderwerpen beide kanten zich keihard
aan hun eigen gekozen 'autoriteiten', identificeren ze zich
op een overdreven manier met hun geloofsgenoten, wijzen ze
tegenstrijdig bewijs van de hand en worden zij die dit tegenstrijdige
bewijs leveren aangevallen.
Onthoud alstublieft het 'autoritaire' persoonlijkheidstype,
en denk eraan dat het niet zozeer gaat om wat men gelooft,
maar om de manier waarop men gelooft en dat uitdraagt.
Het is tijd om de aandacht te verleggen, maar voordat we
dat doen wil ik toch even mijn persoonlijke mening duidelijk
maken. Ik geloof niet in 'God'. Ik geloof niet dat een God
de kosmos heeft geschapen. Ik geloof echter wel dat het pure,
oneindige potentieel dat we kennen als bewustzijn de basis
is van alles dat bestaat. Ik denk dat we 1) kwantum; 2) chemisch;
3) biologische wezens zijn - in die volgorde - en dat het
kwantumaspect aan ons niet materieel is. Mijn eigen visie
wijst de uitgangspunten van zowel Darwinisme als Creationisme
af. Desondanks sta ik achter een groot deel van de ideeën
van evolutie omdat ze empirisch gezien evident zijn, maar
van de basistheorie van evolutie zoals geformuleerd door Charles
Darwin is al meermaals aangetoond dat die onmogelijk is. Ik
sta afwijzend tegenover de Big Bangtheorie, die - grondig
geanalyseerd - puur Creationisme is onder een andere naam;
een ander geloofssysteem. Zowel Creationisme als de
Big Bangtheorie stellen dat het heelal gecreëerd, lineair
en eindig is. Een oneindig, altoosdurend en bewust
heelal vereist geen schepper - het is wat het is.
Tot besluit: ik beweer niet dat dit de waarheid is, maar na
45 jaar onderzoek is dit mijn conclusie. Het is absoluut waar
dat er nog veel meer ontdekt en begrepen moet worden. Nu terug
naar ons onderwerp.
Een van de problemen met de visie die ik aanbracht in het
Witches-artikel
was dat ik toen enkel en alleen uitging van algemeen
aanvaard archeologisch en geologisch bewijs. Het is een bruikbare
visie, maar ik denk dat we er nu wel van uit kunnen gaan dat
het niet het volledige plaatje weergeeft. Daarom wilde ik
me ook niet bezighouden met de vraag of er ten tijde van de
Grote Overstromingen een hoogontwikkelde samenleving bestond.
De moderne, aanvaarde wetenschap stelt dat dit niet mogelijk
is omdat de evolutietheorie dat 'ouder' direct 'primitiever'
betekent.
(Zoals eerder gezegd wil ik hier niet dieper ingaan op de
evolutietheorie an sich, maar ik kan wel een aantal
goede boeken aanraden: The
Bone Peddlers: Selling Evolution
van William Fix en Shattering
the Myth of Darwinism van Richard Milton. De bibliografieën
in deze twee boeken tonen een aantal zeer goede wetenschappelijke
werken van algemeen aanvaarde wetenschappers die aantonen
dat er nog steeds enkele wetenschappers zijn die niet onder
invloed staan van de AAAS en andere corrupte pseudowetenschappelijke
organisaties).
Het probleem met opzettelijke vervalsing is het gevolg van
een sociale ontwikkeling die enige aandacht verdient. Het
is uiteraard gemakkelijk te zeggen dat alles wat we weten
- of denken te weten - vervalst of vervormd is; wat hier voor
ons van belang is is hoe dit gebeurde. Wat voor maatschappij
doet dat soort dingen en welke processen zorgen ervoor dat
het gebeurt? Is er een manier om het materiaal dat de revisionisten
aandragen in overeenstemming te brengen met de feiten die
door de vervalsers uit hun context worden getrokken, zoals
eerder door
Zinoviev beschreven? En nog belangrijker: is er een verband
tussen wat er op dit moment in de wereld gebeurt en wat er
wellicht gebeurd is in een voorgaande, verdwenen ontwikkelde
beschaving?
De mythe van een verloren paradijs, of een Gouden Tijd, is
vrijwel universeel overal op onze planeet. De Gouden Tijd
zou een tijd geweest waarin de mensheid zuiver en goed was,
en het boosaardige niet in staat was te domineren. Dit thema
komt zeer goed aan bod in de Griekse mythologie. De Grieken
stellen dat beschavingen komen en gaan in cycli, zoals de
seizoenen tijdens een jaar. Er was een Gouden Tijd die na
enige tijd in verval raakte en plaatsmaakte voor de Zilveren
Tijd, die op zijn beurt in verval raakte en plaatsmaakte voor
de Bronzen Tijd, waarna de mensheid verder afzakte naar de
IJzeren Tijd en uitendelijk de Donkere Tijd.
Dit alles galmt ook na bij de Hindoes en de Vedische cultuur,
met zijn model van Yuga's: de Satya Yuga (Gouden Tijd), Treta
Yuga (Zilveren tijd), Dwapara Yuga (Bronzen Tijd), en Kali
Yuga (IJzeren Tijd). Volgens de Hindoes leven we in de laatste
dagen van de IJzeren of Donkere Tijd ofwel de Kali Yuga. Aan
het einde van die tijd ontwaakt Brahma uit zijn droom en begint
de cyclus opnieuw.
De duur van deze periodes verschilt van systeem tot systeem,
en het geheel is steeds weer opnieuw geïnterpreteerd
- zoals dat gebeurt met Bijbelse teksten - om een veelheid
van theorieën te ondersteunen.
In de Bijbelse traditie wordt het thema weergegeven als het
'Paradijs' en het is precies daar dat we een zeer interessante
variatie tegenkomen: vrouwen zouden het verval hebben veroorzaakt.
En het is daadwerkelijk zo dat het grootste deel van de scheppingsmythes
in deze wereld gewag maken van een rituele fout waardoor de
mensheid in verval raakte, en veel van die mythes wijzen die
fout toe aan iets dat te maken had met seks en de geslachten.
Naast het vertrek uit het Paradijs is er ook de zondvloed
van Noah en de vernietiging van Sodom en Gomorra, die ook
aan seksuele uitspattingen worden geweten. In de Soemerische
mythes wordt gesteld dat het feit de mens te pas en te onpas
maar overal van bil ging de Goden wakker hield en dat die
daardoor geen rust vonden. Ze besloten dan maar om een eind
te maken aan al het geharrewar en de boel te vernietigen.
Veel revisionisten schrijven over Atlantis alsof dat de Gouden
Tijd was. Maar dat is niet in overeenstemming met wat Plato
erover schrijft (Atlantis was volgens hem een boosaardig rijk
dat een wereldoorlog veroorzaakte). Een logischer conclusie
zou dus zijn dat Atlantis de IJzeren Tijd was van een cyclus
die ver voor de zondvloed zijn Gouden Tijd kende.
De oplossing voor dit vraagstuk is volgens mij het in overeenstemming
brengen van de algemeen aanvaarde archeologische vondsten
met de these van de revisionisten. Denk nog eens terug aan
wat
Zinoviev erover schreef: "...hun kracht is
dat ze in staat zijn historische gebeurtenissen foutief weer
te geven terwijl ze wel de juiste tijd- en ruimtecoördinaten
hanteren en individuele feiten waarheidsgetrouw en met veel
details weergeven. De werkelijke vervalsing wordt bewerkstelligd
middels het selecteren van feiten, de combinatie van die feiten
en de interpretatie, net als de context van ideologische opvattingen,
propagandistische teksten waarin ze zijn ondergedompeld,
..."
Aan de hand hiervan zouden we kunnen concluderen dat de feiten
en locaties zoals ze door de aanvaarde paleontologen, archeologen
en geologen worden aangedragen alleen op zichzelf correct
zijn. De selectieve publicatie ervan - veel wordt verzwegen
- en de manier waarop de vondsten met elkaar in verband worden
gebracht, geïnterpreteerd en in een ideologisch kader
worden geplaatst (evolutie) zorgt voor de misleiding. Terwijl
we uitvogelen hoe dit allemaal in elkaar steekt komen we er
misschien ook achter waarom onze wereld volledig wordt gedomineerd
door leugens en leugenaars.
Er is substantieel bewijs dat in Europe plotseling een soort
supermens opdook, die we kennen als de Cro-Magnon-mensen.
Deze cultuur was in de voorgaande 200.000 jaar niet eerder
waargenomen tussen de overheersende Neanderthal-culturen.
Het bewijs toont ons de grotschilderingen en andere kunstvormen
die redelijk verbazingwekkend zijn in relatie tot de primitieve
levensstijl die de Cro-Magnoncultuur erop na hield. De primitieve
levensstijl en de grotschilderingen zijn redelijk goed met
elkaar in overeenstemming, maar we kunnen ook vaststellen
dat de Cro-Magnon tevoorschijn komen in een tijd ver voor
de zondvloed, en de tijdlijn laat voldoende marge om tussen
Cro-Magnon en zondvloed tot een hoogontwikkelde beschaving
te komen. Het is tijdens de ontwikkeling van deze beschaving
dat we de 'rituele fout' moeten zoeken die tot zijn ondergang
leidde.
De revisionisten hebben absoluut bewijs gevonden voor een
hoogstaande, zeer oude beschaving. Dit bewijs wordt door de
gevestigde wetenschappers volledig genegeerd. Aanvaarde wetenschappers
komen op de proppen met de meest idiote verklaringen voor
die bewijzen, en als ze dat niet lukt spelen ze op de man.
Veel van het bewijs voor ontwikkelde steden wordt gedateerd
in een periode ver na de Cro-Magnon en zijn duidelijke 'primitieve'
levenswijze. Wanneer we kijken naar planetaire catastrofes
en hoe die in staat zijn de oppervlakte van de Aarde schoon
te vegen, is het niet zo vreemd dat er niet zoveel fysiek
bewijs van de culturen van voor de zondvloed zijn overgebleven.
Dat er überhaupt nog aanwijzingen gevonden worden is
een wonder op zich. Maar we moeten werken met wat we hebben,
maar ik meen dat de revisionisten meer hard bewijs hebben
dan de evolutionaire pseudowetenschappers, zeker wanneer we
in ogenschouw nemen dat de laatste groep vrijwel academische
titels en financiële middelen tot hun beschikking hebben.
Er zijn vele cycli, en cycli binnen die cycli. De langste
cyclus die enigszins in verband staat met de Aarde is de omwenteling
van de Melkweg. Ons zonnestelsel draait rond het centrum van
de Melkweg, en één volledige omwenteling duurt
225 miljoen jaar. We kennen de cyclus van de precessie (ong.
25.000 jaar) en kunnen ervan uitgaan dat een combinatie van
meerdere precessiecycli kunnen worden gecombineerd tot weer
een andere cyclus. De Zodiac-cyclus verdeelt een precessiecyclus
in twaalf stukken van 2.083 jaar, de Hindoes verdelen een
precessiecyclus in vier Yuga's van 6,250 jaar. Wie er mee
wil spelen en de cycli af wil zetten tegen de ons bekende
historische gebeurtenissen zal al snel een patroon ontdekken
dat samenvalt met deze cycli.
Maar terug naar het onderwerp. Er bestaat veel onzekerheid
over de datering van de prehistorische mens, en ondanks enkele
spectaculaire vondsten is er maar heel weinig dat ons iets
leert over hoe mensen in de prehistorische tijd leefden. Er
zijn veel aanwijzingen dat er meerdere cycli zijn geweest
aan het einde waarvan een hoogontwikkelde samenleving volledig
ten onder ging. De laatste keer was het een natuurlijke gebeurtenis
die we nu kennen als de zondvloed die een einde maakte aan
de beschaving die op dat moment dominant was. Wie de mate
van de ontwikkeling van die beschaving wil kennen moet maar
eens zien wat er in Puma Punku allemaal is aangetroffen, of
welke wonderlijke vliegmachines er beschreven worden in de
oude Vedische literatuur. Toch lijkt de Zondvloed (een goede
12½ duizend jaar geleden) niet het einde van een volledige
precessiecyclus, eerder het einde van een cyclus binnen die
cyclus.
Misschien zijn het wel die Hindoeïstische Yuga's die
dergelijke subcycli beschrijven, en wellicht stonden de Cro
Magnon aan het begin van die cyclus? Ik denk dat we het leven
net voor of direct na de zondvloed moeilijk een Gouden Tijd
zullen kunnen noemen. Maar als we dan het neopaleoliticum
als een soort Gouden Tijd nemen (en we hebben redenen om aan
te nemen dat dat zo was) en onze eigen tijd als de IJzeren
Tijd, op weg naar hel en verdommenis, hoe past de zondvloed
dan in dat plaatje? Een halve precessiecyclus is 12½
duizend jaar lang, en veel experts die zich bezig houden met
grote natuurrampen uit het verleden, en dan specifiek met
grote inslagen van kometen en meteoren, menen dat er 12½
duizend jaar geleden zoiets gebeurd is. Waarom is deze laatste
cyclus van belang? Kijken we eens naar het grote plaatje.
In hun boek The
Sixth Extinction, beschrijven Richard Leakey en Roger
Lewin (1995) het heden als een tijd waarin we op weg zijn
naar het uitsterven van tenminste 50% van alle leven op de
planeet, misschien inclusief de mens. Ze stellen dat het meeste
uitsterven te wijten is aan menselijke overbevolking en overbelasting
van de natuurlijke bronnen. Maar er zit meer aan vast dan
alleen de eindeloze menselijke domheid, zoals het onderzoek
naar inslaande kometen duidelijk laat zien. Het huidige uitsterven
is wellicht slechts deel van een langere cyclus, zoals Richard
Firestone & co beweren in The
Cycle of Cosmic Catastrophes:
Een proces van massaal uitsterven voltrekt zich in drie
fases:
1) Een enorme catastrofe leidt tot het verdwijnen van een
aantal soorten.
2) Dit verdwijnen leidt tot de overpopulatie van enkele
overlevende soorten.
3) Overpopulatie leidt tot een rampzalig sterven
Deze vergelijking is bij het bestuderen van alle fases
van massaal uitsterven overeind gebleven. In het proces
wat nu gaande is hebben we als soort de eerste twee fases
al achter ons gelaten, maar moet het grote sterven nog beginnen.
.." (Richard Firestone, Allen West, Simon Warwick-Smith,
The
Cycle of Cosmic Catastrophes, Bear & Co., 2006.)
Maar nog steeds zit er meer aan vast dan wat Firestone &
Co veronderstellen. Het is belangrijk dat we ons realiseren
dat wat er 12½ duizend jaar geleden gebeurde gewoon
een van vele momenten van massaal sterven was. Indien deze
onvoorstelbaar gewelddadige gebeurtenis - waarbij bijna al
het leven op de Aarde werd vernietigd - zich voordeed op een
moment dat een mondiale macht probeerde de rest van de planeet
te domineren mogen we ons dan de vraag stellen of onze levende
planeet, haar metgezellen in het zonnestelsel en ook hun voogd,
de zon een zekere mate van bewustzijn aan de dag leggen en
of ze gezamenlijk in staat zijn om af te rekenen met de mensheid
- of willekeurig welke andere soort - op een moment dat het
te gortig wordt. Was Atlantis daar een voorbeeld van? Werden
andere vernietigde en bedolven beschavingen, wiens namen volledig
vergeten zijn, het slachtoffer van hun eigen verdorvenheid
op een dergelijke manier?
Nog eens terugkomend op de mogelijkheid van een Atlantis
als hoogontwikkelde samenleving: het kometenscenario wordt
al langer besproken en een aantal theses is naar voor geschoven.
We gaan die hier nu niet allemaal bespreken, maar ik wil er
wel even op wijzen dat de discussie hierover in academische
kringen nog niet beëindigd is. In de samenvatting van
zijn proefschrift 'Galactic Encounters, Apollo Objects
and Atlantis: A Catastrophical Scenario for Discontinuities
in Human History' ('Galactische ontmoetingen, Apollo
Objecten* en Atlantis: een catastrofaal scenario voor onderbrekingen
in de menselijke geschiedenis') schrijft Emilio Spedicato
van de Universiteit van Bergamo:
* Apollo Objecten zijn hemellichamen
die in hun baan rond de zon in de buurt van de Aarde komen
"Recente ontdekkingen van de interactie van de Aarde met
hemellichamen, en dan vooral kometen, worden bestudeerd
met speciale aandacht voor hun klimatologische gevolgen.
We hebben de hypothese dat de laatste ijstijd in gang werd
gezet door een inslag boven een continent en werd beëindigd
door een inslag boven de oceaan. We stellen dat in de streken
dichter naar de evenaar de klimaatomstandigheden dermate
gunstig waren dat de mens een hoge mate van ontwikkeling
bereikte. Het Platonische verhaal van Atlantis wordt geïnterpreteerd
aks een in essentie juiste beschrijving van een politieke
macht die actief was in de laatste periode van de ijstijd."
Een politieke macht tijdens de laatste periode van de laatste
grote ijstijd met een drang om de hele wereld over te nemen
staat mijlenver van de vredige Cro-Magnon die de grotten beschilderden
en een zeer hoog niveau bereikten in het produceren van hun
stenen werktuigen en kunstvoorwerpen, en die er een zeer stabiele
en homogene manier van leven op na lijken te hebben gehouden;
een levensstijl die zo succesvol was dat er duizenden jaren
niet veel aan veranderde. Het lijkt er sterk op dat er tussen
de tijd dat de grottekeningen werden gemaakt en de zondvloed
aan het einde van de laatste ijstijd iets is voorgevallen.
Het zou hetzelfde geweest kunnen zijn dat we in onze eigen
Westerse cultuur zien: een sluipend moreel verval dat langzaam
maar zeker alles vergiftigd en een hele beschaving te gronde
richt. En dat dwingt ons ertoe om te proberen erachter te
komen hoe het gebeurd zou kunnen zijn. Een en ander hangt
wellicht ook samen met het verval van onze wetenschap, zoals
we dat eerder in deze serie al bespraken.
Iedereen weet dat er iets heel erg mis is met onze wereld,
maar ook dat daar honderden zo niet duizenden mogelijke verklaringen
voor zijn. Sommige zullen geheel of ten dele waar zijn, andere
foutief en dat laatste soms zelfs met opzet, om de mensen
op een dwaalspoor te zetten. En daarom is het zoeken naar
de waarheid over de geschiedenis van de mensheid, of die in
ieder geval zo dicht mogelijk benaderen, zo belangrijk. Bedenken
hoe je je ergens van kunt bevrijden gaat het best wanneer
je goed snapt wat het is dat je tegenhoudt - het is een beetje
als het terug-ontwerpen van een stukje onbekende techniek
- en dan komen we dus op het terrein van de geschiedenis en
de natuurwetenschappen. Daarbij zal je voldoende bewijzen
moeten hebben om anderen ervan te overtuigen dat het plan
dat je hebt gebaseerd is op feiten - vooral de realiteit -
en dat het de dingen niet zal verergeren.
Eerder stipte ik even aan dat de vernietigende werking van
een komeetinslag die wordt geassocieerd met de zondvloed misschien
wel verantwoordelijk is geweest voor mutaties in de menselijke
populaties en dat deze mutaties hebben geleid tot verschillende
psychopathologieën die zich geleidelijk onder
de populatie hebben verspreid, en die de mensheid en het leven
op Aarde in toenemende mate hebben aangetast, tot we zijn
aangeland waar we ons nu bevinden. Is Atlantis hetzelfde overkomen
via een eerdere cataclysmische interactie? Atlantis ging volgens
Plato ten onder aan wat we vandaag de dag ook om ons heen
zien: een corrupt mondiaal systeem dat heerschappij over de
gehele planeet nastreeft. Voor Atlantis, midden in of net
nadat ze een strijd voor de hegemonie hadden gestreden, eindigde
het met een zondvloed die een zeer groot deel van het leven
op deze planeet binnen een etmaal vernietigde. Dat is ontnuchterend
Maar iets taste de wereld van de Cro-Magnon al veel en veel
eerder aan, en wat het ook was: het bracht vreedzame jagers-verzamelaars
ertoe een complexe technologische beschaving te creëren,
die de mensheid vervolgens de dieperik in leidde. Hetgeen
de mensheid aantastte heeft de zondvloed zeer waarschijnlijk
overleeft tot in onze eigen tijd en beschaving. Het is een
systeem dat materialisme als zijn uitgangspunt beschouwt en
dat de mogelijkheden van het bewustzijn als een factor in
de menselijke dynamiek volledig uitsluit - behalve dan als
bijproduct van materie. Wanneer we het over materialisten
hebben moeten we ook creationisten daarbij tellen, want hun
ideeën zijn even materialistisch als die van de evolutionisten.
Laten we eens enkele feiten bekijken die ons misschien enkele
aanwijzingen kunnen geven over de herkomst van deze denkwijze.
In The
Neanderthal Legacy schrijft Paul Mellars:
"Misschien wel het meest intrigerende en raadselachtige
aspect van het Midden-Paleolithicum is de vraag hoe en waarom
er een einde aan kwam na een periode van 200.000 jaar van
opzienbarende stabiliteit. In de voorgaande hoofdstukken
kwam naar voor dat er weliswaar belangrijke verschuivingen
plaatsvonden in de exacte morfologie en technologie van
het fabriceren van de stenen werktuigen, patronen van het
levensonderhoud en de verspreiding van de vestigingsplaatsen,
etc. op verschillende momenten in het Midden-Paleolithicum
, maar weinig tot geen van deze verschuivingen lijken te
wijzen op een radicale reorganisatie of herstructurering
van technologische, economische of sociale patronen. De
meeste van de onderzochte veranderingen lijken eerder cyclisch
dan lineair te zijn ... geen van deze veranderingen lijken
op dit moment te wijzen op een aanpassing van de fundamentele
cultuur- en gedragspatronen die, in verschillende vormen,
kunnen worden getraceerd tot in de laatste ijstijd.
Dan is er een dramatische breuk met deze patronen tijdens
de overgang van Midden- naar Laat-Paleolithicium, die zich
in de grootste delen van Europa zo'n 35.000 tot 40.000 jaar
geleden afspeelde."
En dan stelt hij de belangrijkste vraag die een archeoloog
of paleontoloog kan stellen: wat is de precieze aard van de
veranderingen in de gedragspatronen en in welke mate kan dit
worden toegeschreven aan een significante verspreiding van
nieuwe menselijke populaties? De bijbehorende vraag is natuurlijk:
waarom moeten we deze combinatie van biologische en sociale
verandering juist op dit moment in de geschiedenis tegenkomen?
Het was tenslotte een tijd dat grote delen van Europa nog
midden in het Wurm-glaciaal zaten (dat wordt ons toch verteld,
al pleiten Allan & Delair in hun boek Cataclysm
voor een andere interpretatie van de ijstijden). Spedicato
stelde in zijn proefschrift dat het laatste glaciaal begon
met een komeetinslag boven land, en misschien is dat de reden
van het plotse opduiken van de Cro-Magnon?
"Correlatie is nog geen causaliteit en dus kunnen er geen
definitieve conclusies aan worden verbonden, ondanks de
massa aanwijzingen dat er een verband is tussen kometen
en ziekteverwekkers uit de ruimte. Desondanks zijn kometen
een ideaal vervoermiddel voor het in leven houden en verspreiden
van een veelvoud aan microben, inclusief virussen, van planeet
tot planeet, en zelfs van zonnestelsel naar zonnestelsel.
Een gevolg daarvan is dat wanneer deze organismes terecht
komen in een wereld die al barst van het leven kunnen er
genen uitgewissel worden, de evolutie van nieuwe soorten
kan een aanvang nemen, of het tegenovergestelde: er zouden
besmettelijke ziektes kunnen optreden en plagen zouden zich
kunnen verspreiden."
Rhawn Joseph en Chandra Wickramasinghe, "Comets
and Contagion: Evolution and Diseases From Space"
Als we verder speculeren dat de genen die de Cro-Magnon voortbrachten
de Aarde bereikten middels de inslag van een komeet. De simpelste
versie van deze Panspermie-theorie is die van Hoyle en Wickramasinghe,
die stellen dat de Aarde nog steeds wordt gebombardeerd met
buitenaardse levensvormen, en dat die zorgen voor epidemieën,
nieuwe ziektes en de genetische vernieuwing die nodig is voor
macro-evolutie.
Er zijn meer zaken die hiermee samenhangen. De lezer wil
misschien eens kijken naar Planet-X, Comets & Earth
Changes van James M. McCanney en het al eerder genoemde
Cataclysm
van Allan en Delair. Om niet te veel uit te weiden
houden we het voor nu even bij McCanney's opmerkingen over
de planeet Mars:
"Er is vastgesteld dat Mars in het verleden oceanen heeft
gehad en dat die nu allemaal verdwenen zijn, en de atmosfeer
die het water en de oceanen en de rivieren op hun plaats
hield is ook verdwenen. Waarom zou een planeet van de orde
van grootte van de Aarde, met grote oceanen en een atmosfeer,
die ineens kwijt zijn? De realiteit is dat wanneer dit miljoenen
jaren geleden zou zijn gebeurd, de grote zandstormen die
Mars jaarlijks teisteren alle geologische vormen lang geleden
al zouden hebben geërodeerd. In werkelijkheid kan Mars
zijn oceanen en atmosfeer hooguit enkele duizenden jaren
geleden verloren hebben, en er zijn getuigenverklaringen
uit de oudheid die stellen dat ze een komeet langs Mars
zagen passeren die de oceanen en de atmosfeer in een nacht
wegnam. De Ouden zouden dit hebben gezien en beschreven
het als een slang-achtig verlengstuk van de gigantische
komeet die uiteindelijk de planeet Venus zou worden.
Wanneer een grote komeetkern dicht genoeg bij een planeet
in de buurt komt om een elektrische interactie te bewerkstelligen
en er een elektrische verbinding optreedt, neemt wat men
'oppervlakte zwaartekracht' het commando over. Wanneer dat
gebeurt zal het object met de sterkste oppervlakte zwaartekracht
alle vluchtige stoffen (lucht, water) van het kleinere object
'zuigen' en wanneer dit proces genoeg tijd krijgt zal het
grotere object vrijwel de gehele atmosfeer en alle oceanen
van het kleinere object pikken. Het ene object wordt van
zijn jas ontdaan en het andere krijgt te maken met een serieuze
vervuiling. Het is evident dat dit Mars nog niet zo lang
geleden is overkomen. Dit houdt in dat het object ten minste
groter moet zijn geweest dan Mars - zoiets als de planeet
Venus of groter...
De Aarde is ook verwikkeld geweest in dergelijke processen
maar heeft het tot nu steeds kunnen winnen... maar kreeg
daarbij wel te maken met flinke 'vervuiling' (regen van
zwavelsteen, brandende naft, koolwaterstoffen en overstromingen).
Het zou ook kunnen verklaren dat de aardolie op onze planeet
niet is ontstaan na een proces van miljoenen jaren van rottend
plantaardig materiaal.
De olie viel op de Aarde tijdens zo'n 'vervuilende' gebeurtenis,
wanneer de planeet een stellaire strijd voerde met een grote
indringer. Zo was de zondvloed het resultaat van het water
in staart van een komeet, dat op de Aarde viel tijdens een
of meerde van zulke gebeurtenissen. Veel wetenschappers
realiseren zich niet hoe groot kometen kunnen worden en
dat de Aardse atmosfeer nietig kan lijken tegenover de hoeveelheid
water en olie in de staart van een grote komeet. Toen mensen
voor het eerst aardolie gebruikten in het Midden-Oosten
lag de olie in plassen op de grond. Later moest men steeds
dieper graven om aan de olie te geraken die langzaam in
de bodem zakte.
Een ander aspect van de aankomst van nieuwe objecten van
buiten ons zonnestelsel is dat ze vaak in groepjes komen.
Dat komt doordat wat ook de bron is van deze verre reizigers
de objecten op hetzelfde moment deed ontstaan.
Kan het zijn, aangezien kometen vaak in groepjes komen,
dat de enorme komeet Hale-Bopp een voorloper of metgezel
was...?"
Het belangrijkste aan de theorie van McCanney is het gedeelte
over elektrisch geladen hemellichamen die in staat zijn een
planeet kaal te plukken, en hoe ze hun materiaal weer kunnen
verliezen aan een weer groter hemellichaam. Dit materiaal
kan organische stoffen bevatten, misschien zelfs delen van
levende wezens, met daarin bacteriën, en virussen. Dit
zou het plotselinge verschijnen van de Cro-Magnon kunnen verklaren:
een virus als drager van een grote hoeveelheid DNA van een
mensachtig wezen van een andere planeet kan de vroege hominidae
op Aarde hebben geïnfecteerd, en hopla, de moderne mens
ziet het licht.
Uiteraard is het een heel andere vraag waar dat DNA dan wel
vandaan kwam. Mars? Mogelijk. Hier kan het boek Cataclysm
van Allan & Delair mogelijk een antwoord bieden. Dat boek
stelt serieuze vragen over de geaccepteerde interpretatie
van onze werkelijkheid en ze doen dat tot de tanden gewapend
met wetenschap. Het betoog dat zij houden voor een Gouden
Tijd net voor de zondvloed is indrukwekkend en uniek. Aan
de hand van data uit bijna elke wetenschappelijke discipline
tonen ze aan dat een ijstijd van duizenden jaren wellicht
een mythe is, gecreëerd om tal van abnormale vondsten
te verklaren waar de uniforme wetenschappers geen uitleg voor
hadden. Hun data suggereren een volledig andere planeet in
de tijd voor de wereldwijde catastrofe die de Aarde volgens
hen 12.500 jaar geleden trof. Toch plaatsen de laatste onderzoeken
die gebeurtenis nog eens duizend jaa terug in de tijd. Allan
& Delair noemen het de 'Phaeton Disaster' - de 'Phaeton-catastrofe'.
Ook komen zij met de these van de 'vijfde planeet', die zou
hebben bestaan tussen de omloopbanen van Mars en Jupiter,
daar waar we nu de Asteroïdengordel vinden. De 'Faëton-catastrofe'
vernietigde deze vijfde planeet, en de hemelse calamiteit
- die 'voelbaar' was in het hele zonnestelsel - liet overal
brokstukken achter. Deze calamiteit zou hebben geleid tot
de Aardse zondvloed en de vernietiging van 'Atlantis', 12.500
jaar geleden, hoewel Allan & Delair een andere datering
voorstellen.
Hoe dan ook, ze stellen dat Faëton werd vernietigd in
een supernova-achtige explosie en dat een deel van het materiaal
ons zonnestelsel werd in geschoten, daar een 'hemelse oorlog'
in gang zette, de 'vijfde planeet' vernietigde, zijn water,
dampkring en andere materialen meenam, die op de Aarde dumpte,
de stand van de aardas en daarmee de geografische indeling
van onze planeet grondig veranderde. Faëton werd vervolgens
opgeslokt door de zon, en viel nooit iemand meer lastig.
Hoewel het een interessante theorie is, ben ik niet overtuigd
(ondanks de grote hoeveelheid wetenschappelijk bewijs die
zij in hun boek aanhalen). Het is natuurlijk mogelijk, maar
de these van Victor Clube en Bill Napier en hun 'Reusachtige
Komeet' (zie o.a. : The
Cosmic Winter) lijkt mij een beter idee, dat bovendien
zeer goed aansluit bij hetgeen McCanney voorstelt (op basis
van de ideeën van Velikovsky): die 'reusachtige komeet'
was Venus. Toch sluiten beide theses elkaar niet uit, en het
zou toch zeer praktisch zijn wanneer de mainstream wetenschappers
in vrijheid aan deze theses zouden kunnen werken, omdat hun
kennis bij dit probleem zeker van pas zou komen.
Laten we ervan uitgaan dat er inderdaad een 'vijfde planeet'
was, daar waar we nu de Asteroïdegrodel vinden, zoals
dat in vele theses voorkomt. En laten we ervan uitgaan dat
er inderdaad een intelligente beschaving op die planeet leefde,
en dat de bewoners van die planeet zich ervan bewust waren
dat hun planeet op het punt stond vernietigd te worden. Stel
dat ze of de planeet hebben verlaten en naar de Aarde
zijn gekomen met een klein aantal vluchtelingen of
dat ze daartoe niet in staat waren (of te weinig tijd hadden)
en slechts virussen met hun DNA naar de Aarde konden brengen...
Een andere mogelijkheid - voortbouwend op de these van de
Vijfde Planeet - is zoals McCanney het omschrijft: de indringer
in ons zonnestelsel stofzuigerde de Vijfde Planeet leeg en
de Aarde ving dat op na een soortgelijke interactie (samen
met het materiaal van Mars). Het zijn interessante theses
en een combinatie van de verschillende oplossingen is natuurlijk
mogelijk.
Maar er is meer.
We weten dat de eerste resten van de Cro-Magnoncultuur zijn
gedateerd op 35.000 jaar oud, maar er zijn belangrijke aanwijzingen
dat er al miljoenen jaren moderne hominidae bestaan. Uiteraard
worden deze vondsten door de evolutionisten onderdrukt. Maar
ik heb wat moeite met de datering van het verschijnen van
de Cro-Magnon. In mijn boek, The
Secret History of the World and How to Get Out Alive,
citeer ik het onderzoek van Richard Firestone en William Topping,
dat aantoont dat er verschillende gebeurtenissen zijn - inslag
van een komeet of asteroïde - die de 'koolstofklok' kunnen
verzetten. Omdat zulke gebeurtenissen zeer vaak voorkomen
moeten we misschien aannemen dat voorwerpen die zijn gedateerd
met die koolstofmethode wellicht veel ouder zijn. Laat ik
daar even op voortborduren.
Laten we ervan uitgaan dat de planeet Venus de komeet was
die het zonnestelsel binnenkwam, zoals McCanney/Velikovsky
voorstellen, waarbij we de 'geboorte' van Venus uit Jupiter
verwerpen. Stel dat dit dezelfde 'reusachtige komeet' is waar
Clube & Napier het over hebben. Dit idioot grote stuk
steen komt ons zonnestelsel binnen en wordt een komeet vanwege
de interactie met de zonnecondensator, zoals beschreven in
de theorie van McCanney. Vervolgens is er de hierboven genoemde
interactie met de 'vijfde planeet' - Tiamat genoemd in de
overleveringen van de Soemeriërs - waarbij die verpulverd
wordt. De overblijfselen vormen de Asteroïdengordel tussen
Mars en Jupiter, en een zeer groot stuk zeilt alleen verder
als een 'reusachtige komeet', die eerst een zeer ruime omloop
heeft, maar uiteindelijk naar een baan steeds dichter bij
de zon wordt getrokken, uiteenviel en 13.000 jaar geleden
de Aarde bombardeerde. Datzelfde grote brokstuk bracht ook
een deel van de andere kometen voort, zoals beschreven door
Clube & Napier, op ramkoers met de Aarde, en het is dus
niet ondenkbaar dat we een van die grotere stukken binnenkort
weer tegenkomen. Tenzij er nog een andere deelnemer aan dit
spel. Daarover zometeen meer.
De 'panspermie-theorie', (kometen transporteren DNA naar
andere planeten) geeft wellicht een verklaring voor de onduidelijke,
plotselinge ontwikkelingen in de evolutie van de mens, maar
de theorie verklaart niet waar dat DNA vandaan kwam en hoe
de wezens die het in eerste instantie bij zich droegen zich
ontwikkelden. Is DNA wellicht een manifestatie van puur bewustzijn?
Een soort basis-fysicaliteit, de satellietverbinding tussen
de materiële en de niet-materiële wereld? Kan pure
informatie zichzelf geometriseren in de vorm van DNA en de
bouwstenen van het leven die complex en zijn en in staat bewustzijn
aan materie toe te voegen spontaan laten ontstaan? Dat zou
dan een soort mini-Big Bang zijn, waarbij het bewustzijn ter
plaats is om de 'explosie' in goede banen te leiden. Astronoom
Sir Fred Hoyle schrijft in zijn boek Origin
of the Universe and the Origin of Religion :
"Meer dan een eeuw geleden viel het Alfred Russel Wallace
op dat de hogere aspecten van de mens anticausaal zijn,
zoals het heelal zelf ook. Bij aspecten kwaliteiten die
zijn gestimuleerd door evolutie en natuurlijke selectie
is er weinig verschil tussen de individuen. Onder gelijke
trainingsomstandigheden is er bij gezonde 20-jarige mannen
nauwelijks verschil in hun sprintcapaciteiten. De marge
tussen de gemiddelde sprinter en de winnaar van de
Olympische 100 meter-finale is ongeveer 10%. Kijken we naar
de hogere aspecten dan zien we iets heel anders. Onderzoek
onder kunstonderwijzers leidde Wallace tot de inschatting
dat er voor elk kind dat instinctief een correcte tekening
van een voorwerp kan maken, er 100 zijn die dat niet kunnen.
Dergelijke verhoudingen zien we ook als het gaat over talent
voor muziek of wiskunde. Mensen met een sterk ontwikkeld
talent hiervoor verhouden zich meer in de richting van 1
op 1 miljoen tot het gemiddelde. Wallace komt dan met de
opzienbarende stelling dat de aspecten met een kleine marge
- zoals hardlopen - belangrijke waren voor het overleven
van de primitieve mens, terwijl de hogere aspecten helemaal
geen waarde hadden voor het overleven. Wallace leefde 12
jaar tussen de primitieve stammen in het Amazonegebied en
in de regenwouden in Indonesië. Hij verklaarde dat
hij in al die tijd nooit een situatie was tegengekomen waarin
een talent voor wiskunde de stamleden van dienst had kunnen
zijn. Cijfers hadden voor de stammen zo weinig waarde dat
hij in twaalf jaar tijd slechts een handjevol individuen
tegenkwam die tot tien konden tellen. Hij concludeerde dat
de hogere aspecten, de aspecten met een grote variatie van
individu tot individu, niet werden gestuurd door natuurlijke
selectie, en dat aspecten die wel daardoor werden gestuurd
slechts een marginale spreiding vertoonden.
Wallace schreef zijn werken slechts een tiental jaren
na het werk van Maxwell over elektromagnetische velden,
die zelfs door fysici nog steeds als uitermate mysterieus
worden gezien. Het lijkt daarom aannemelijk dat er een universeel
krachtveld bestaat dat inwerkt op materie en intelligentie
voortbrengt op een moment dat de evolutie een soort tot
een bepaalde mate van ontwikkeling heeft gebracht. Dit idee
komt van tijd tot tijd nog eens naar boven. Maar voor mij
komt het te dicht in de buurt van het schofferen van vaststaande
kennis, dat het me niet plausibel lijkt. Ik denk dat de
hogere aspecten van genetische origine zijn, net als de
rest. Het mysterie zit hem in het gegeven dat we begiftigd
moeten zijn met de relevante genen voordat ze voor ons -
als soort - van nut kunnen zijn. De chronologische volgorde
van de gebeurtenissen is dan ook het omgekeerde van wat
we normaal zouden verwachten - een concept dat natuurlijk
uitermate ergerlijk is voor de gangbare mening... "
We weten dus dat de Cro-Magnon zeer plotseling opduikt in
de archeologische vondsten. Daaruit kunnen we echter geen
conclusies trekken over de ontwikkeling van deze mensen/cultuur
- natuurlijk of als een infectie met 'vreemd' DNA. Wat we
wel weten is dat het een van de meest verbazingwekkende gebeurtenissen
uit de menselijke geschiedenis is. Het zou onbegonnen werk
zijn hier de vele wetenschappers te citeren die zich met deze
gebeurtenis bezighouden, want alles wat ze schrijven is slechts
een weergave van hun ontreddering bij het verklaren ervan.
Veel van hen zijn gelukkig wel mans genoeg om dit toe te geven.
Terug naar de Gouden Tijd. Nadat de Cro-Magnon in Europa
opdoken vestigde zich in Europa een Nirvana-achtige beschaving
die ogenschijnlijk 25.000 jaar lang vredig en stabiel was.
Maar wat is er dan gebeurd? Als ze zo tevreden waren met hun
levensstijl om er 25.000 jaar lang nauwelijks iets aan te
veranderen wat heeft die verandering dan toch teweeg gebracht?
Wanneer het ze gelukt is een technologische samenleving op
te bouwen en ze verantwoordelijk waren voor de vele ongelooflijke
ruïnes van steden die we overal op de planeet vinden,
wat dreef ze daartoe? Was het maar een deel van de samenleving
op sommige plaatsen die zich zo ontwikkelde? Waren dit de
menselijke Neanderthal-hybriden die we terugvinden in de mythes
van Kaïn, Tubal-Kaïn, etc.? En als het dan zo is
dat zij deze beschaving ontwikkelden, zoals de mythes en legendes
- een heel wat wereldwijde ruïnes - ons vertellen, wat
bracht ze er dan toe op uitgebreide schaal oorlog te voeren
en te pogen de planeet te domineren? En heeft dit iets te
maken met het enorme cataclysme dat hen bijna volledig van
de aardbodem vaagde?
Oké, we nemen nu heel wat hooi op onze vork, laar
ik denk dat ik enkele redelijke oplossingen kan aandragen.
Het verschijnen van de Cro-Magnon bracht verschillende innovaties
wat betreft technologie en levenswijze, een explosie van symbolische
voorwerpen, gevarieerde en gesofisticeerde kunstuitingen,
en nog veel meer. Al deze veranderingen worden duidelijk en
ondubbelzinnig in verband gebracht met het ten tonele verschijnen
van de eerste moderne mensen [in Europa]. De cultuur van de
Cro-Magnon heet 'Aurignacien'.
De Aurignacien-cultuur vertoonde een opzienbarende gelijkvormigheid
op technologisch gebied in vrijwel geheel midden- en zuid-Europa
en een deel van het Midden-Oosten, zonder dat er een overtuigende
oorsprong of herkomst is gevonden. Er mag geen twijfel over
bestaan dat het verschijnen van de Aurignacien-cultuur samenhangt
met het binnendringen van een in essentie nieuwe menselijke
populatie. Enige tijd leefde men naast en tussen de Neanderthalers.
De enige manier om erachter te komen hoe bijzonder dit nieuwe
mensentype was is door nauwkeurig de oude types te bestuderen,
en het is dat wat Paul Mellars uitstekend doet in zijn boek
The
Neanderthal Legacy. Na het lezen van zijn boek zal
je er niet langer aan twijfelen of de Neanderthalers onze
voorouders waren, hoewel recent DNA-onderzoek suggereert dat
er beperkt genetische vermenging plaatsvond. Deze studies
lijken aan te tonen dat deze vermenging 400.000 jaar geleden
plaatsvond en dat het overal ter wereld behalve in Afrika
gebeurde. Dat laatste is een probleem waar een oplossing voor
gevonden dient te worden.
Een voorzichtige illustratie van de eigenschappen van de
Neanderthalmens - het weinige dat we van ze weten lijkt te
wijzen op een enorm gebrek aan creativiteit tijdens de 200.000+
jaar van hun bestaan - gevoegd bij de kleine hoeveelheid genetische
vermenging geeft ons wellicht enkele aanwijzingen over wat
het nu precies is dat de moderne wetenschap met zijn evolutietheorie
zo angstvallig voor ons verborgen lijkt te willen houden:
genetische menselijke afwijkingen, inclusief die die de individuen
hebben aangetast die onze beschaving hebben overgenomen en
verziekt met hun mechanische, materialistische wereldbeeld.
Het is mogelijk dat bepaalde afwijkingen in de persoonlijkheid
van de moderne mens, zoals psychopaten en autoritaire persoonlijkheden,
het gevolg zijn van de aanwezigheid van genetisch materiaal
van de Neanderthalers in ons DNA. Wie namelijk het beschikbare
materiaal over Neanderthalers bestudeert krijgt de indruk
dat hun algemene karakter - emotioneel/spiritueel gezien -
psychopathisch was. Robert Hare verduidelijkt een en ander
in zijn boek Without Conscience ('Zonder bewustzijn'):
"Psychopaten zijn sociale roofdieren die charmeren, manipuleren
en zich meedogenloos een weg banen door het leven, daarbij
een breed spoor van gebroken harten, verloren hoop en lege
portemonnees achterlatend. Zonder een geweten, zonder mededogen
voor anderen, nemen ze en doen ze uiterst egoïstisch
dat wat ze willen, doorbreken ze alle sociale normen en
waarden zonder ook maar het geringste spoortje schuldgevoel
of spijt. Hun verbijsterde slachtoffers vragen zich wanhopig
af: "Wie zijn die mensen? Hoe zijn ze zo geworden?
Hoe kunnen we ons verweren?"
Psychopaten hebben het talent om anderen te bedriegen en
op te lichten. Ze hebben een snelle babbel, zijn charmant
en zelfverzekerd, voelen zich overal op hun gemak, zijn
kalm onder druk, zijn geen moment bang ontmaskerd te worden
en daarbij volledig meedogenloos...
Psychopaten zijn meestal zeer onder de indruk van zichzelf
en hun innerlijk leven, hoe bleekjes het voor anderen ook
mag lijken. Ze zien niets verkeerds aan zichzelf, hebben
geen last van stress, en vinden hun gedrag rationeel, lucratief
en bevredigend; ze hebben nooit ergens spijt van, maken
zich nooit ergens zorgen over. Ze zien zichzelf als superieure
mensen in een vijandige, keiharde wereld waarin anderen
slechts concurrenten zijn. Psychopaten vinden het gerechtvaardigd
om anderen te manipuleren en te misleiden om te krijgen
waar ze "recht op hebben", en hun sociale activiteiten
zijn erop gericht de kwaadwilligheid die ze in anderen zien
te slim af te zijn."
De normale wereld van menselijke impulsen en reacties,
concepten, gevoelens en waarden worden door psychopaten als
onbegrijpelijk en onnodig ervaren. Seriemoordenaar Ted Bundy
noemde schuldgevoel "een illusie... een soort van sociaal
controlemechanisme". Psychopaten zijn niet in staat andere
mensen te behandelen als denkende, voelende wezens.
Dat krijg je dus wanneer je een krachtige, beestachtige,
instinctieve natuur combineert met het spirituele; creatieve,
actieve, dynamische, avontuurlijke brein van een moderne mens?
Men hoeft slechts de mix van de niet-creatieve, bijna parasitaire
Neanderthal-persoonlijkheid en de dynamische, creatieve Cro-Magnon
voor te stellen om een beeld te krijgen van de agressieve,
dominante autoritaire persoonlijkheid, gespeend van enige
creativiteit, niet in staat tijd en ruimte waar te nemen,
slechts geheel opportunistisch functionerend om te eten en
zich voort te planten: de pure materialist - een roofdier,
zelfs wanneer zijn honger in onze moderne maatschappij nieuwe
manieren heeft gevonden zich te uiten en te bevredigen. Misschien
is dat de werkelijke erfenis van de Neanderthalers?
Wil dat zeggen dat er één enkel autoritair
of psychopathisch gen is? Nee. In het boek 'Evil
Genes' van Barbara Oakley lezen we dat er twee verschillende
systemen bepalend zijn in de zogenaamde Cluster-B
persoonlijkheidsstoornissen, inclusief psychopathie. En
elk van deze systemen wordt bestuurd door een apart setje
genen. Dat zou alleen logisch zijn wanneer we het hebben over
een vermenging van genen die heel, heel lang geleden plaatsvond.
Een bekende neuropsycholoog stelde eens het volgende voor:
"De populatie van elke groep Neanderthalers was waarschijnlijk
klein en richtte zich volledig op het overleven in een harde
omgeving. Ik denk wel dat we Neanderthalers als psychopaten,
omdat de beschrijvingen van hun gedrag die kant op wijzen.
Neanderthalers hadden echter niet de intelligentie en flexibiliteit
die nodig was om grote groepen te sturen. Ik stel me zo
voor dat elke populatie die enkel uit psychopaten bestaat
evolutionair gezien onstabiel is. Misschien zijn ze daarom
uitgestorven? Ze waren te sterk psychopathisch en konden
zich maar moeilijk aanpassen.
Het overleven van Neanderthalergenen, inclusief die die
zorgen voor gewelddadigheid, agressie en gebrek aan empathie,
zou vervolgens afhangen van de infusie van genen van een
evolutionair stabielere populatie - een met de kenmerken
van een hogere intelligentie en flexibiliteit in de genenpoel.
Dit zou een verklaring kunnen bieden voor standaard psychopathie
zoals we die nu zien, omdat het begint met vermenging. Daarvoor
was het slechts een zaadje dat agressie en een gebrek aan
empathie in zich droeg, maar dat is niet het enige wat een
psychopaat definieert. De intelligentie om iets te doen
met die eigenschappen zodat men verscheidene sociale situaties
kan manipuleren maakt het plaatje echter volledig.
Volgens Richard Bloom in zijn boek 'Evolutionary
Psychology and Violence: A Primer for Policymakers and Public
Policy Advocates (Psychological Dimensions to War and Peace)
' - zullen groepen op lange termijn de drang ontwikkelen
hun genen te verspreiden, ook al is dit bij individuen op
de korte termijn niet het geval is. Voor kleine groepen
agressievelingen die te maken hebben met een verstoring
van hun leefmilieu kan het zelfs noodzakelijk blijken om
vrouwen uit stabielere en groeiende populaties te verkrachten.
Misschien is dat de reden dat verkrachtingen epidemische
vormen aannemen tijdens invasies en algemene onrust. Er
is zeer veel documentatie over vrouwenroof binnen primitieve
gemeenschappen. In essentie komt het erop neer dat indringers
meer gemotiveerd zijn om vrouwen te verkrachten precies
omdat de kans dat zij de strijd niet overleven groot is.
Hun genen maken echter een grote kans dat middels de voorplanting
wel te doen."
Daarmee wordt bedoeld dat het de genetische vermenging was
die voor problemen zorgde in de Cro-Magnonpopulatie. Het was
een hybride en niet noodzakelijkerwijs een mutatie, hoewel
er ook mutaties kunnen plaatsvinden in het spectrum van de
persoonlijkheden, onder andere als gevolg van epigenetische
factoren. Sommige onderzoeken wijzen in de richting van een
genetische vermenging in het Midden-Oosten tussen Neanderthalers
en de Moderne Mens. Daarvandaan zou het zich met de Cro
Magnoncultuur hebben verspreid. Ook dit zou weer kunnen
wijzen op een verleden op de vernietigde Vijfde Planeet. Er
zijn zoveel factoren om te onderzoeken dat het zeer jammer
is dat de evolutionisten de wetenschap in deze richting volledig
domineren en dat dat ons ervan weerhoudt open naar oplossingen
voor deze vraagstukken te zoeken.
In haar essay 'Neanderthal Settlement patterns in Crimea:
A landscape approach' (Journal of Anthropological
Archaeology, 25:4, December 2006, pp. 510-523) levert
Ariane Burke bewijs dat Neanderthalers zo dom waren dat ze
hun weg niet konden vinden in een landschap zonder duidelijke,
in het oog springende kenmerken die van een afstand zichtbaar
waren, zodat ze niet verdwaalden als ze eropuit trokken op
voedsel te vinden. Er werd al eerder geopperd dat dit de reden
was dat ze zich nooit ver van hun thuisbasis verwijderden
en zich nooit vestigden in gebieden die 'onleesbaar' waren,
en dat hun samenleving zo statisch was. De auteur toont aan
dat de vestigingsplaatsen van Neanderthalers altijd naast
opvallende punten in het landschap lagen, hetgeen erop kan
wijzen dat die locaties werden gekozen omdat ze gemakkelijk
teruggevonden konden worden. Dit bewijst wellicht ook dat
Neanderthalers, na 200.000 jaar nog steeds niet konden navigeren
met behulp van de zon, de maan en de sterren.
Een van de nuttigste boeken over hoe de Neanderthalers hun
hersenen gebruikten is The
Prehistory Of The Mind van Steven Mithen. Hoewel
geschreven door een evolutionist staat het boordenvol excellent
materiaal. Een groot deel van het boek wordt gewijd aan het
bestuderen van de gemeenschappen van andere primaten, om zo
de werking van hun brein te vergelijken met dat van de mens
en te kunnen nadenken over hoe het menselijk denken zich heeft
ontwikkeld. Hij heeft het ook over de Neanderthalers en er
ontstaat een beeld van een samenleving die op veel manieren
leek op die van chimpansees - soms op schokkend veel manieren.
Er staat heel wat bewijs dat getuigt van het optreden van
mutaties na het inslaan van een meteoor in het boek The
Diluvian Impact: The Great Flood Catastrophe 10,000 Years
Ago As the Consequence of a Comet's Impact
van Heinrich Koch en Man
and Impact in the Americas
van E.P. Grondine. Dit bewijs bestaat uit legendes over
mutanten die beginnen te verschijnen na een inslag. De meeste
legendes gaan over veranderingen van de lichaamsgrootte (ofwel
reuzen, ofwel dwergen) en woekerend kannibalisme. Die twee
lijken overigens vaak samen te gaan. Wellicht gaan de legendes
in werkelijkheid over de periodes van het vervuilen van reeds
aanwezig DNA, en dit zou dus ook kunnen gelden voor verandering
bij de Neanderthalers, de Cro-Magnon en andere hominidae.
Neanderthalers waren niet zo groot, de Cro-Magnon waren juist
erg groot en een hybride van de twee soorten zou dus geen
van beide en/of allebei kunnen zijn, en alle fysieke verschijningsvormen
zouden de persoonlijkheid van de Neanderthalers en de intelligentie
en creativiteit van de Cro-Magnon in zich kunnen dragen. Een
kunstzinnige kannibaal; geen prettige gedachte.
Wat ik ook opzienbarend vind is het feit dat veel roodharige
individuen specifieke slachtoffers van mensenoffers waren
in sommige Zuid-Amerikaanse kunstuitingen. Genetisch onderzoek
heeft inmiddels aangetoond dat Neanderthalers rood haar en
een bleke huid hadden. Kwamen de makers van die kunst in contact
met Neanderthalhybriden en waren ze in staat zich effectief
van hen te ontdoen? Of geraakten enkele van deze hybriden
tot aan de top van de samenleving en verspreidden ze zo hun
kannibalistische gewoontes? Daarbij moeten we er natuurlijk
wel van uitgaan dat de menselijke geschiedenis van de Amerika's
veel ouder is dan nu wordt aangenomen. Richard Firestone &
Co hebben daar interessante dingen over te zeggen in hun boek
The
Cycle of Cosmic Catastrophes :
"Onze vroegste voorouders hadden enkel bloedgroep O. Ongeveer
40.000 jaar geleden traden er mutaties op die waarschijnlijk
hebben geleid tot het creëren van bloedgroepen A en
B. Bloedgroepen A en B komen van dominante genen, en dus
verspreidden ze zich snel in de populaties en kwamen ze
steeds vaker voor.
DNA-onderzoek lijkt erop te wijzen dat bloedgroep B uit
Centraal-Azië of Afrika afkomstig is, waar het percentage
van die bloedgroep over de hele lijn het hoogst is. Omdat
deze bloedgroep nog steeds heel weinig voorkomt onder de
oorspronkelijke bewoners van Australië en de Amerika's
lijkt het zeer onwaarschijnlijk dat hij daar is ontstaan.
Sommige genetici hebben geconcludeerd dat bloedgroep B de
jongste bloedgroep is, en niet later dan 15.000 jaar en
niet eerder dan 45.000 jaar geleden verscheen. Indien dit
klopt is dat niet in overeenstemming met de theorie dat
de eerste bewoners van de Amerika's uit Azië afkomstig
waren. Was dat het geval geweest dan had er een veel grotere
verspreiding van bloedgroep B inde Amerika's opgetreden
moeten zijn.
Voor bloedgroep A, waarschijnlijk ontstaan in Europa, Canada
en Australië, is het plaatje minder eenvoudig. Er is
weinig bewijs dat aantoont dat bloedgroep A van Azië
naar de Amerika's is geëmigreerd. Het lijkt er zelfs
op dat deze bloedgroep vanuit Europa naar de Amerika's is
gekomen, maar vreemd genoeg gebeurde dat ver voor de aankomst
van Columbus in 1492.
Is het mogelijk dat de Amerikaanse Indianen uit Europa
kwamen? Het lijkt zeer vergezocht, maar volgens onderzoekers
Dennis Stanford en Bruce Bradley is er interessant bewijs
beschikbaar dat de steenbewerkingstechnieken van de Amerikaanse
Cloviscultuur in verband brengt met de Solutréencultuur
in Spanje, aan het einde van de laatste ijstijd. Daarbij
lijken de Cloviswerktuigen maar heel weinig op stenen werktuigen
uit Azië - waar ze geacht worden vandaan te komen.
Aangezien ook de bloedgroepen een verband leggen met Europa
is dat verband er misschien wel echt. In plaats van Aziaten
waren het wellicht wel voorouders van de Spanjaarden die
Amerika ontdekten? Of Afrikanen: recent onderzoek van Zuid-Amerikaanse
schedels wijst namelijk in die richting.
Hoewel bloedgroep O nog steeds de meest voorkomende bloedgroep
is, hebben inwoners van Zuid- en Midden-Amerika bijna uitsluitend
bloedgroep O, en komt hij in Noord-Amerika veel meer voor
dan in Europa of Azië. Indien de Amerika's werden bevolkt
door Aziaten aan het eind van de laatste ijstijd - lang
nadat bloedgroepen A en B daar al voorkwamen - zijn de emigranten
wel twee bloedgroepen vergeten mee te nemen.
Er is nog een ander systeem om bloedgroepen te typeren,
en het is volgens dat systeem dat de theorie ontstond dat
de oorspronkelijke bevolking van de Amerika''s afkomstig
was uit Azië. Het systeem heet Diego, dat ontstond
door een vrij recente mutatie. Alle Afrikanen, Europeanen,
Indiërs, Aboriginals en Polynesiërs hebben bloedgroep
Diego Negatief. Oost-Aziaten en Amerikaanse Indianen zijn
de enigen met Diego Positief. Maar Diego Positief is wijder
verspreid onder Amerikaanse Indianen dan onder Aziaten,
en dat werpt de vraag op wie er eerder was. Met dit bewijs
in de hand zou gesuggereerd kunnen worden dat Aziaten afstammen
van Amerikaanse Indianen."
Zo gesteld lijkt het allemaal wat verwarrend, maar in hun
boek Cataclysm
bieden auteurs Allan & Delair veel meer uitleg hierover.
Maar terug naar de Neanderthalers. Het is intrigerend dat
ze langwerpige hoofden hadden, met een vreemde bobbel aan
de achterkant; het 'Kaïnsteken'? Dat zet je wel aan het
denken over de Ica-schedels
uit Zuid-Amerika en die van Nefertete
en haar kinderen, en wat dit te maken zou kunnen hebben met
de uitvinding van het monotheïsme. Periodes van onrust
stelden pathologische types in staat zich naar de top te wriemelen,
en juist zij maken vaak gebruik van religie voor het verwezenlijken
van hun bloederige fantasieën.
Andrew Lobaczewski, auteur van Political
Ponerology: A Science on the Nature of Evil Adjusted for Political
Purposes ,
daarover: "Natuurlijke menselijke reacties... komen de
psychopaat voor als vreemd, interessant en zelfs komisch.
En daarom observeren ze ons... Ze worden experts in onze zwakheden,
en voeren soms harteloze experimenten uit."
We zullen schedelmisvorming en besnijding in overweging
moeten nemen, want het is duidelijk dat wanneer je onderzoeken
naar dit soort dingen leest dat veel van de beschreven misvormingen
(Nefertete en haar kinderen) niet kunstmatig waren. Misschien
was het dit bizarre, langwerpige hoofd met de extreme uitstulping
aan de achterzijde wat de Bijbel bedoelde met het Kaïnsteken
- Kaïn, de moordenaar. Aangezien er een verband is tussen
schedelmisvorming en besnijdenis is de kans reëel dat
sommige culturen besnijdenissen zijn gaan doen als imitatie
van de 'nieuwe elite', van deze hybride types zonder ziel.
Er bestaat nog steeds een genetische afwijking - aposthia
- waarmee jongetjes worden geboren zonder voorhuid. De midrash
van Ki-Tetze stelt bijvoorbeeld dat Mozes aposthisch werd
geboren. Andere bronnen melden ook dat de Bijbels Jacob, zijn
zoon Gad en ook David apostisch werden geboren.
Dus de slang kwam het paradijs binnen in de vorm van psychopathie,
een groep psychopaten vormde een nieuwe bovenlaag in de samenleving,
en de 'gewone' mensen begonnen daarna de hoofden van hun kinderen
te misvormen door hun schedels samen te drukken en hun pikkies
te besnijden opdat ze op de nieuwe heersers zouden lijken
of om de 'goden te behagen'.
Sommige revisionistische historici hebben bizarre theorieën
bedacht over Neanderthalers als vriendelijke bloemenkinderen,
die werden uitgeroeid door de boosaardige en technologisch
superieure Cro-Magnon. Denk aan de film Quest for Fire en
de boekenserie
van Jean M Auel over het mensenmeisje Ayla dat opgroeit
bij een groep Neanderthalers. Laat me dit zeggen: wie de studies
naar de Neanderthalers leest ziet duidelijk dat hun 'menselijkheid'
schromelijk overdreven is: ze hadden geen geloofssysteem of
rituelen, en 'zorg voor ouderen en zwakkeren' was er misschien
alleen aan het einde van hun aanwezigheid en was waarschijnlijk
afgekeken van de Cro-Magnon.
In schril contrast met de zeer homogene beschaving van de
Cro-Magnon wijzen sociaal-antropologen op de verbazingwekkende
diversiteit van de samenleving van de huidige mens als bewijs
voor de flexibiliteit van de menselijke psyche. Verschillende
samenlevingen hebben verschillende normen, mores, geloofssystemen,
gebruiken, rituelen, etc, en ze vragen zich af hoe zoveel
diversiteit mogelijk is. Het feit dat mensen die lid zouden
zijn van dezelfde soort kunnen komen tot zoveel verschillende
manieren om hun leven in te richten is opzienbarend. Geen
enkele andere soort kent zoveel variatie. Een van de dingen
die dat impliceert is dat een soort die in staat is tot zoveel
diversiteit over ruimtelijke grenzen heen, ook in staat moet
worden geacht tot dergelijke diversiteit over de grenzen van
de tijd. Ze kunnen veranderen en de verandering kan positief
of negatief zijn.
Mensen zijn niet genetisch voorbestemd om op te groeien in
een bepaalde sociale context. Kinderen die zijn geboren in
de ene cultuur groeien moeiteloos op bij pleegouders in een
andere sociale groep.
Elke sociale groep creëert zijn eigen grenzen en legt
ze op aan de leden van de groep. Dit betekent dat er dus veel
diversiteit mogelijk is tussen de verschillende groepen, maar
ook dat diversiteit binnen een bepaalde sociale groep niet
altijd even goed getolereerd wordt. Wanneer je van de ene
groep naar een andere verhuist moet een mens zijn hele denkwijze
veranderen, en wordt hem een heel nieuwe set aan normen en
waarden opgelegd.
Dit betekent dat er vanaf de geboorte een genetisch potentieel
voor verschillen in denkwijze en gedrag aanwezig is in elke
mens, een potentieel dat groei in elke willekeurige richting
toestaat, maar tevens een groei die kan worden ingeperkt en/of
gevormd door de samenleving. De vraag is hoe dit gebeurt.
Een van de theorieën aangaande de menselijke samenleving
is die van het 'sociale contract', die stelt dat een groep
individuen samenkomt, een overeenkomst opstelt die voor iedereen
van voordeel is, en dat er dan dus een gemeenschap is gevormd.
Het probleem met deze theorie is echter dat het een cirkelredenering
is. Het veronderstelt dat hetgeen het verklaart al bestaat:
dat mensen al zijn voorgeprogrammeerd en de behoefte hebben
om bijeen te komen en een dergelijke overeenkomst op te stellen.
Ernest Gellner beschrijft in Anthropology
and Politics: Revolutions in the Sacred Grove
de antropologische theorie betreffende het vormen van
gemeenschappen als volgt:
"Om mensen ervan te weerhouden dingen te doen die niet
verenigbaar zijn met de sociale groep waar ze bij horen
dien je ze te onderwerpen aan een ritueel. Het is een eenvoudig
proces: je laat ze rond een totempaal dansen totdat ze wild
van opwinding zijn en overgeleverd aan de hysterie van de
collectieve gekte; je verhoogt vervolgens hun emotionele
toestand met elk willekeurig hulpmiddel; met alle beschikbare
audiovisuele instrumenten, drugs, dans, muziek, enzovoorts;
en eens ze volledig buiten zinnen zijn stamp je het idee
waaraan ze dientengevolge verslaafd zullen raken erin. De
volgende ochtend worden ze wakker met een kater en diep
doordrongen van het concept. De gedachte is dat het centrale
thema van religie ritueel is, en de belangrijkste taak van
ritueel is het de individuen te begiften met dwangmatige
concepten die tegelijkertijd hun sociale en natuurlijke
omgeving definiëren, en hun perceptie en houding bepalen
en beperken op even krachtige wijze. Deze diepgewortelde
begrippen verplichten hen zich te gedragen binnen het kader
de beschreven grenzen. Elk begrip heeft een normatief bindende
inhoud en een soort van organisatorische, beschrijvende
inhoud. Het conceptuele systeem illustreert de sociale waarden
en het vereiste gedrag, en zet een rem op aanleg voor gedachten
en gedrag die de grenzen van het systeem overschrijden.
Een andere verklaring voor het handhaven van sociale en
conceptuele orde en homogeniteit binnen gemeenschappen die
tegelijkertijd zo'n verbazingwekkende diversiteit vertonen.
Een soort is op de een of andere manier aan de autoriteit
van Moeder Natuur ontsnapt en is niet langer voorgeprogrammeerd
om zich te houden aan een smal gedragspatroon, en heeft
dus andere leibanden nodig. Het fantastische scala aan genetisch
mogelijk gedrag wordt in elke groep op zijn eigen manier
aan banden gelegd en verplicht gemarkeerde sociale grenzen
te respecteren. Dit kan alleen lukken met conceptuele beperkingen,
en die moeten op de een of andere manier ingeprent worden.
De mens krijgt dus semantisch en cultureel overgebrachte
grenzen opgelegd...", Blackwell, 1995.)
Hoewel ik veel respect heb voor Gellner, moet ik er wel op
wijzen dat deze theorie over het onder controle houden van
het volk al duizenden jaren gemeengoed is. Ooit kwam ik ergen
een vertaling tegen van een Hittitisch kleitablet, waarop
de koning schreef dat de priesters hem nodig hadden om hun
religieuze autoriteit te handhaven en dat hij de priesters
nodig had om zijn machtspositie te rechtvaardigen. Deze heerschappij
hangt nauw samen met de falsificatie van de geschiedenis.
Geschiedenis wordt namelijk zelf onderdeel van de heerschappij.
Uiteindelijk is controle
over het dagelijks nieuws niets anders dan het schrijven
van geschiedenis. Hoe dit proces precies in zijn werk gaat
wordt beschreven in een passage uit Evil
Genes van Barbara Oakley, waarin ze uiteenzet wat "dansen
rond een totempaal met de groep" met het menselijk brein
doet - ook met het brein van wetenschappers en creationisten,
die beide een zeer sterke band met hun geloofssystemen hebben:
"Een recente studie naar beeldvorming door psycholoog Drew
Westen en zijn collega's van de Emory Universiteit levert
sterke aanwijzingen voor het bestaan van emotioneel redeneren.
Vlak voor de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2004
werden twee groepen mensen samengesteld - vijftien Democraten
en vijftien Republikeinen. Elke groep werd geconfronteerd
met strijdige en schijnbaar schadelijke uitspreken over
hun kandidaat, en met meer neutrale uitspraken over acteur
Tom Hanks (die door beide groepen als een aardige kerel
wordt gezien). Het zal niemand verbazen dat op het moment
dat de deelnemers aan het onderzoek werd gevraagd een logische
conclusie te trekken over de kandidaat van de andere -'foute'
- partij, de deelnemers een manier vonden om tot een slotsom
te komen waarbij de kandidaat er slecht vanaf kwam, ondanks
het feit dat de logica de omstandigheden zou moeten hebben
verzacht en hen zou moeten hebben toegestaan tot een andere
conclusie te komen. En dan wordt het interessant.
Op het moment dat deze emotionele redenering de overhand
kreeg werden die delen van de hersenen die normaal gesproken
het redeneren controleren niet geactiveerd. In plaats daarvan
werden delen van de hersenen gebruikt waar normaal gesproken
dingen als straf, pijn en negatieve emoties worden verwerkt.
Eens er een manier was gevonden om informatie die
niet rationeel verworpen kon worden te negeren, werden de
neurologische straf-gedeeltes uitgeschakeld en werd bij
de deelnemer een veelvoud aan circuits geactiveerd die met
beloning te maken hebben, vergelijkbaar met wat een verslaafde
doormaakt wanneer hij zijn spul krijgt.
Het kwam hier op neer dat de deelnemers niet van zins waren
hun Pavlovredenering en snelle beloning te laten dwarsbomen
door feiten. "Geen van de circuits betrokken bij bewust
redeneren werden echt gebruikt," zegt Westen. "Het
lijkt erop dat partijgenoten het cognitieve pallet draaien
en draaien totat ze de conclusie vinden die ze willen, waarin
ze dan ook nog eens heel erg versterk worden door het elimineren
van negatieve - en het activeren van positieve emoties.
Uiteindelijk meenden Westen en zijn collega's dat 'emotioneel
bevooroordeeld redeneren' leidt tot 'het erin stampen' of
versterken van een defensieve overtuiging, en wordt de 'revisionistische'
lezing van de data door de deelnemer geassocieerd met positieve
gevoelens of opluchting en het elimineren van spanning.
Het resultaat daarvan is dat partijgebonden overtuigingen
worden versterkt, en dat de persoon weinig leert van nieuwe
gegevens. De opmerkelijke studie van Westen toont dat de
neurologische verwerking van gegevens in verband met wat
hij 'gemotiveerd redeneren' noemt, kwalitatief anders is
dan redeneren wanneer de persoon geen sterke emotionele
band heeft met de conclusies.
De studie is zo de eerste die de neurologische processen
beschrijft die aan politiek oordelen en beslissen ten grondslag
liggen, en ook de processen uiteenzet die die betrokken
zijn bij emotionele sturing, psychologische verdediging,
bevestigende vooroordelen en enkele vormen van cognitieve
dissonantie. Het belang van deze bevindingen gaat verder
dan het bestuderen van politiek: "Iedereen, van topmanagers
en rechters, tot wetenschappers en politici zou kunnen redeneren
volgens emotioneel bevooroordeelde redeneren wanneer ze
belang hebben bij een bepaalde interpretatie van de 'de
feiten'," aldus Westen."
Een menselijk brein dat is vastgelopen in een geloofsovertuiging
- en dat doet omdat kennissen, buren, vrienden en familie
dat ook geloven - ervaart echt pijn als hij probeert zijn
geest open te stellen en te denken op een ongebonden en onbevooroordeelde
manier. Iemand die probeert de vreemde sociale normen en waarden
van een andere cultuur te begrijpen ervaart een soortgelijke
pijn. De betekenis daarvan is enorm, en kan verklaren waarom
wetenschap zo corrupt is. Het is feitelijk een blik in het
brein van een autoritaire persoonlijkheid.
Maar het is complexer dan het op het eerste gezicht lijkt.
In zijn boek The
Corruption of Reality wijst John Schumaker erop dat
het lijkt alsof mensen geboren worden met de drang om bepaalde
informatie buiten het bewustzijn te plaatsen (dissociatie).
Ik denk echter dat dit eerder een drang is om contact te zoeken
met een hogere vorm van bewustzijn - op het niveau van informatie-uitwisseling
met ons DNA. Sommige van ons hebben DNA dat ons verbindt met
onze bron van creativiteit, geërfd van onze Cro-Magnon-voorouders,
en sommige van ons hebben DNA dat ons verbindt met onze Neanderthal-voorouders
- iets wat vooral door toeval gestuurd wordt. (Zie The
Prehistory Of The Mind van Steven Mithen). In een
individu dat vooral wordt gestuurd door zijn Neanderthal-DNA
zou de capaciteit van de hersenen om feitjes en informatie
buiten het bewustzijn te plaatsen de normale toestand kunnen
zijn - een brein zonder centrale coördinatie of volledig
menselijk bewustzijn om de verschillende onderdelen en hersenfuncties
gezamenlijk te laten optreden. In een individu met Cro-Magnon/volledig
menselijk DNA kan de mogelijkheid van het brein informatie
buiten het bewustzijn te plaatsen op een heel andere manier
gebruikt worden: als middel dat toegang biedt tot /om
verbinding te maken met archetypische gebieden, gebieden
van puur bewustzijn.
Uit het bewijs dat Schumaker aanbrengt blijkt in ieder geval
dat de mogelijkheid om dit te doen in elke mens latent aanwezig
is, en erop wacht om te worden uitgebuit door een willekeurige
straatventer of verkoper van tweedehands auto's. Er zijn ook
zeer veel aanwijzingen dat zij die deze hersencapaciteit niet
gebruiken - die het onderdrukken - lijden aan een breed scala
van psychische stoornissen.
Positieve dissociatie is van groot belang voor gezonde personen
en een gezonde samenleving. De wereld lijdt heden ten dage
onder een epidemie die veel te weinig aandacht krijgt: spanning.
Volgens de laatste cijfers lopen mensen van nu 100 keer meer
kans om serieus overspannen te raken dan een eeuw geleden.
Het aantal volwassenen die lijden onder depressies of angststoornissen
is sinds 1990 zelfs verdrievoudigd! Meer dan 80% van mensen
die hun huisarts bezoeken met fysieke klachten heeft ook last
van te veel spanning. Deze problemen nemen momenteel zo snel
toe dat binnen een jaar of tien spanning de belangrijkste
oorzaak van vervroegd overlijden en invaliditeit zal zijn.
Er is dus serieus iets gaande en het ziet er niet goed uit.
Ik vermoed dat het te maken heeft met de psychopathische (door
Neanderthal-dna gedomineerde) inspanningen om zaken als spiritualiteit
volledig uit onze belevingswereld uit te bannen. Dit is in
principe hetgeen ten grondslag ligt aan de evolutietheorie
en waarom het de wetenschap volledig overheerst. De wetenschap
is overgenomen door individuen die voornamelijk worden gestuurd
door hun Neanderthal-genen en die effectief zonder aanleg
voor spiritualiteit door het leven stappen. Die mensen zijn
dan niet in staat tot het ontwikkelen van een geweten of een
hoger bewustzijn.
Andrew Lobaczewski, (Political
Ponerology: A Science on the Nature of Evil Adjusted for Political
Purposes) wijst erop dat psychopaten van nature een materialistisch,
evolutionair wereldbeeld hebben (een ander wereldbeeld is
voor hen onmogelijk). Hij schrijft: "Specialisten op het gebied
van de psychologie en psychopathologie zouden een analyse
van dit systeem van beperkingen en aanbevelingen [op wetenschappelijk
gebied] hoogst interessant vinden. Dit maakt het mogelijk
in te zien dat dit misschien een van de wegen is die ons tot
de kern van dit macrosociale fenomeen kunnen leiden. De beperkingen
beslaan het gebied van de dieptepsychologie, de analyse van
het menselijke, instinctieve substratum en de droomanalyse."
Zelfs de psychologie van de voortplanting staat onder embargo,
opdat vrouwen niet zullen leren hoe ze psychopathische mannen
uit de weg kunnen gaan.
Ook de studie van de psychopathologie (psychopathie in het
bijzonder) lijkt verboden terrein. Zoals Lobaczewski vaststelt
zou elk uitgebreid begrip van de psychopathie onvermijdelijk
leiden tot een diagnose van het systeem zelf, een ontwikkeling
die de pathologische elite niet kan toestaan. En dus "is
er een doelbewust systeem van controle, terreur en afleiding
in werking gesteld... Het misbruik van de psychiatrie voor
doeleinden die we reeds kennen is dus een afgeleide van de
natuur van de patocratie in de vorm van een macrosociaal psychopathologisch
fenomeen."
Dit alles geeft ons enkele aanwijzingen over hetgeen aan
de basis kan hebben gelegen van het geloofssysteem van de
Cro-Magnon, en wat hen vredig, verbonden, creatief en homogeen
maakte zonder geweld of dominantie. De oplossingen voor de
problemen waar wij mee te maken hebben zouden aantonen hoe
zij ermee omgingen. Daardoor stellen we nu dus vast dat mensen
dienen te weten hoe ze 1) op een gezonde manier kunnen omgaan
met spanning, door positief gebruik te maken van dissociatieve
technieken en zich te concentreren op de niet-materiële
wereld, om zo hun objectiviteit te versterken wanneer ze zich
bezighouden met de materiële wereld; 2) dissociatieve
technieken kunnen gebruiken om de vele aspecten van een bewuste
geest te kunnen gebruiken terwijl ze tegelijkertijd in contact
kunnen treden met hun eigen hogere bewustzijn.
Het feit dat bepaalde technieken echt werken om dit te bereiken
is een indicatie van de manier waarop de mensheid is overgenomen
en op het goudgele pad richting zijn ondergang is gezet. Deze
eenvoudige technieken (die werken omdat de hersenen de aangeboren
aanleg ervoor hebben) werden door de Neanderthalhybriden op
laaghartige wijze gebruikt om hun zakken te vullen en bij
de mensen ideeën en overtuigingen in te prenten die pertinent
fout zijn en geen enkel verband houden met de werkelijkheid.
Ze zijn gebruikt om grote groepen mensen tegen elkaar op te
zetten en zo de persoonlijke plannen van de psychopaten en
hun handlangers (het huwelijk van politiek en religie is al
heel oud) te bevorderen via het ontketenen van oorlogen, pogroms,
vervolgingen, enzovoorts.
Het werkte altijd want het menselijk brein is ervoor voorgeprogrammeerd.
En het brein is voorgeprogrammeerd omdat de mens zo is geëvolueerd.
De mens is zo geëvolueerd omdat het gedurende een zeer
lange periode van voordeel was voor de mens deze capaciteit
(dissociatie) te hebben - een capaciteit die nu tegen ons
gebruikt wordt door de psychopaten. Lobaczewski is een uitzondering
onder psychologen omdat hij deze 'spirituele aanleg' als natuurlijk,
hoewel bij de meeste mensen onderontwikkeld' ' beschouwt.
Met het bovenstaande in de hand is het niet zo moeilijk in
te zien hoe de vervuiling van de wetenschap in zijn werk gaat,
en wat het voor de mensheid betekent. Psychopaten zullen -
eens ze macht en invloed hebben vergaard - bepaalde wetenschappelijke
onderwerpen verbieden om hun eigen positie niet in gevaar
te brengen. Het is dan ook een logische stap om dit toe te
passen op de studie naar het bewustzijn. Ze promoten hun eigen
innerlijke landschap (materialisme) via de wetenschap en projecteren
het op de mensheid. Daarbij blokkeren ze elke mogelijkheid
dat ze zelf als abnormaal worden gezien. Door het opwerpen
van een dergelijke semantische barrière kunnen ze ons
'genetisch potentieel voor diversificatie van gedachten en
gedrag' inperken en elke gewenste richting opsturen. We raken
daardoor de werktuigen kwijt waarmee we de herkomst van hun
ziektebeeld zouden kunnen achterhalen, en waarmee we het werkelijke
potentieel van de mens zouden kunnen ontdekken. Door het bestaan
van een ordenend principe van bewustzijn te ontkennen, ontkennen
ze het bestaan van een hoger doel waar we naar zouden kunnen
streven en houden ze ons af van een nieuwe Gouden Tijd.
Maar hoe hebben ze dat klaargespeeld? Hoe hebben geesteszieke
hybriden kunnen binnendringen in een stabiele, vredige, homogene
samenleving die al tienduizenden jaren stabiel, vredig, homogeen
was geweest? Ik vermoed dat het een seksueel binnendringen
was, op basis van de roofzuchtige, gewetenloze natuur van
deze hybriden en dat ze zo hun genen verspreidden onder de
volledig menselijke Cro-Magnon populatie. Het is een vraagstuk
dat me eindeloos bezighoudt. Het is gemakkelijk genoeg om
simpelweg te stellen dat deze hybriden vrouwen verkrachtten
en zo hun genen verspreidden; die dingen zijn zeker gebeurd.
Maar wanneer je nadenkt over het vermengen van de genetische
types realiseer je je dat een deel van hen zeker hun primitieve
honger voor materiële waarde en vrouwen op een creatievere
manier zal hebben kunnen aanwenden dankzij de extra hersencapaciteit
die ze door de genetische vermenging hadden verkregen. En
niet alleen dat: kinderen die voortkwamen uit dergelijke verkrachtingen
zouden toch groot gevaar moeten lopen direct na de geboorte
gedood te worden? Als dat niet gebeurde moet er een dwingende
reden voor geweest zijn. De psychopathische genen moeten ervoor
gezorgd hebben dat het kind op de een of andere manier aantrekkelijk
was en zo het overleven verzekerd hebben.
Tijdens het lezen van Women Who Love Psychopaths
van Sandra Brown realiseerde ik me dat de dingen die een psychopaat
doet, die dingen die werken bij het verleiden, vangen van
en een relatie opbouwen met vrouwen karikaturen zijn
van dingen die zich eigenlijk op een positievere manier zouden
moeten manifesteren. Een psychopaat heeft er geen moeite mee
om een vrouw het hof te maken en haar precies te geven wat
ze wenst.
Een normale man voelt zich meest niet op zijn gemak wanneer
hij een vrouw in de ogen staart, romantische woordjes zegt
en theatrale gebaren maakt. Zijn seksueel gedrag is vaak uiterst
puberaal. Ook zien deze mannen seks niet als wat het in feite
zou moeten zijn, namelijk de perfecte manier om je relatie
met een vrouw op te bouwen/te verstevigen. Hun negatieve en
kinderachtige manier van doen zijn cultureel bepaald, vooral
via religie - maar dat is maar het begin. Om goed te begrijpen
hoe gestoord onze samenleving is als het gaat om seks en seksualiteit
zou je The
caricature of love;: A discussion of social, psychiatric,
and literary manifestations of pathologic sexuality
van Hervey Cleckley eens moeten lezen. Het is een moeilijk
boek, maar je zult blij zijn als je het gelezen hebt - tenzij
je zelf een psychopaat bent natuurlijk. Het boek bevat enkele
straffe illustraties van de 'artistieke kannibaal' ' waar
we het eerder over hadden.
Een psychopaat observeert zijn prooi, doet precies dat waarvan
hij weet dat de vrouw ervoor zal vallen en zet haar vervolgens
naar zijn boosaardige hand. Waarom observeren normale mannen
hun 'doelwit' niet, niet als prooi, maar als onderwerp van
hun toewijding? Waarom proberen zij niet alles over haar te
weten te komen, wie ze is, wat ze wil, waar ze behoefte aan
heeft, om het vervolgens uit liefde aan haar te geven?
Het is maar een ding dat me opviel, maar ik heb het erover
omdat de interactie van de psychopaat en zijn slachtoffer
een karikatuur is van wat een belangrijk deel lijkt te zijn
geweest van het religieuze wereldbeeld van de Cro-Magnon,
en dat we nu volledig verloren lijken te hebben. Wanneer de
verhalen over Sodom en Gomorra slechts vage herinneringen
zijn aan de vernietiging van Atlantis, aangedikt met latere
inslagen van kometen - zoals ik vermoed - en wanneer we denken
aan de oude legendes die de Zondvloed in verband brengen met
een 'rituele fout' of seksuele uitwassen, krijgen we misschien
een beetje inzicht wat er werkelijk gebeurd is. Het biedt
ons wellicht ook nieuwe inzichten in de betekenis van het
verhaal van de Nephilim
(Genesis 6:1-5):
"En het geschiedde, als de mensen op den aardbodem
begonnen te vermenigvuldigen, en hun dochters geboren werden,
dat Gods zonen de dochteren der mensen aanzagen, dat zij schoon
waren, en zij namen zich vrouwen uit allen, die zij verkozen
hadden. Toen zeide de HEERE: Mijn Geest zal niet in eeuwigheid
twisten met den mens, dewijl hij ook vlees is; doch zijn dagen
zullen zijn honderd en twintig jaren. In die dagen waren er
reuzen op de aarde, en ook daarna, als Gods zonen tot de dochteren
der mensen ingegaan waren, en zich kinderen gewonnen hadden;
deze zijn de geweldigen, die van ouds geweest zijn, mannen
van name. En de HEERE zag, dat de boosheid des mensen menigvuldig
was op de aarde, en al het gedichtsel der gedachten zijns
harten te allen dage alleenlijk boos was."
John van Seters denkt dat de Bijbel pas in een zeer laat
stadium is opgeschreven en sterk werd beïnvloed door
de Griekse mythologie. Andere experts zijn het met hem eens.
De vraag is dus of het verhaal over de Nephilim slechts een
Bijbelse versie is van de heroïsche Griekse sagen die
duidelijk over serieus gestoorde personen gaan, en of deze
zeer oude sagen verbasteringen zijn van herinneringen uit
cataclysmische tijden. (zie The
Diluvian Impact: The Great Flood Catastrophe 10,000 Years
Ago As the Consequence of a Comet's Impact
van Heinrich Koch en Man
and Impact in the Americas
van E.P. Grondine voor een goede uiteenzetting over
de gebeurtenissen die eraan ten grondslag lagen).
Maar terug naar het probleem van de karikaturen. Zoals gezegd
denk ik dat wat psychopaten doen in wezen een karikatuur is
van wat normale liefde tussen spirituele wezens zou moeten
zijn.
Er zijn veel mensen die een acuut gebrek aan begrip in onze
wereld waarnemen, die uitkijken naar een gezamenlijk doel
en 'bij hun eigen mensen' willen horen. Deze diepgewortelde
impuls wordt door Zwarte Magiërs zoals psychopathische
religieuze en politieke leiders bespeeld voor hun eigen ontaarde
doelen. Dit verlangen naar eenheid met iemand anders, iemand
die hen begrijpt en accepteert en onvoorwaardelijk liefheeft,
die alles geeft en aan wie ze alles kunnen geven, ligt aan
de basis van wat vrouwen van psychopaten laat houden. En het
ligt aan de basis van wat mensen religies of ideologieën
doet volgen, mensen wiens 'passie' wordt misbruikt waardoor
ze fanatiek en radicaal worden.
In het kort komt het erop neer dat hetgeen psychopaten doen
werkt omdat ze vrouwen observeren en weten wat te doen om
ze te lokken en te vangen. Het werkt omdat deze vrouwen diep
van binnen zijn uitgerust met een systeem waardoor ze op zoek
zijn naar echte liefde. Deze vrouwen houden de karikatuur
voor het origineel omdat ze geen weet hebben van het bestaan
en de kenmerken van de psychopaat. Deze vaststelling werpt
meteen weer een aantal vragen op, vooral die wat een werkelijk
spirituele man moet doen om op elk niveau over zijn innerlijke
blokkades heen te stappen: mentaal, emotioneel, fysiek en
spiritueel; maar ook die hoe een vrouw kan leren een spirituele
man van een psychopaat te onderscheiden.
Maar terug naar onze rode draad: wat is er gebeurd waardoor
de mens vanuit de Gouden Tijd terecht is gekomen in een samenleving
die zoveel kosmische wanklank veroorzaakt dat de hemellichamen
bezig zijn het uitroeien van de mensheid voor te bereiden?
Ernest Gellner (Anthropology
and Politics: Revolutions in the Sacred Grove) stelt
dat aangezien maatschappelijke structuren niet veel meer zijn
dan 'semantische beperkingen' die de mensen van buitenaf opgelegd
krijgen, verandering mogelijk is. Maar hij stelt dat deze
slechts cumulatief kan plaatsvinden, zoals de kikker in het
opwarmende water:
"[Dit] maakt ook sociale verandering mogelijk, verandering
die niet gebaseerd is op een genetische aanpassing, maar
eerder op een cumulatieve ontwikkeling in een bepaalde richting,
die bestaat uit een aanpassing van het semantische en niet
van het genetische systeem van grenzen... Het handhaven
van de orde is echter van veel groter belang voor samenlevingen
dan het bereiken van beneficiaire verandering. De meeste
verandering is namelijk niet beneficiair; vaak zorgt verandering
voor het ontwrichten van de sociale orde zonder bijkomende
voordelen..."
En hier vinden we de sleutel tot het begrijpen van
de corruptie van de wetenschap en derhalve de samenleving
en de manier waarop die de wereld ziet, zoals Zinoviev die
beschreef. Het lijkt erop dat een semantische hervorming al
sinds de Renaissance bezig is. Vreemd
genoeg greep de Renaissance, die de aanzet gaf tot het nieuwe
denken, terug op 2000 jaar oude teksten en de grote geesten
van het klassieke Griekenland en Rome voor hun wiskundige,
filosofische en logische benadering. Uiteraard suggereert
Fomenko,
en hij heeft sterke bewijzen, dat veel van de klassieke geschriften
uit de oudheid in werkelijkheid tijdens de Renaissance werden
geschreven en dus hoogstaande vervalsingen zijn.
Het Evolutionaire Breekpunt in de 19e eeuw markeerde het
hoogtepunt van een geleidelijke overgang van een samenleving
die werd gedomineerd door religie naar wat 'rationeel denken'
en wetenschap werd genoemd. De nieuwe instelling was dat de
rede de ultieme autoriteit was, en niet ervaring, gezag of
spirituele ideeën. Dit zorgde voor een verschuiving in
hoe wetenschappers zichzelf en de mensheid zagen, en het was
over het algemeen een positieve ontwikkeling. Ze legde de
basis voor een puur wetenschappelijke methodologie en kennisvergaring.
De nieuwe benadering zorgde echter ook voor een zeer sceptische
houding tegenover vroegere geloofssystemen en de geschiedenis.
Oude beschavingen werden als primitief bestempeld ondanks
de soms duidelijk hoog ontwikkelde overblijfselen die werden
gevonden. Verhalen over de Gouden Tijd werden op voorhand
al verworpen. En dan was er Darwin en zijn ideeën namen
alle takken van wetenschap in een houdgreep. Het is het aanhoudende
materialistische, evolutionaire denken dat schuilgaat achter
de verklaring voor de orde der dingen en dat tot op de dag
van vandaag standhoudt. Ongetwijfeld zitten er in de struiken
enkele psychopaten verstopt die de rol spelen van grijze eminentie
achter de wetenschap, want we kunnen niet stellen dat alle,
of zelfs niet de meeste, wetenschappers psychopaten zijn.
Er zijn andere manieren om veranderingen teweeg te brengen,
en één zo'n manier is het gebruik van gebeurtenissen
- fysiek of emotioneel - die schokkend zijn voor de mensheid,
die - als de schok hevig genoeg is - zal 'smelten' en daardoor
dermate kneedbaar wordt dat er een nieuwe verzameling van
geloofssystemen (of wat er ook noodzakelijkerwijs in het menselijk
brein geplant moet worden om het te kunnen controleren) gevormd
kan worden. Ivan Pavlov noemde dat 'Transmarginal
Inhibition'. Sociaal geweld is een bewezen methode
die de elite gebruikt om een samenleving te ontwrichten en
ontvankelijk te maken voor veranderingen die ze ervoor niet
zouden hebben geaccepteerd. Er zitten echter wel wat haken
en ogen aan: de elite kan dit niet openlijk tegen de eigen
bevolking doen, want dat zou niet worden getolereerd. Het
zou worden gezien als een ernstige schending van de groepsmoraal,
en dus moet het geweld worden gepresenteerd als een daad van
'de vijand' of van een andere sociale groep.
Natuurlijk zijn er veranderingen die plaatsvinden in een
samenleving als gevolg van het ontwrichten of vernietigen
van die samenleving door oorlog - een aanval van de 'vijand'
- en in sommige gevallen sterkt het die samenleving alleen
maar in hun overtuiging om vast te houden aan hun eigen sociale
weefsel. Het kan ook leiden tot verschuivingen binnen het
waardenstelsel rond de noodzakelijkheid van zelfverdediging,
zoals wanneer een vreedzame samenleving gedwongen wordt tot
het opnemen van de wapenen door een onderdrukkend regime of
een vijandige bezetting.
Over het algemeen zal een bezettende macht proberen alle
individuen die zich zouden kunnen verzetten te elimineren
zodat het hervormen van de betroffen samenleving - ook wel
pacificeren genoemd - minder problemen oplevert. Polen onder
Hitler en later onder de Sovjet Unie is een goed voorbeeld.
De Duitsers beschouwden de Polen en andere Slavische volken
als inferieur, en dus moesten de Polen - geheel volgens plan
- volgens strikt raciale criteria gescheiden worden. De Polen
met Duits bloed moesten worden geclassificeerd als etnische
Duitsers. De transformatie van Polen tot een Duitse provincie
diende te worden uitgevoerd over een korte periode van 25
tot 30 jaar. De Duitsers kenden dus geen enkele genade tegenover
de Polen. Om een snel succes van deze 'ontpoling' te garanderen
moesten alle intelligentsia worden geliquideerd. "Het
klinkt wreed," zou Hitler tegen Hans Frank hebben gezegd,
"maar dat is de wet van het leven".
Laten we proberen aan de hand van een stukje sociale antropologie
ons voor te stellen hoe onze moderne Cor-Magnon samenleving
er uit zou hebben kunnen zien. Ernest
Gellner wijst op de meest voor de hand liggende punten:
het vermogen om te kunnen gaan met anderen, om de chaos van
een potentieel gebrek aan zelfbeheersing in de mens te vermijden,
om erachter te komen hoe diep innerlijk gedachtengoed aangewend
kan worden, moet er eerst geweest zijn. Hij stelt de volgende
vraag: wat was er eerst, dit buitengewone vermogen tot zelfregulering
via afspraken met anderen en het brede scala aan manieren
om dit te doen, of de taal die noodzakelijk is om dit überhaupt
te kunnen? De twee mogelijkheden zijn duidelijk afhankelijk
van elkaar. Eens je een onbeperkt aantal mogelijke gedragspatronen
hebt moet dat gedrag in goede banen worden geleid om met elkaar
overeen te kunnen komen, en moet er een systeem van signalen
zijn die de grenzen aangeven. Taal biedt een heel arsenaal
voor dergelijke signalen die de grenzen van ons gedrag in
onze contacten met anderen uitlijnen. Taal heeft dus de genetische
limieten van onze gedragspatronen vervangen.
Dit betekent dat een groot aantal dingen tegelijkertijd moet
samenkomen: de mogelijkheid voor een breed scala aan gedragspatronen,
het vermogen om de optionele en optimale manieren van interactie
tussen de leden van een groep te signaleren, en de aanwezigheid
van een systeem om de individuen in het systeem te wortelen,
d.i. rituelen. Deze factoren moeten zich dan ook nog vrijwel
tegelijkertijd hebben gemanifesteerd, en dat is een groot
probleem voor de wetenschap wanneer ze een ander proberen
te verklaren aan de hand van de Evolutieleer.
Tegelijkertijd dienden andere factoren zich aan. Voor de
meeste soorten betekent vuur een gevaar. Dat geldt ook voor
direct oogcontact en het openen van de mond en het ontbloten
van de tanden. Combineer deze elementen met het plaatsen van
voedsel tussen de leden van de groep en je hebt een prima
recept voor conflict en geweld. Het moge echter duidelijk
zijn dat een groep mensen op een bepaald moment de betekenis
van al deze signalen veranderde en daarmee de essentie van
het mens-zijn definieerde. Deze verandering van gedrag wordt
aangetoond door centrale vuurplaatsen in een grote open ruimte
waar de eters in een cirkel omheen zaten. In het delen van
voedsel en de bijkomende beleefdheden illustreert de mens
het fundamentele verschil van zichzelf met het dierenrijk.
Van alle dingen die mensen doen is het delen van voedsel
het minst evolutionair. Geen andere soort volgde dit pad van
wederzijds delen van voedsel en elkaar helpen waarvoor het
noodzakelijk is om tijd en ruimte abstract te kunnen voorstellen.
Welke natuurlijke logica - die die we waarnemen in de dierenwereld
- zou een traject volgen dat in feite zo onnatuurlijk is...,
dat we verder nergens anders zien?
Tenslotte is de gezamenlijke maaltijd een belangrijk
symbool in bijna alle religieuze systemen. Het delen van
voedsel overschrijdt de meest fundamentele culturele verschillen
zoals we die kennen op deze planeet. Misschien was het ook
een van de kenmerkende verschillen tussen de Cro-Magnon en
de Neanderthalers? Volgens mij was het een Paleolithisch ritueel
dat is doorgegeven als een manier in prehistorische tijden
om te kunnen onderscheiden wie wel en niet pathologisch was.
Denk maar aan het Laatste Avondmaal en de betekenis ervan.
Wat was er nu toch zo eindeloos belangrijk aan het delen van
een maaltijd waardoor het het draaipunt van een religie werd.
Was iets aan die maaltijd misschien ouder dan het Christelijk
geloof en zelfs zijn herkomst? Misschien was de boodschap
van het laatste avondmaal deze: "Eet samen, deel voedsel,
ter herinnering aan mij, jullie zijn geen dieren, jullie zijn
spirituele wezens." Door de millennia heeft brood het
vlees vervangen rond de vuurplaats, maar de symboliek bleef
dezelfde.
Waar het om gaat is dit: op deze planeet - of op die andere
planeet - moet er een begin geweest zijn, en iedereen die
het menselijke dilemma wil begrijpen kan de vraag over hoe
het allemaal begon niet negeren. We weten dat mensen zijn
vervreemd van zichzelf en van andere wezens, en we zouden
dringend en ten volle moeten begrijpen waarom, en niet alleen
in de vorm van een bont gezelschap van theoretische studies.
Uiteraard dienen we er hierbij van uit te gaan dat de mens
überhaupt een 'essentie' heeft.
De paleontologie probeert de stappen te ontdekken die dieren
tot volledig menselijk gedrag hebben geleid. Maar misschien
zijn die stappen nooit gemaakt en is het eenvoudigweg het
verschil tussen wat dierlijk is en wat waarlijk menselijk
is? Toch is het onderzoek van de paleontologie bruikbaar bij
het analyseren van de verschillen. Antropologie probeert te
ontdekken middels welke stappen de mens kan overgaan van een
bepaalde sociale orde die - ritueel bepaald - redelijk stabiel
is, naar een gemeenschap waar mensen zich uit vrije wil, abstract
en op een afstand kunnen overgeven aan specifiek gedrag dat
niet genetisch bepaald wordt: het zogenaamde 'sociale contract'
van normen en waarden.
Gellner geloofde dat we in een dergelijke samenleving leven
- die van het sociale contract. Hij meende dat een ritueel
bepaalde samenleving noch normaal, noch acceptabel was. Maar
hij zag niet de hoeveelheid aan manieren waarop het dansen
rond de totempaal was vervangen door net zo effectieve manieren
om een individu te wortelen in de identiteit van de groep
- de autoritaire dynamiek die waarschijnlijk wordt aangedreven
door psychopaten en de semantische hindernissen die ze opwerpen
voor de mensheid middels het voortrekken van bepaalde wetenschappen
en een embargo op andere.
Volgens de visie van de gevestigde wetenschappen verliep
de Neolithische Revolutie - de overgang naar landbouw - in
stappen tot waar we nu zijn. Deze ontwikkeling ging gepaard
met het ontwikkelen van systemen voor de productie en opslag
van voedsel. Blijkbaar was een menselijke samenleving die
al sterk gediversifieerd was en op het punt stond over te
gaan op het kweken en opslaan van voedsel - volgens Gellner
en anderen - sowieso al een "ritueel geketende samenleving":
"Maar het [landbouw] was ook een grote val. Het belangrijkste
gevolg van de overgang tot het produceren en opslaan van
voedsel was de alomtegenwoordigheid van politieke dominantie.
Een uitspraak die wordt toegeschreven aan de Profeet Mohammed,
bevestigt dat onderwerping het huis binnenkomt middels de
ploeg. En dat is een waarheid als een koe. Op het moment
dat er een overschot is en voedsel wordt opgeslagen, wordt
dwang sociaal onvermijdelijk, waar het tot dan toe slechts
mogelijk was. Een overschot moet worden verdedigd. Het moet
ook verdeeld worden. Geen enkel principe van verdeling rechtvaardigt
en regelt zichzelf: iets en iemand zal het moeten afdwingen.
Deze overweging, samen met het eenvoudige principe van
'geweld uit voorzorg' - dat stelt dat je de eerste moet
zijn om een ander aan te doen wat ze jou zouden aandoen
als ze de kans zouden krijgen - maakt mensen onontkoombaar
tot rivalen. Hoewel geweld en dwang niet geheel afwezig
waren in de pré-agrarische samenleving, was het niet
structureel. Ze waren met andere woorden geen noodzakelijk
onderdeel van de samenleving. In de agrarische samenleving
was dat wel het geval.
De noodzaak van opslag en zelfverdediging dwingt de agrarische
samenleving ook ertoe waarde te hechten aan nakomelingen,
hetgeen betekent dat - om gekende Malthusiaanse redenen
- de samenleving met enige regelmaat over de grenzen van
het mogelijke gaat. De leden van een agrarische samenleving
kent de omstandigheden waaronder ze leven en ze wachten
niet op het moment dat het noodlot toeslaat. Ze organiseren
zich dusdanig om ervoor te zorgen - indien mogelijk - dat
ze niet achter aan de rij zullen staan.
Landbouw bracht overheersing
Dus over het algemeen is een agrarische samenleving autoritair
en sterk geneigd tot overheersing. Hij wordt gevormd door
een systeem van beveiligd en verdedigde opslagplaatsen met
variabele en gecontroleerde toegang. Er word een strikte
discipline opgelegd, niet zozeer door constant direct geweld,
maar door een afgedwongen, variabele toegang tot de opslagplaatsen.
De heerser bepaalt niet alleen de plaats in de pikorde;
de dreiging van degradatie en de hoop op promotie zorgen
andersom voor een discipline die het de heerser gemakkelijker
maken. Daardoor kan de overheersing over het algemeen indirect
zijn. Het zwaard wordt alleen gebruikt tegen hen die zich
niet houden aan de geldende pikorde en de macht van de heerser.
De overweldigende meerderheid van agrarische samenlevingen
zijn in feite systemen van met geweld instandgehouden en
verdedigde opslagplaatsen van overschot. De productie en
verdediging van overschotten wordt over het algemeen, hoewel
niet altijd, gevolgd door een gecentraliseerde politisering.
Een geformaliseerd apparaat van overheersing supplementeert
of vervangt deels de rituelen. (Gellner)
De volgende stap is natuurlijk schrift, want het schrift
is noodzakelijk om bij te houden wat er ligt opgeslagen, wie
er waar staat in de pikorde, enzovoorts. Schrijven leidt dan
een andere interessante ontwikkeling: het vastleggen van betekenissen
en het opslaan van deze bepalingen, over het algemeen dogmatische
ideeën. Dit betekent dat ideeën over de tijd en
de ruimte kunnen worden heen getild. Als de doctrine vervolgens
wordt gecentraliseerd en begiftigd met één enkel/e
hoogtepunt/herkomst, ofwel een enkele en jaloerse God kan
dit zeer negatieve gevolgen hebben voor die tijd en ruimte.
Dit leidt dan weer tot dwingende semantische technieken met
een nieuw effect: het is wijdverspreid en gecentraliseerd
met een beperkte heersende klasse. Je hebt specialisten -
priesters - die het geloof rechtvaardigen, en de specialisten
in het gebruik van geweld die het geloof afdwingen. Hun nadrukkelijke
aanwezigheid getuigt van het feit dat het handhaven van sociale
discipline een probleem is en zelden haalbaar zonder deze
'specialisten'.
Een samenleving die gebaseerd is op de principes van het
agrarische overschot en de opslag daarvan redt het niet zonder
een heersende klasse en eens die gevestigd is, is het zeer,
zeer moeilijk aan hun steeds hogere eisen te voldoen en nog
moeilijker om van ze af te geraken. Bovendien is een agrarische
samenleving, gefundeerd op het verkrijgen, opslaan en verspreiden
van materiële goederen eenvoudig om te zetten in een
industriële samenleving, en dat is dan ook gebeurd. Antropologisch
en sociologisch is da de korte versie van hoe het gebeurd
is. Op de een of andere manier sprong de mens met volledig
ontwikkelde conceptuele vaardigheden voor het voetlicht, begon
hij rond de totempaal te dansen en doet hij dat feitelijk
nog steeds; evolutie, snap je wel...
Hoe was de samenleving volgens mij dan in de Gouden Tijd?
Wederom kunnen we het antwoord vinden in de sociale antropologie.
Volgens het meest recente archeologische en paleontologische
onderzoek was de oudste vorm van religie die we hebben kunnen
relateren aan de Cro-Magnon het aanbidden van de Hemelse Moedergodin.
De paleolithische beeldhouwwerkjes hebben op een bepaalde
manier een zeer sterke binding met de Maagd Maria, en het
lijkt er dus op dat er een ononderbroken doorgeven is geweest
van dit opvallende concept doorheen de gehele geschiedenis
van de mensheid. De impliciete boodschap in het beeld van
de godin is een visie van al het leven als een levende eenheid.
Het vrouwelijke beeld is als een lens die focust op onze perceptie
van het universum als een heilig geheel, levend en gevend,
en wij op Aarde zijn de kinderen van de Kosmos. In deze context
zou je kunnen zeggen dat de Heilige Graal de religie van de
Godin is - waarbij we religie bedoelen in zijn originele betekenis,
iets dat mensen bindt. De Aarde en de schepping waren van
de zelfde stof als de Godin en het Goddelijke was eigen aan
de schepping.
En dat is wat we zijn kwijtgeraakt. Nergens in de huidige
donkere tijden vinden we het beeld van de Godin - de Heilige
Graal-lens waardoor we het leven zouden moeten zien - te vinden.
Het beeld van de Maagd Maria is niet een beeld van de Koningin
van de Aarde; zij is - heel belangrijk - slechts 'Koningin
van de Hemel'. Aangezien een cultuur per definitie wordt bestuurd
door mythische beelden, en aangezien onze cultuur het vrouwelijke
aspect al duizenden jaren vernedert en kleineert vinden we
hierin de oorzaak van de gruwelen van onze eigen realiteit:
we hebben de Natuur ontheiligt. De Aarde wordt niet gezien
als een levend wezen, maar dusdanig vervuild en vergiftigd
dat we haar bijna hebben vernietigd.
Het is op dit punt dat we eens moeten nadenken over het organiserende
principe van de Cro-Magnon, waar die dan ook vandaan gekomen
mag zijn. Op een bepaald moment was er de drang om gemeenschappen
te gaan vormen, of dit nu voortkwam uit de spontane ontwikkeling
van het DNA of uit een lang, pijnlijk proces van evolutie
waar dan ook, wanneer dan ook, hoe dan ook. Het maakt niet
uit wat het was, het principe blijft hetzelfde. Het moge duidelijk
zijn dat er iets speciaals is gebeurd waardoor dieren mensen
werden, iets dat een verschil betekende tussen de mens en
zijn eveneens homonoïde voorvaderen (en tot nu toe is
evolutie, zoals het wordt geformuleerd, tergend inadequaat
gebleken om dit proces te verklaren).
Bij het bestuderen van de samenleving van de Neanderthalers
kunnen we vooral zien wat de Cro-Magnon vooral niet
waren. Voormenselijke groepen - Neanderthalers - waren kleine,
hechte groepen, gedomineerd door geweld. De sterken overheersten
de zwakkeren, maar er was een bepaalde samenhang nodig om
te overleven. Er heerste een botte en vulgaire concurrentiestrijd
voor bronnen van overleving, zowel voedsel als vrouwen. De
samenhang werd afgedwongen. Een dergelijke omgeving was niet
bevorderlijk voor welke vorm van vernieuwing dan ook, zoals
het ontwikkelen van werktuigen of ideeën die tot die
ontwikkeling zouden kunnen leiden. De geschiedenis van de
Neanderthal-mens bestuderend was dit het leven in hun gemeenschap:
tweehonderdduizend jaar lang dezelfde gerecycleerde gereedschappen
zonder enige innovatie.
Innovatieve individuen, zoals we die kennen in onze samenleving,
zijn vaak fysiek niet sterk of agressief. Misschien gebruiken
ze hun hersenen meer om dat ze minder goed in staat zijn zich
op basis van hun fysieke kracht staande te houden, of misschien
zijn ze minder agressief omdat ze zoveel nadenken. Hoe dan
ook, dergelijke individuen zouden niet kunnen overleven in
een gemeenschap die wordt overheerst door sterke, gewelddadige
types, want deze types zouden niet alleen hun innovaties inpikken
(en vervolgens niet in staat zijn om ze te reproduceren) maar
hen ook niet voeden. Een dergelijke plaats waar alleen het
recht van de sterkste geldt is geen omgeving waar creativiteit
en innovatie kunnen gedijen.
Cro-Magnon-gemeenschappen beschikten over gemeenschappelijke
vuurplaatsen, kenden gezamenlijke activiteiten en hun nederzettingen
tonen aan dat bepaalde plaatsen waren voorbehouden aan het
verrichten van heel specifieke taken die het algemeen belang
ten goede kwamen. En het is daarom dat de Marxistische sociaal-antropoloog
Yuri Semenov, suggereert dat communisme (het echte communisme
zoals het werd in de praktijk gebracht door de vroege Christenen,
niet de Sovjet-versie, die puur totalitarisme was met alleen
maar het etiket van communisme erop geplakt) het systeem was
aan de hand waarvan de vroegste moderne mens zijn samenleving
inrichtte en dat het dat was wat hen werkelijk menselijk maakte
en de essentie van hun bestaan was.
In een gelijke, alles delende, communistische gemeenschap
waar er voor elk individu wordt gezorgd en elk individu teruggeeft
wat hij kan, kan een innovatieve geest wel gedijen. De gereedschapsmaker
die niet kan gaan jagen krijgt voedsel in ruil voor de werktuigen
en wapens die worden gebruikt bij de jacht, om maar een heel
eenvoudig voorbeeld te geven. Het komt dus hier op neer: zonder
een werkelijk communistisch systeem zou de mensheid helemaal
geen vooruitgang hebben geboekt.
Het probleem nu is dat we vanaf onze geboorte worden geworteld
in een psychopathische realiteit en al onze denkprocessen
(programma's, zo u wilt) zich ontwikkelen om te kunnen overleven
in een dergelijke realiteit. Deze programma's bevatten het
inprenten van een competitieve, meedogenloze, autoritaire
wij-tegen-zij-mentaliteit. We kunnen ons nauwelijks voorstellen
hoe het is te leven in een andere wereld waar zorg de plaats
inneemt van concurrentie, waar niemand ooit stelt dat iedereen
maar zijn eigen boontjes moet doppen, omdat iedereen vanaf
zijn prilste jeugd begrijpt mijn boontjes zijn boontjes zijn.
We leven in de wereld waarin we leven omdat psychopaten niet
beschikken over de essentiële menselijke vaardigheden
die sociale banden, samen delen, een wij-gevoel en zorgen
voor elkaar mogelijk maken (Lobaczewski noemt het "natural
syntonic responses" die voortkomen uit ons menselijke,
instinctieve fundament).
Communisme verklaart absoluut hoe de vroege mens heeft kunnen
overleven en gemeenschappen heeft kunnen ontwikkelen; we zien
dat het een noodzakelijke voorwaarde was, maar we zien niet
hoe een en ander tot stand kwam. Wat heeft van een dierlijk
wezen dat alleen dacht aan voedsel, voortplanting, misschien
een warm plekje en verder weinig anders een zachtaardig, zorgzaam
sterk mens gemaakt die het opnam voor de zwakkere leden van
zijn gemeenschap?
De huidige wetenschap kan geen bevredigend antwoord geven
op deze vraag. Natuurlijk hebben ze het over 'natuurlijke
selectie' als de god die de mens begiftigd met een verzameling
eigenschappen en degenen die die eigenschappen niet hebben
doodt. Maar daarmee is de vraag niet beantwoord. We willen
evolutie als een proces zeker niet uitsluiten, want evolutie
is een van de processen die het leven maken tot wat het is,
maar er is meer aan de hand dan de strikt materialistische
versie van de Evolutieleer voorziet. De eigenschappen van
de samenleving van de vroege moderne mens zouden in een door
geweld gedomineerde wereld eerder een nadeel dan een voordeel
hebben opgeleverd. Om een voordeel op te leveren zou een grote
verzameling eigenschappen tegelijkertijd moeten zijn opgetreden
bij een flink aantal individuen. Maar hoe?
Landbouw gaat hand in hand met een dominante, opdringerige
God. Vanaf de Babylonische mythologie (en ongetwijfeld ook
daarvoor, maar de Babylonische is de eerste die is overgeleverd)
werd de Natuur beschreven als een chaotische kracht die moest
worden overmeesterd, en de god nam de taak op zich om hem
te overwinnen en orde te scheppen in de chaos. De Godin werd
bijna alleen maar geassocieerd met de Natuur en de God mat
zich de rol aan van een tegenovergestelde 'geest' - een tegenstelling
die ervoor niet bestond. Het resultaat daarvan was dat de
mens en de Natuur werden gepolariseerd. Het is de Joods-Christelijke
mythologie die de Babylonische mythes belichaamden en die
de oorzaak is van onze huidige kwellingen.
Dit gedachtengoed ligt ten grondslag aan de veronderstelling
dat de spirituele en de fysieke wereld verschillend en elkaars
tegengestelde zijn, en dat heeft weer geleid tot andere tweedelingen
in ons denken: gedachten staan los van materie, de ziel staat
los van het lichaam, rede los van gevoel, intellect los van
intuïtie, zwart tegenover wit, slecht tegenover goed
- geen begrip meer voor de derde kracht: cntext.
De vrouwelijke principes van spontaniteit, instinct en intuïtie
zijn verloren gegaan als gids in het ervaren van de eenheid
van al het leven. In het Joods-Christelijke denken is er geen
vrouwelijke dimensie en onze cultuur wordt gevormd naar het
beeld van een mannelijke God die alles van buitenaf bestiert
en boven de schepping staat, waarin de Maagd Maria onderdrukt.
Pas in 1950, na sterke druk vanuit de bevolking, erkende paus
Pius XII Maria's Tenhemelopneming.
In andere mythische samenstellingen verdween de godin niet
helemaal, ook al werd ze van haar voetstuk gestoten. Zeus
bijvoorbeeld (maar ook andere goden) 'trouwde' met zijn godinnen.
Ze behielden hun plaats tot op zekere hoogte en regeerden
over vruchtbaarheid, geboorte, het huis en zelfs over spirituele
transformatie.
De Hebreeuwse mythologie - die door het Christendom werd
overgenomen - dwong de godin tot een volledige terugtrekking;
ze werd een draak - Leviathan of Behemoth - of de boosaardige
Kanaänitische Godin Astarte, en meer abstract, Yahweh's
wijsheid - Sophia - of zijn aanwezigheid - Shekinah. Eva de
verleidster, was menselijk en bevattelijk voor het boze, en
het was Adam die haar de naam van de godin gaf: Eva, de moeder
van alle leven. Deze kleine verdraaiing was fataal en beperkte
zich tot het vrouwelijke principe.
Maar de realiteit van het vrouwelijke principe is altijd
aanwezig, sluimerend in het onderbewustzijn van de man. De
daden van de godin, ontkent in de officiële doctrine,
waren impliciet en indirect, niet erkend, maar hardnekkig
en vaak vervormd. De pogingen het vrouwelijke principe uit
te roeien stond gelijk aan proberen de helft van de mensheid
te vernietigen, niet te vergeten de helft van de menselijke
psyche, inclusief die van de man.
Cro-Magnon kende een oorsprong en iets heeft de wereld van
de Cro-Magnon verpest. Wat het ook was dat van een vreedzame
wereld van jagers-verzamelaars een complexe, technologische
samenleving gemaakt heeft en de mensheid de dieperik in heeft
geholpen, het is waarschijnlijk nog steeds aanwezig en actief
in onze eigen samenleving. En het doet zijn uiterste best
datgene te vernietigen wat ons nog zou kunnen redden: echte
wetenschap.
Het was in de ontdekkingen van moderne wetenschappers dat
de Godin weer tevoorschijn begon te komen. En daaruit kwam
het beeld naar voor zoals het vroeger bestond: geen persoon,
maar een visie van het leven als iets heiligs, een geheel,
waaraan alle levende wezens deelnemen en waarin alle levende
wezens met elkaar in verband staan. De fysica heeft aangetoond
dat er in de subatomaire wereld een chaos bestaat die bereid
is realiteit te worden in relatie tot de waarnemer. Het web
van tijd en ruimte is een karakteristiek beeld van de oude
godin-mythes, waar de moedergodin ooit de kosmos spon als
een web uit haar eeuwige baarmoeder via een klos, en zo het
kosmische levensweb creëerde. De oceaan van onbeperkte
energie is het beeld van alle moedergodinnen die werden geboren
uit de zee. Maar uiteraard, zelfs in de fysica werd de godin
vermoord door het splijten van het atoom. Om kort te gaan:
het overheersende mythische beeld van de Middeleeuwen - de
God zonder Godin - wordt nog altijd in stand gehouden en ondersteunt
dus nog steeds het polaire en mechanische paradigma dat de
wetenschap in feite tegenspreekt. De effecten van dit overheersende
beeld leiden ons richting nooit eerder geziene rampspoed.
De twee essentiële aspecten van de menselijke geest
staan nog steeds lijnrecht tegenover elkaar en de mensheid
is de weg kwijt. Mythische beelden hebben een diepgaand effect
op mensen, zowel individueel als collectief, en dat wordt
duidelijk aangetoond in de diepere psychologie die laat zien
hoe radicaal wij worden beïnvloed en gemotiveerd door
hetgeen onder de oppervlakte van ons bewustzijn ligt. En dat
is ook waarom dit een van de terreinen is die worden belachelijk
gemaakt en verboden door de 'officiële' (psychopathische)
wetenschap.
Vandaag de dag wordt onze hoogstaande technologie gezien
als het summum van een hoge mate van beschaving. En dus beoordelen
we oudere samenlevingen naar onze maatstaven. Maar op welke
manier hebben ruimtereizen, computers en harttransplantaties
onze levens verbeterd? Op welke manier heeft een samenleving
gebaseerd op de evolutieleer de hele wereldbevolking vrede
en welvaart gebracht? Vandaag, meer dan ooit, is er een groot
gebrek aan betekenis en richting, ondanks het feit dat we
op technologisch vlak alles hebben wat ons hart begeert.
Onze voorvaderen uit de Paleolithische Gouden Tijd lijken
over tal van technologieën te hebben beschikt die wij
nu niet hebben. Deze technologieën waren subtiel, werkten
met natuurlijke energie, in harmonie met de wereld en de mensen
in plaats van te pogen die te overheersen.
In onze tijd hechten mensen waarde aan hun eigendommen en
de geneugten van het gerieflijke leven als een teken van hun
succes. Ze hebben auto's, huizen, geld, aandelen, vakantieverblijven
enzovoorts, en vragen zich waarom de Aarde zich tegen hen
keert.
We weten uit de mythologie dat 'vrede en welvaart' het kenmerk
van de Gouden Tijd waren. Het lijkt dat de status van een
individu werden afgemeten aan de kennis en de mate van verlichting,
getuige de hoge status van de bard, de verteller en de sjamaan.
Het lijkt er op alsof ze de nadruk legden op spiritualiteit
en liefde en respect voor de Natuur en de Kosmos, al was materieel
comfort zeker niet helemaal afwezig. Archeologische studies
hebben aangetoond dat ze een goed leven leidden, goed aten
en zeer geïnteresseerd waren in astronomie, wiskunde,
religie, en in staat waren luxegoederen te produceren en die
evenredig te verdelen. De kwaliteit en de kwantiteit van kunstige
juwelen die teruggaan tot in de vroegste oudheid zijn verbluffend.
De gemakken waarover de Cro-Magnon konden beschikken blijven
archeologen verbazen, en het is zeker dat ze zich omgaven
met geraffineerde en betoverende kunstvoorwerpen. Daarnaast
zijn er veel aanwijzingen dat onze voorouders in de Gouden
Tijd niet alleen een rijk en comfortabel leven leidden, maar
tevens langer leefden.
Tenslotte zou ik willen stellen dat de wetenschap - echte
wetenschap die er voldoende voor open staat om ook onze spirituele
realiteiten te onderzoeken - onze enige hoop is. Alleen middels
wetenschappelijk onderzoek hebben we de disjecta membra
van een verloren beschaving gevonden, een universele, prehistorische
kosmologie die duizenden jaren lang een Gouden Tijd in stand
heeft gehouden. We beschikken nog steeds over een deel van
de gedachten van en de verhalen over de aard en de herkomst
van de mens, die vroeger het geboorterecht van alle mensen,
overal op de planeet waren.
Als we erkennen dat het mogelijk is dat er bewuste krachten
betrokken waren bij de evolutie, dan zouden we ook kunnen
erkennen dat deze krachten talrijk en gevarieerd waren. Gezien
de enorme variëteit in de natuur kunnen we ervan uitgaan
dat er een even grote variëteit bestaat onder deze krachten.
Engelen en duivels zijn bekende klassieke ideeën die
vandaag de dag uit de mode zijn tussen de monotheïstische
Godsdiensten en de evolutieleer. Maar het bestaan van een
groot aantal spirituele krachten was het antwoord dat onze
oerouders formuleerden. Misschien hadden ze daarover net zozeer
gelijk, aangezien ze over zoveel andere zaken ook gelijk hadden?
Hier staan we dan, misschien aan de vooravond van een nieuwe
tijd, misschien zelfs wel een nieuwe Gouden Tijd. Het is moeilijk
om de werkelijke potentie van deze nieuwe tijd te doorgronden.
Ja, het is zeer waarschijnlijk dat de overgang gepaard zal
gaan met grote vernietiging en sterfte, maar zoals altijd
bij zulke gebeurtenissen zullen sommigen het overleven.
De oude verhalen van deze overlevenden hebben steeds dezelfde
overeenkomst: zij die de voortekenen herkenden en wisten wat
er komen ging waren voorbereid, precies zoals het was in de
dagen van Noah...
***
Redactie en vertaling uit het Engels
door Arjan Plantinga
|